PlusReportage

‘Ik kom terug. Ik maak je af’: OLVG zucht onder coronageweld

Nu de spoed­eisende hulp steeds drukker wordt, vieren frustratie en onbegrip hoogtij. Ook bij het OLVG in Amsterdam. ‘Een patiënt trok het infuus eruit en smeet het naar me toe.’

Geweld tegen verpleegkundigen tijdens corona.Beeld Rosa Snijders

Met een locatie in de binnenstad en vaak veel dronkaards en drugsgebruikers op de eerste hulp zijn ze bij het OLVG heus wel wat gewend. Een dronken patiënt die het personeel uitkaffert, is óók inspannend, zegt spoedeisendehulpverpleegkundige Kitty Engel. “Maar dan denk ik toch: het komt door de alcohol. Dat doet me dan minder.”

‘Coronageweld’ is anders. Het ‘verzachtende’ excuus van de drank en drugs is er niet meer. De agressiviteit is directer, persoonlijker. “Dit is echt gericht op jou, omdat je niet sneller kunt of omdat je in hun ogen niet je best doet.”

Ziekenfonds

Na de zomer was er al sprake van afnemend geduld en meer discussie, maar nu de spoedeisende hulp volloopt met covidpatiënten en de wachttijd voor minder urgente klachten groeit, nemen ook de agressie en het geweld toe, zegt Engel. “We hadden drie grote incidenten vorig weekend. Dat is normaal echt niet zo.”

Alle welbekende scheldwoorden, inclusief verwijzingen naar dodelijke ziektes en genitaliën komen voor bij. “Wat we ook naar ons hoofd krijgen geslingerd is: ‘Ik betaal ziekenfonds dus jij moet maar een stapje harder lopen’. Je wordt dus ook gekleineerd.”

Soms zijn er ook doods­bedreigingen – ‘Ik schiet je neer’ of ‘Ik kom terug. Ik maak je af’.

Cijfers zijn er nog niet, maar overal in het land spreken zorgverleners van meer agressie. Verschillende ziekenhuizen, maar ook teststraten zoals die in Zaanstad, huren extra beveiliging in. Zorgvakbond NU’91 kreeg bij een recente enquête onder 1200 leden terug dat in coronatijd 60 procent van de ondervraagde zorgverleners meer agressie ervaart. Een kwart maakt melding van dreigementen en fysiek geweld.

Het is op alle fronten anders dan tijdens de eerste golf, zegt Ilse van Stijn, intensivist en voorzitter van de medische staf van het OLVG. “Toen waren er veel minder patiënten en bezoekers in het ziekenhuis, omdat de reguliere zorg was afgeschaald. Nu willen we juist dat die gewone zorg zo veel mogelijk doorgaat.”

Dat moet wel coronaproof. Om de drukte te beperken, zijn er regels. Bijvoorbeeld: naar een afspraak op de poli kom je alleen. Er zijn uitzonderingen voor patiënten die begeleiding nodig hebben, zoals kinderen of ouderen die slecht ter been zijn. “Toch komt het geregeld voor dat mensen met zijn drieën of zelfs met zijn vieren komen,” zegt Van Stijn. “Dan krijgen ze van onze medewerkers te horen dat alleen de patiënt naar binnen mag. De rest moet buiten wachten.” De meeste mensen tonen begrip, maar vaker dan je lief is, gaat iemand uit zijn plaat.

Uitbehandeld

Dat is een ander opvallend verschil met de eerste golf: het korte lontje, de frustratie en het onbegrip. Van Stijn kan zich daar nog wel iets bij voorstellen ook. “Onze medewerkers zijn ook gewoon mensen die graag op vakantie gaan of leuke dingen willen doen. De maatregelen zijn voor iedereen frustrerend, ook voor ons. Maar agressie is nooit goed te praten.”

Laatst volgden de incidenten elkaar snel op. Eerst was er een ‘gewone’ scheldpartij. Daarna weigerde een uitbehandelde patiënt de spoedeisendehulpafdeling (SEH) te verlaten. “De patiënt wilde het infuus er niet uit laten halen, was verbaal agressief en wilde dezelfde dag een vervolgafspraak. We hebben na lang praten de bewaking erbij gehaald, die er ook nog anderhalf uur druk mee was.”

Even later sloegen de stoppen bij iemand anders door. “Die patiënt verbouwde de wachtkamer en schreeuwde dingen als: ‘Ik steek je neer’. Op dat moment dacht ik: ‘Dit zijn jouw woorden, ze doen me niet zo veel’. Maar een dag later keek ik de beelden terug en moest ik echt even gaan zitten. Alsof ik het niet echt had meegemaakt.”

Huilende collega’s

Engel maakt zich grote zorgen over het effect van dit alles op haar team, zeker nu iedereen toch al moe en zwaar belast is. Het is namelijk ook nog eens heel erg druk op de SEH met covidpatiënten, die veel aandacht vergen. Engel vreest voor het welzijn van haar jongere collega’s. “Ik heb collega’s in huilen zien uitbarsten.”

Volgens Engel heeft het OLVG een goed vangnet van zogenoemd peer support – waarbij een zorgmedewerker die iets naars heeft meegemaakt door collega’s wordt opgevangen. Ook de psychiater komt geregeld in de koffiekamer zitten, om de medewerkers te steunen waar nodig.

Volgens Van Stijn zoekt het ziekenhuis doorlopend naar manieren om dit probleem te verlichten. Zo zijn er nu meer bewakers in huis en wordt er telkens opnieuw gekeken of de communicatie naar patiënten voor verbetering vatbaar is. Van Stijn: “Zo krijgen covidpatiënten bij binnenkomst op de spoedeisende hulp al een brief waarin staat dat ze mogelijk naar een ander ziekenhuis worden overgeplaatst.”

Tijdens de eerste covidgolf, toen de spandoeken voor ‘onze helden’ in de stad hingen, dacht Engel nog dat alles anders zou worden, het zorgpersoneel de waardering zou krijgen die het verdient en dat er een heleboel verpleegkundigen bij zouden komen. De koude douche kwam niet veel later. “Een patiënt trok het infuus eruit en smeet het naar me toe. Had ik maar sneller moeten komen. Oké, dacht ik toen, er is niets veranderd.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden