Plus Achtergrond

In de ban van telepaat Eugène de Rubini

Een eeuw geleden was Amsterdam in de ban van de Oost-Europese telepaat Eugène de Rubini. Slaapdronken wankelde het medium over theaterpodia, in de gaten gehouden door wetenschappers en journalisten die zijn geheim probeerden te ontrafelen.

Eugene de Rubini geeft in 1919 per taxi een telepathische demonstratie door Amsterdam. Beeld Hollandse Hoogte / Spaarnestad Photo

Het is vrijdag 6 juni 1919, een druilerige dag, iets voor drie uur ’s middags. In Café Américain staan tientallen genodigden – journalisten, academici, medici en andere notabelen – te wachten op het optreden van een telepaat uit Wenen. 

De gasten krijgen een gedrukt velletje instructies uitgereikt. ‘Telepathie is geen gedachtenlezen,’ staat er, ‘maar het vermogen een opdracht uit te voeren die iemand slechts in gedachten geeft.’ 

Nadere uitleg komt van de impresario, Heinrich Lauterstein, een jonge, energieke vent met een onaangename, snerpende stem. De telepaat, vertelt hij in een mengelmoesje van Duits en diverse dialecten, zal zo dadelijk ‘in volkomen passieve toestand’ opdrachten van het publiek uitvoeren.

Een willekeurige persoon uit de zaal zal hem daarbij ­leiden, enkel en alleen door aan de opdracht te denken. Ook het ‘comité van controle’ wordt aan het publiek voorgesteld. Hollandse geleerden van naam en faam en enkele journalisten gaan erop toezien dat alles volgens de strenge regels der wetenschap verloopt. Aan het hoofd staat professor Koos van Rees, histoloog en ­behalve hoogleraar ook christen-anarchist, ­geheelonthouder en humanist. Hij is zo ruim van geest dat hij zich wel aan dit avontuur durft te verbinden.

Op het toneel verschijnt een tengere, bleke man, 27 jaar oud pas. Met zijn ‘sensuele lippen, hoge jukbenen en met fluweel omfloerste ogen’ is hij een betoverende verschijning. Als een slaapwandelaar staat Eugène de Rubini op de bühne, zwijgend verzonken in zijn eigen vergeestelijkte wereld, klaar voor zijn ‘experiment in het gebied der hogere metafysica’. Hij is proefleider en proefpersoon ineen.

Zoekend, nerveus tastend, ‘alsof een onrustige kracht hem plotseling voortstuwt’, gaat hij dwars door de rijen, soms weifelend, dan weer vastberaden. Hij stopt plotseling ergens en wijst met absolute zekerheid een eerder verstopt ­object aan, een krant, een horloge, een stel listig verborgen spelden. Het publiek is verbluft en ook het controlecomité moet toegeven: bedrog lijkt uitgesloten.

Controverse

Niemand begrijpt wat zich zojuist voor hun ogen heeft afgespeeld. Israël Zeehandelaar ­oppert in het Algemeen Handelsblad dat De ­Rubini minie­me spiersignalen oppikt, die de meeste mensen ontgaan, maar hem belangrijke informatie verschaffen. 

De ‘spierleeshypothese’ maakt verhitte discussies los tussen voor- en tegenstanders. Sommigen vinden het al knap als de telepaat alleen maar hypersensitief zou zijn, anderen vermoeden bedrog. Het woord ‘pseudotelepaat’ valt. Vanachter half geloken oogleden heeft De Rubini bijzonder goed in de gaten wat er allemaal om hem heen voorvalt, oppert de een. Misschien fluistert de impresario hem wel opdrachten in, veronderstelt een ander. De controverse doet de zaak bepaald goed.

In Café Américain heeft het controlecomité ook een geheime opdracht voorbereid, die in een verzegelde enveloppe ter bewaring is afgegeven. Aan De Rubini de taak om de opdracht ‘ergens in Amsterdam’ te vervullen zoals is ­beschreven. Het gezelschap verlaat de zaal en stapt in een tiental gereedstaande taxi’s. De ­Rubini staat in avondkostuum, blootshoofds, naast de chauffeur, hij wijst naar voren als een veldheer. De stoet trekt kriskras door de stad.

Soms wordt haltgehouden als de telepaat de weg even kwijt is en dan dromt een meute toeschouwers om hem heen. Terug in het Américain wordt de verzegelde enveloppe open­gescheurd en de inhoud voorgelezen. En verdraaid, de instructies komen vrijwel geheel overeen met de taken die De Rubini onderweg heeft uitgevoerd. 

De toertocht door Amsterdam is niet alleen als telepathische demonstratie geslaagd, maar ook als reclamestunt, want het bravourestukje wordt nog tweemaal herhaald. 

De Rubini is zo succesvol dat hij in een maand tijd vier keer in een uitverkocht Concertgebouw staat. Er wordt gevochten om toegangskaartjes, sommigen hebben er vijf uur wachten in de rij voor over. Na Amsterdam volgen optredens door het land. Het ‘rubinisme’ waart door ­Nederland en blijkt aanstekelijk. Al in juli duiken er navolgers op, met artiestennamen als Morini of Jansini. De Rubini slaat in augustus de Haagse Hetty aan de haak. 

De huwelijks­voltrekking wordt massaal bezocht en brengt nieuwe feiten aan het licht. Eugène de Rubini blijkt in werkelijkheid Evren Plachy te heten, geboren in 1891 in een gehucht even buiten Brno, Moravië. Hij belandde op jonge leeftijd als wees in het circus en tijdens de Eerste Wereldoorlog diende hij in het Oostenrijks-Hongaarse leger, waar hij zijn gaven ontdekte. In 1915 werd hij krijgsgevangen gemaakt door de Russen.

Sumatra

Nu is het 1919 en het geluk lacht hem toe. Hij heeft grote toekomstplannen: samen met zijn Hollandse bruid wil hij naar Nederlands-Indië afreizen. Eind november arriveren ze per boot in Sumatra, waar De Rubini meteen weer begint met zijn telepathische voorstellingen.

Psycholoog Jaap Bos en historicus Friso Hoeneveld, beiden verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Universiteit van Utrecht, werken aan een boek over De Rubini. In het september­nummer van ‘Ons Amsterdam’ staat een uitgebreide versie van dit artikel: onsamsterdam.nl.

Ouderwets avondje griezelen

 Eugène de Rubini schonk zijn publiek een ouderwets avondje griezelen, overgoten met een vleugje oosterse mystiek en net genoeg ­wetenschappelijke schijn om er een modern tintje aan te geven. Hij was geen oplichter en geen goeroe en als hij al wetenschappelijke pretenties had, dan waren die ­lachwekkend naïef. 

“Doe nooit alsof je beschikt over bovennatuurlijke krachten,” adviseerde Houdini hem. De Rubini antwoordde: “Ik heb nooit beweerd over ​bovennatuurlijke krachten te ­beschikken. Alles wat ik doe, bereik ik langs natuurlijke weg.”

De Rubini overleed in 1964 in de Verenigde Staten, ­eenzaam en berooid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden