PlusReportage

In crisiscentrum de Stopera passeren ongekende maatregelen de revue

Burgemeester Halsema op werkbezoek bij de Dienst Handhaving, Daniël Goedkoopstraat.Beeld Eva Plevier

Voor de aanpak van het coronavirus is het Amsterdamse stadhuis veranderd in een commandocentrum. Van noodbevelen en boetes tot auto’s met luidsprekers, en als het moet drones – geen middel blijft onbesproken.

Veertig pagina’s dik is het rapport dat burgemeester Femke Halsema elke dag kort na de lunch in haar inbox vindt. Het situatierapport wordt het genoemd, met alles wat er het afgelopen etmaal is gebeurd in de stad, uitgesplitst per stadsdeel of onderwerp. Strenge maatregelen zoals die door Den Haag bijna wekelijks worden ­afgekondigd zijn mooi, maar aan de uitvoering hebben de 25 burgemeesters in veiligheids­regio’s dag en nacht hun handen vol.

De bestrijding van het coronavirus loopt via de veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland, waar in crisistijd ook plaatsen als Diemen en Amstelveen onder vallen. Dit is nu het hoogste gezagsorgaan, met de burgemeester van Amsterdam als voorzitter die de besluiten neemt.

Rondom Halsema is een crisisorganisatie opgetuigd die de regio in de gaten houdt, feiten en vragen verzamelt en besluiten voorbereidt die nog dezelfde dag kunnen worden uitgevoerd. Grip-4, een van de hoogste crisisniveaus, zorgt dat het besturen veel sneller gaat dan normaal.

Samen met de politie, de afdeling Openbare Orde & Veiligheid, het OM en de ‘witte kolom’ (GGD, ziekenhuizen, zorginstellingen) stuurt deze ­organisatie een leger van duizenden po­litieagenten, zorgpersoneel, handhavers en straatcoaches aan. De stad in crisis begint steeds normaler te worden.

MAANDAG

In de Willem Kraanzaal, een ruimte in de Stopera die normaal gesproken voor raadsvergaderingen wordt gebruikt, zitten alle bestuurders en veiligheidsfunctionarissen uit de regio ­Amsterdam om tafel. Halsema en Tijs van ­Lieshout, commandant van de Amsterdamse brandweer en in die hoedanigheid Veiligheidsregiodirecteur, praten de andere burgemeesters bij over wat er in hun gemeentes gebeurt. Hal­sema loopt de actiepunten langs. Ongekende maatregelen passeren de revue, die in normale tijden opzienbarend zouden zijn, maar nu gewoon klinken.

“Het noodbevel om beademingsapparaten van privéklinieken te vorderen ligt klaar, moet ik al tekenen?” vraagt Halsema aan Jan Woldman, de directeur publieke gezondheid van de GGD. Hij meldt dat de meeste klinieken hun spullen inmiddels hebben overgedragen. Dreigen met dwang is niet nodig.

Dat de bijeenkomst plaatsvindt in deze grote zaal illustreert het verschil tussen de draaiboeken en de realiteit van een ramp. De reguliere vergaderruimte voor dit soort bijeenkomsten is veel krapper. Hoe minder mensen aan tafel, des te minder geklets en hoe sneller de besluit­vorming. Maar in de coronacrisis is afstand houden het belangrijkste. Vandaar dat er nu ambtenaren zitten te werken in de splinternieuwe crisisvergaderzaal en het bestuur uitwijkt naar de reguliere, ruimere, faciliteiten.

Achter in de zaal zit een hoge militair van de Regionaal Militair Commandant van Amsterdam. Met zonnige, drukke dagen in aantocht wordt alles uit de kast gehaald om mensen afstand te laten houden. Er ligt een scenario om via drones mensen op drukke plekken op te roepen zich zo veel mogelijk te verspreiden. Maar dat kan alleen met defensiematerieel.

Crisisoverleg in de Willem Kraanzaal.Beeld Eva Plevier

In het overleg wordt al snel duidelijk dat de maatregelen goed worden nageleefd, het probleem zit vooral bij tieners. Die snappen de ernst nog niet echt, maar zijn wel bijdehand ­genoeg om te doen wat ze zelf willen.

Vooral rond voetbalpleinen is het veel te druk, concluderen handhavers en straatcoaches. En ook avondwinkels worden hotspots nu de horeca gesloten is.

Van Lieshout, die ook de voorman is van de club van 25 Nederlandse veiligheidsregio’s, ­vergadert mee, maar blijft ondertussen op zijn telefoon werken. “Whatsapp komt in geen enkel draaiboek voor, maar het is wel verdraaid handig om elkaar niet elke keer te hoeven zien,” zegt hij lachend. “Ik zit nu in 25 coronagroepen en er dreigt soms ‘management by Whatsapp’ te ontstaan. We stappen over op veiliger alternatieven zoals Signal.”

DINSDAG

Op de eerste verdieping van het stadhuis klinkt geroezemoes. Een paar weken geleden hadden honderden ambtenaren hier in deze kantoortuin hun flexwerkplek, maar op 27 februari, de dag dat de eerste coronabesmetting in Diemen bekend werd, moesten zij hun spullen pakken. De ‘rodeknopprocedure’ werd gestart, schermen aan de muur sprongen aan en beveiligers namen in de loge plaats om de ruimte af te schermen.

Sindsdien is deze verdieping het commandocentrum van de crisisaanpak, waar in een haast militaire structuur met ongeveer 200 ambte­naren direct wordt gereageerd op de situatie in de stad. Er hangen grote schermen vol stipjes waarop alle meldingen van handhavers, agenten en straatcoaches worden bijgehouden. ­Camera’s houden de drukke plekken in de ­gaten. Niet de Dam of de Wallen, die zijn nu uitgestorven, maar wel sportvelden of bijvoorbeeld de kruising tussen de Stadhouderskade en de Kinkerstraat, waar fietsers zich in de spits soms ophopen.

Halsema krijgt uitleg over de werkwijze van de straatcoaches.Beeld Eva Plevier

Vanwege het mooie weer zijn veel jongeren buiten, op plekken waar geen camera’s zijn. ­Experts adviseren de plekken waar tieners samenklitten in beeld te brengen, zodat de drukte rechtstreeks in de gaten kan worden gehouden. Tussen het tekenen van het besluit om op drie plekken camera’s bij te plaatsen en de bekendmaking zit een uur.

Er zijn meer mogelijkheden. Er staan auto’s met luidsprekers klaar om op drukke plekken groepen mensen te gelasten uit elkaar te gaan, de spreekteksten zijn zelfs al uitgeschreven. Er zijn opladers met dranghekken, inclusief personeel, om snel locaties te kunnen afzetten. Zelfs een lokale variant van een NL-alert is mogelijk, waarbij alle ontvangers binnen het bereik van een 3G-zendmast een bericht krijgen. Van Lieshout: “We zijn op alles voorbereid. Nu maar hopen dat we het niet hoeven inzetten.”

WOENSDAG

“Hier spreekt Femke Halsema, jullie burgemeester. Ik weet dat jullie bezorgd zijn om je dierbaren thuis, maar desondanks elke dag voor ons de straat opgaan. Dankzij jullie blijft de stad gezond. Enorm bedankt!” Tientallen koppels handhavers die op dat moment in de stad zijn, krijgen zo via hun portofoon een hart onder de riem gestoken. Handhavers moeten Amsterdammers aanspreken op het houden van afstand en dat is een ondankbare taak, zo is Hal­sema duidelijk gemaakt tijdens een bezoek aan het hoofdkantoor in de Daniël Goedkoopstraat.

Burgemeester Halsema spreekt een boodschap in aan alle handhavers.Beeld Eva Plevier

Een kwart van de collega’s zit met ziekte­verschijnselen thuis. En de handhavers die wel werken, kunnen zich nauwelijks beschermen tegen verwarde of vervelende mensen die geen afstand willen houden als ze op straat worden aangesproken. Ze hebben immers geen verdedigingsmiddelen. “Ik word deze tijd regelmatig voor NSB’er uitgescholden,” zegt een jonge handhaver tegen Halsema. “Mensen snappen de afstandsregels niet altijd. Nu het grimmiger begint te worden, zijn wij de zondebok.”

Diverse handhavers dringen er bij Halsema op aan het Vondelpark te sluiten. Het wordt er, zeggen ze, elke dag drukker, en mensen passeren elkaar rakelings bij het sporten en wandelen. Halsema belooft ernaar te kijken. “Als het moet, sluiten we het.”

DONDERDAG

In Diemen is door handhavers de eerste boete uitgedeeld in het kader van de noodverordening, à 390 euro. Ook Amsterdamse handhavers zullen dit weekend boetes uitdelen als mensen de aanwijzingen om afstand te houden niet opvolgen, hoe lekker het zonnetje ook schijnt.

Opnieuw komen alle bestuurders en eindverantwoordelijken van de hulpdiensten bij elkaar. “Iedereen houdt zijn hart vast voor komend weekend,” zegt Halsema. “Het zwaartepunt van de handhaving ligt bij de politie, en gelukkig hebben we politiechef Frank Paauw ook al horen waarschuwen. Er zal beboet worden!”

De regels worden vastgesteld die gelden bij de typische buitenactiviteiten tijdens een zonnig weekend: ook voor wielergroepjes langs de ­Amstel en plezierschippers op de grachten is komend weekend geen coulance. En ook in het Vondelpark, Rembrandtpark, Ooster- en Noorderpark wordt de hoeveelheid bezoekers aan banden gelegd.

VRIJDAG

In interviews en haar wekelijkse vragenuur bij AT5 probeert burgemeester Halsema de stad op het hart te drukken ook komend weekend zo veel mogelijk binnen te blijven. Maar een totale lockdown, daar is ze niet voor. “We willen de mensen niet volledig opsluiten in hun huizen. Elders in het land hebben mensen nog tuinen, hier delen we de groene ruimte. We doen onze parken dus niet zomaar helemaal dicht.”

Maar net als de verspreiding van het virus is het gedrag van mensen moeilijk voorspelbaar. “Hier zijn geen modellen voor. We moeten naar de werkelijkheid kijken en die moeten we ­managen,” zegt Jan Woldman van de GGD. “Als ­bestuurder wil je voorspelbaarheid, maar die luxe hebben we nu niet. Dat kan een gevoel van onmacht geven.”

Even na twaalven krijgt burgemeester Halsema het nieuwe situatierapport in de mail. Het aantal pagina’s: 72.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden