Plus Achtergrond

Hulp bij obese kinderen werkt. Maar wie gaat dat betalen?

Een begeleider voor kinderen met obesitas en hun ouders helpt tegen overgewicht, dat toont een Amsterdams experiment aan. Te zware jongeren in de stad (18,7 procent) kunnen wel wat hulp gebruiken, maar de bekostiging is een probleem.

De verleiding van het zoveelste frietje kunnen weerstaan is een van de doelen bij het bestrijden van zwaarlijvigheid en obesitas. Beeld Getty Images

1. Waarom is overgewicht bij kinderen een ­probleem?

Wie als kind te zwaar is, is dat als volwassene vaak ook. Zwaarlijvigheid betekent een grotere kans op tal van lichamelijke aandoeningen: diabetes type 2, hart- en vaatziekten en dikkedarmkanker. “Daarnaast hebben mensen met obesitas vaak te maken met discriminatie en stigmatisering, wat een negatief effect kan hebben op hun welbevinden,” zegt Jaap Seidell, gezondheids­wetenschapper en voedingsdeskundige.

Er is een verschil tussen kinderen met over­gewicht en obesitas. Overgewicht vormt een gevaar voor de lange termijn, terwijl obesitas leidt tot direct gezondheidsgevaar. Ongeveer een kwart van de zwaarlijvige kinderen in Amsterdam is obees. Obesitas leidt gemiddeld tot 36 procent meer zorgkosten, volgens Brits onderzoek.

2. Wat doet Amsterdam om zwaarlijvigheid bij kinderen tegen te gaan?

De gemeente propageert onder meer op scholen een betere leefwijze: gezond eten en veel bewe­gen. Die aanpak loopt echter tegen grenzen aan. Het percentage kinderen in de leeftijd tot 19 jaar met overgewicht en obesitas is in Amsterdam teruggelopen van 21 naar 18,7, maar die daling stokt nu.

Eerder pleitte wethouder Simone Kukenheim (Jeugdzorg) al voor strengere maatregelen door de centrale overheid om het probleem te bestrijden. Zij wil dat ‘Den Haag’ de voedingsmiddelenindustrie duidelijke normen stelt voor de vermindering van suiker, zout en vetten. Er moeten boetes komen op kindermarketing voor ongezond voedsel en het moet sneller duidelijk worden dat begeleiding van gezinnen bij het ontwikkelen van een gezonde leefstijl onder de zorgverzekering valt. Die begeleiding is effectief, toont een recente Amsterdamse studie.

3. Wat heeft die studie onderzocht?

Er is gekeken of het aanwijzen van een begeleider ofwel ‘centrale zorgverlener’ obesitas bij kinderen kan verminderen. Zo’n centrale zorgverlener is een jeugdverpleegkundige die contact heeft met het kind, de ouders en andere zorgverleners: een fysiotherapeut, diëtist of gezinscoach. Naast fysieke problemen spelen vaak andere kwesties bij kinderen met obesitas, zoals emotionele problemen of schulden in het gezin. De centrale zorgverlener begeleidt het gezin en coördineert de zorg, maar verleent zelf geen zorg. Het gaat om een regiefunctie.

In een driejarig experiment bij 2000 Amsterdamse kinderen met obesitas is gebleken dat een centrale zorgverlener effectief is bij 84 procent van de deelnemers. Het leidde tot een verschuiving naar een gezonder gewicht (30 procent) of een stabilisatie (54 procent) in gewicht. Gewichtsbehoud bij kinderen in de groei geldt als succes: wie langer wordt, maar niet zwaarder, wordt feitelijk slanker.

4. Wat kost zo’n centrale zorgverlener?

Per gezin kostte dat tijdens de proef 1500 euro voor een periode van drie jaar, laat een woordvoerder van Zilveren Kruis weten. De zorgverzekeraar en de gemeente voerden het experiment samen uit. De Amsterdamse studie maakt deel uit van een brede landelijke aanpak onder de vlag van Care for Obesity. Ook in bijvoorbeeld Den Bosch, Maastricht, Almere en Zaanstad lopen soortgelijke projecten.

Care for Obesity is een initiatief van de VU-wetenschappers Jutka Halberstadt en Seidell. Met een succespercentage van 84 procent is het experiment in Amsterdam een geschikt middel gebleken om obesitas en overgewicht te bestrijden. In de stad wonen zo’n 25.000 kinderen met overgewicht en obesitas.

5. Waarom wordt de centrale zorgverlener nog niet massaal ingezet?

Omdat de kosten niet worden vergoed door de zorgverzekeringen, buigt het Zorginstituut Nederland zich nu over de vraag waar het geld vandaan moet komen. “Er lopen overal in Nederland projecten die lijken op het Amsterdamse initiatief met de centrale zorgverlener,” zegt een woordvoerder van het Zorginstituut Nederland (ZIN). “Wij onderzoeken of die taken allemaal onder dezelfde noemer kunnen vallen en of deze taken onder de zorgverzekering kunnen komen.”

Iets soortgelijks gebeurde eerder bij de bestrijding van obesitas bij volwassenen. Sinds dit jaar kunnen volwassenen met overgewicht door de huisarts worden doorverwezen voor een zogenoemde gecombineerde leefstijlinterventie. Dergelijke ondersteuning moet niet alleen kortstondig leiden tot een beter voedingspatroon en meer bewegen, maar tot een gedragsverandering die jaren beklijft. Het ZIN hoopt binnen een jaar antwoord te geven op de vraag of de centrale zorgverlener voor kinderen met obesitas onder de basisverzekering komt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden