Plus Reportage

In Den Haag is versterkte gebedsoproep moskeeën geen probleem

Ondanks bezwaren wil de Blauwe Moskee in Nieuw-West snel beginnen met de versterkte gebedsoproep. In Den Haag is het al vele jaren praktijk, vooral in wijken met veel moslims. ‘Die hebben geen bezwaar.’ 

De Turkse Mescidi Aksamoskee in de Wagenstraat in Den Haag. Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

Is het een zeldzaamheid? Gebeurt het bij een handjevol moskeeën of bij wel tien? In Den Haag bestaat verwarring over de vraag hoeveel moskeeën de oproep tot gebed met luidsprekers ­versterken.

PVV-raadslid Karen Gerbrands kan zich maar één geval uit de recente geschiedenis herinneren, waarover ze in 2016 raadsvragen stelde. “Ik heb geen signalen dat het hier structureel voorkomt. In ieder geval niet met geluidsoverlast. Bij mijn weten zijn er hier nooit aankondigingen gedaan zoals nu in Amsterdam met de Blauwe Moskee. Hier was het er ineens. En ineens was het weer weg, omdat er ophef ontstond.”

Een woordvoerder van het stadsbestuur meldt iets anders: voor zover bekend maken zeker vier Haagse moskeeën gebruik van speakers. Van ‘structurele overlast’ is niets bekend. In drie ­gevallen klinkt de versterkte oproep alleen voorafgaand aan het vrijdagmiddaggebed, het belangrijkste van de week. Bij moskee Mimar ­Sinan in de Schilderswijk klinkt de oproep twee keer per dag, aldus de woordvoerder.

Dat laatste weerspreekt Cihan Yildirim, in een Turks theehuis in de Schilderswijk. “Ik bid altijd in Mimar Sinan. Daar wordt de gebedsoproep alleen op vrijdag versterkt.”

En dan is er Arnoud van Doorn, raadslid van de Haagse Partij van de Eenheid en volgens de AIVD een van de omstreden personen rond het Amsterdamse islamitische Cornelius Haga ­Lyceum, waar hij vrijwilliger is. “De versterkte oproep klinkt bij minimaal zes moskeeën,” zegt hij. “Er zijn nog een paar kleine, waarvan ik het vermoed. Dan kom ik op een tiental.”

Luidsprekersinstallatie

De verwarring houdt misschien verband met de relatief lange geschiedenis in Den Haag van de versterkte azan, zoals de gebedsoproep wordt genoemd in het Arabisch. Hier verrees in 1955 de eerste moskee van Nederland, die was voorzien van een ‘luidsprekersinstallatie’, zo meldde Het Parool destijds. ‘Daar er in Nederland maar weinig Mohammedanen zijn, wil men ­deze oproep maar eenmaal per week doen,’ ­aldus het artikel.

Arnoud van Doorn verbaast zich over de ophef over het voornemen van de Blauwe Moskee om als eerste islamitisch gebedshuis in Amsterdam de versterkte azan te laten horen op vrijdag. “Amsterdam heeft een naam hoog te houden op het gebied van diversiteit en tolerantie. In Den Haag is er nauwelijks gedoe over. Al gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat het overwegend in multiculturele wijken gebeurt, waar veel moslims wonen. Die hebben geen bezwaar.”

Dat is bijvoorbeeld het geval bij de Marokkaanse El Islammoskee in de Schilderswijk, waar sinds 1997 één keer per week gedurende een paar minuten de versterkte oproep klinkt. In het theehuis er pal tegenover vinden ze het prima. “Er zijn grotere problemen in de wereld,” meent de Turkse Koerd Dinar Ince. “IS, dat is pas een probleem.”

“Ik heb meer last van een passerende scooter of auto,” valt Cihan Yildirim hem bij.

Een stukje verderop, bij de Turkse Mescidi Aksamoskee in de Wagenstraat, kijken sommigen er anders tegenaan. De bevolkingssamenstelling in dit deel van de stad, Chinatown genaamd, is ook anders. Hier komen wekelijks zo’n 1200 mannen en enkele tientallen vrouwen naar het vrijdagmiddaggebed. Rond half één klinkt de gebedsoproep door de luidsprekers aan een van de minaretten. Een enkele passant houdt verbaasd stil. “Dit klinkt niet als Chinatown,” zegt een voorbijgangster.

Volumeknop

Voor Jacques van Beek (67) is het routine. Zo gaat het iedere vrijdag sinds de jaren tachtig. Hij heeft de opening van de moskee in 1979 nog meegemaakt vanuit zijn postzegelhandel ernaast. “Prima buren, alles gaat in goed overleg. Maar die oproep mag van mij wel wat minder hard. Ik heb het idee dat de volumeknop de laatste paar jaar ietsje hoger staat.”

“Het was vandaag een stukje zachter dan normaal,” meent Van Beek. “Ik denk omdat ze wisten dat een journalist van Het Parool langs zou komen.”

Het moskeebestuur is zich van geen kwaad ­bewust. Sterker nog, volgens voorzitter Ugur Erel is in 2016 na overleg met de wethouder, aangezwengeld door vragen van de PVV, het volume ‘een tikkie omlaag’ gegaan. “We hebben toestemming het drie keer per dag te doen, dus 21 keer per week. Maar we doen het alleen op vrijdag­middag. We willen geen overlast veroorzaken.”

Tegenover de moskee staat een pand met ­enkele tientallen appartementen voor vooral ouderen. Een 77-jarige Hagenaar die zijn hondje uitlaat en niet met zijn naam in de krant wil, zegt geen last te hebben van de oproep. “Ze zingen maar een end weg. Maar het zou lekker zijn als ze het in hun eigen land doen.”

Een passerende vrouw met een rollator, die zich bekendmaakt als mevrouw Heemskerk, vindt het ook geen issue. “Je hebt hier dubbele ramen, dus je hoort er weinig van. En als je het wel hoort, is het van: oh ja, het is alweer vrijdag.”

Een andere bewoonster heeft het over ‘dat ­gejengel’ dat ze al jaren moet aanhoren. “De ene keer vind ik het vervelender dan de andere. Het hangt af van m’n humeur.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden