PlusAchtergrond

IJburg wil het weten: hoe schadelijk zijn die modieuze houtkachels?

Houtkachels en open haarden blijken een grote bron van luchtvervuiling. Nieuw onderzoek op IJburg moet uitwijzen of de gezondheid van omwonenden daaronder lijdt.

De beloofde schone lucht op IJburg heeft te lijden onder modieuze houtstook. Beeld Jakob van Vliet
De beloofde schone lucht op IJburg heeft te lijden onder modieuze houtstook.Beeld Jakob van Vliet

Als haar kinderen op IJburg buiten hebben gespeeld, ruikt Maaike Aarts de houtstookwalm in hun haren. Nog vervelender: ze moet in haar huis niet de hele dag de slaapkamerramen open laten staan. “Dan liggen we ’s nachts in de rook.”

Gezondheidsklachten heeft ze niet, ergernis en zorgen wel. Of het nou buren zijn die stoken of dat de rook van verder weg komt, het blijft op Steigereiland een raadsel. “Ik hou niet van verbieden,” zegt Aarts. “Maar dat ze niet doorhebben dat dit voor de gezondheid niet zo goed is. Je ruikt het de hele tijd.”

Wethouder Egbert de Vries (Luchtkwaliteit) broedt op maatregelen tegen houtkachels en open haarden. Dat juist vanaf IJburg veel klachten komen lijkt merkwaardig, want deze jonge wijk is aangesloten op stadsverwarming. “Het is allemaal voor de sier en gezelligheid,” zegt een andere moeder die anoniem wil blijven omdat ze geen ruzie wil met buren over de haarden. “Dit is supertaboe. Je komt aan hun privéleven. Maar in een woonwijk kan je dit gewoon niet maken, een beetje mekaar vergiftigen.”

Uit onderzoek dat tot deze week duurt moet blijken wat de impact op de gezondheid is van luchtvervuiling door houtstook. IJburger Hilène Richel werkt aan de metingen mee. De hele winter heeft ze thuis elke ochtend en elke avond een blaastest gedaan. “Eerst inademen en dan heel diep uitademen, liefst zodra je opgestaan bent.” Een dag van de week verwachten de onderzoekers dan ook nog drie speekselmonsters. Daaruit wordt later vastgesteld hoeveel van het stresshormoon cortisol in haar speeksel zit.

Door een rietje ademen

Richel verwacht bij zichzelf weinig impact. “Ik loop zo de trap op naar zeshoog.” Zij heeft geen luchtwegklachten, gelukkig. Door haar werk als wijkverpleegkundige kent ze wel mensen met zo’n aandoening. “Ik weet hoe erg het is om als het ware door een rietje te ademen.” Daarom werkt ze graag mee aan het onderzoek. “Ik hoop dat het keiharde feiten oplevert. Die open haarden en barbecues, het is voor de fun, hè.”

Tweemaal daags deed Hilène Richel de blaastest. Beeld Jakob van Vliet
Tweemaal daags deed Hilène Richel de blaastest.Beeld Jakob van Vliet

Deze vorm van ‘burgerwetenschap’ is onderdeel van een grotere studie van de Universiteit Utrecht, de Amsterdamse GGD, RIVM en TNO waar op IJburg, in Zutphen, Bergen en Utrecht in totaal vijftig burgers aan meedoen. Het onderzoek is een reactie op de discussie die op verschillende plekken in het land is ontstaan tussen mensen die graag een haardvuur branden en buurtbewoners die last hebben van de rook.

Op IJburg was veel animo voor het onderzoek, zegt Fleur Froeling van de Universiteit Utrecht. “Omdat het zo speelt.” Met bewoners samen is de richting van het onderzoek bepaald en zijn de onderzoeksvragen opgesteld. Een voordeel van burgerwetenschap: tijdens de coronalockdown kon het onderzoek gewoon doorgaan. Via een beeldverbinding keken de onderzoekers soms mee of de blaastest op de juiste manier werd gedaan.

“We beantwoorden vragen die bij mensen leven,” zegt Froeling. “Maar samen, zodat het ook wordt vertrouwd door de wetenschap en de deelnemers zelf.”

Uit de blaastests en de speekselmonsters moet blijken of er meer gezondheidsklachten zijn op dagen met meer houtrook in de lucht. Daarom staat in de wijk ook een meetauto van de GGD. Wel blijkt hieruit meteen dat het alleen gaat om de onmiddellijke gezondheidseffecten. Gezondheidsschade die optreedt op lange termijn blijft uit beeld.

Luchtsensoren

De hoeveelheid houtrook in de lucht wordt in de meetwagen vastgesteld door de hoeveelheid levoglucosan tussen het fijnstof te meten. Dat is een stof die specifiek vrijkomt bij de verbranding van hout, legt Dave de Jonge van de GGD uit. Hij heeft in de meetauto nog verschillende andere meetinstrumenten. De studie op IJburg is ook een kans om apparaten te testen die de GGD heeft aangeschaft voor het meten van dieseluitstoot; kunnen ze ook iets met houtrook?

Tegelijk kan blijken hoe degelijk de metingen zijn door goedkope luchtsensoren die bezorgde omwonenden van houtkachels en drukke straten zelf aanschaffen bij de Chinese webwinkel AliExpress. “Die zijn hip en happening, maar er zijn nauwelijks regels voor,” zegt De Jonge. Intussen is al wel bekend dat dit soort sensoren minder goed uit te voeten kunnen met roet, omdat die deeltjes zo minuscuul klein zijn. Als het gaat om grotere fijnstofdeeltjes zijn ze gevoelig voor vocht.

Wel levert het meteen nieuwe mogelijkheden op voor onderzoek als buurtbewoners met hun eigen meetinstrumenten aan de slag kunnen. Opnieuw: burgerwetenschap.

Dicht op elkaar

Wethouder Egbert de Vries (Luchtkwaliteit) overweegt maatregelen tegen houtkachels en open haarden. Een verbod is niet uitgesloten, zei hij onlangs. De Vries reageerde op nieuwe gegevens over houtstook als bron van fijnstof. Ook komen steeds vaker klachten van omwonenden, in Amsterdam vooral op IJburg.

Waarom juist hier zoveel klachten opkomen? Verschillende soorten woningen dicht op elkaar kan een deel van de verklaring zijn, zegt Fleur Froeling van de Universiteit Utrecht. De villa’s op de Riet­eilanden komen met hun schoorsteen niet hoger dan de appartementencomplexen verderop.

Ook is mogelijk dat Amsterdammers met luchtwegklachten uit voorzorg op het winderige en met stadsverwarming uitgeruste IJburg zijn gaan wonen, om later te ontdekken dat houtkachels modieus of zelfs duurzaam waren geworden. Dan komt terug wat in oudere delen van de stad gewoner is: straten of woonboten die zijn aangewezen op kachels gestookt op gas of hout.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden