Plus Interview

Horeca Nederland: ‘Betrek horeca bij drukteplan’

Drukte in de Korte Leidsedwars-straat: ‘Het maximum aan bezoekers is nog niet bereikt.’ Beeld Shutterstock

De horeca eist een hoofdrol op in het toerismebeleid in ons land. Ook in Amsterdam. Gehoord worden is een tweede. ‘Als wij alle horecazaken uit protest sluiten, heeft Halsema het leger nodig om de openbare orde te herstellen.’

“Wij eisen onze rol op in de discussie over drukte en bezoekers. Zonder horeca is er geen toerisme, zonder toeristen geen horeca,” zegt directeur Dirk Beljaarts van Koninklijke Horeca Nederland, die ruim 20.000 cafés, restaurants en hotels in ons land vertegenwoordigt. “Je kunt nog zo veel beleid formuleren, uiteindelijk moet het gebeuren door ondernemers, de hoteliers en de cafébazen.”

De horeca moet meer betrokken worden bij het toerismebeleid, vindt Beljaarts. De branchevereniging wil niet alleen erkenning, maar ook helpen bij het oplossen van de problemen die door toerisme kunnen ontstaan. “Een bijdrage aan gezond toerisme is ons nieuwe speerpunt.”

De horecaclub heeft het laten uitrekenen: van de 30,4 miljard euro die het toerisme jaarlijks aan ons land bijdraagt, is 12 miljard afkomstig van de horeca. Restaurants, cafés en hotels zijn goed voor de helft van het aantal toeristische banen – 232.000 in totaal.

“Veel gemeentes en provincies zien de voor­delen van een gezamenlijke aanpak van het toerisme,” zegt Beljaarts, “zowel van de positieve als van de negatieve kanten. Veel gebieden in ons land zitten te springen om meer bezoekers. Daarmee kunnen ze hun voorzieningenniveau op peil houden; winkels, cafés, restaurants die zouden moeten sluiten als er alleen lokale klanten zijn.”

Overaanbod

Andersom wordt in de Randstad vooral gesproken over de negatieve gevolgen van al die bezoekers: drukte, overaanbod aan toeristenzaken, de vele hotels. “Het is de vraag of het allemaal zó erg is. Maar negatieve gevolgen zijn er zeker. En juist de horeca kan helpen bij de oplossing.”

Daarbij snijdt volgens Beljaarts het mes aan twee kanten. “Bezoekers gaan daarheen waar attracties en voorzieningen zijn. Als je als grote stad vindt dat het bij jou te druk is, heb je niet alleen bezienswaardigheden elders nodig, maar moeten daar ook voldoende faciliteiten zijn. Daar kan de horeca voor zorgen, met hotels, met restaurants, met ontspanningsmogelijkheden.”

Overal in het land lopen daarover nu gesprekken. Overal, maar niet in Amsterdam. De hoofdstad gaat niet alleen overleg met de horecabranche over toerismebeleid uit de weg, zegt Beljaarts, het ziet de sector zelfs als kwade genius: “Het verjagen van toeristen door belasting ongebreideld te verhogen, de bouw van nieuwe hotels te verbieden en cruiseschepen en toerbussen weg te jagen, zoals de gemeente nu doet, is helemaal niet nodig. Dat is pure politieke ­retoriek om enkele bewoners die zich luidkeels laten horen, tevreden te stellen.”

Spreiden

“Het maximum aantal bezoekers in Amsterdam is nog helemaal niet bereikt. Er zijn ook in Amsterdam maanden dat het bezoek echt niet halleluja is. Buiten het hoogseizoen is nog alle ruimte. Spreiden gaat er niet alleen om dat je mensen buiten de binnenstad of in de regio onderbrengt, maar ook verleidt om op rustiger momenten te komen. Investeer juist daar in.”

In plaats daarvan verhoogde Amsterdam begin dit jaar de toeristenbelasting en volgend jaar opnieuw. “Amsterdam moet echt zijn huiswerk eens doen. Met ongebreidelde verhoging van de belasting voorkom je de groei van het aantal bezoekers niet. Want waar gaan de toeristen die zo worden verdreven dan overnachten? In de regio? Dan pakken ze de bus of trein en komen ze alsnog naar Amsterdam. En een groot deel van het bezoek bestaat uit dagjesmensen. Die houd je niet tegen met dure hotelkamers.”

Hij maakte het zwalkende gemeentebeleid aan den lijve mee. Beljaarts bestierde voor zijn overstap naar de branchevereniging het grootste hotel van het land, Novotel aan de Europaboulevard. “Amsterdam heeft aan de wieg gestaan van deze situatie met alle vergunningen die jarenlang voor hotels zijn afgegeven. En dan nu zeggen dat je bent overvallen door de drukte? Dat is hypocriet en onbehoorlijk bestuur.”

Dirk Beljaarts. Directeur Koninklijke Horeca Nederland wil meepraten over toerisme. Beeld Christiaan Krouwel

Volgens de 41-jarige Amsterdammer poetst de ‘kneiterlinkse’ coalitie bewust de maatschappelijke rol van de horeca weg. “Ze verloochenen de veertigduizend Amsterdammers die in de horeca werken. En ze ontkennen dat je bezoekers en toeristen nodig hebt om die 5900 horecagelegenheden in de stad overeind te houden. Denk maar niet dat cafés en restaurants alleen van Amsterdammers kunnen bestaan.”

Dat het college volhoudt dat de financiële oogst van die heffingen niet is bedoeld om het bezoek te temperen maar om de sector af te rekenen op zijn overlast wil er bij Beljaarts niet in. “De opbrengst gaat hup, de schatkist in. Daar wordt geen druktemaatregel mee gefinancierd.”

“Amsterdam heeft simpelweg gezocht naar een melkkoe die de stemmer niet raakt. Onzinnig, want je treft de Amsterdammers wel degelijk: door hun werk in gevaar te brengen, door hun favoriete cafés en restaurants in moeilijkheden te brengen. Ik vind dat onbegrijpelijk en kwalijk. Zo onthoud je inwoners een oplossing voor de toerismeproblematiek in de stad.”

“Er wordt nu gezegd dat de leefbaarheid door overtoerisme onder druk staat. Maar als je ervoor zorgt dat horecaondernemers het bestaan onmogelijk wordt gemaakt, zorg je er vanzelf voor dat de stad minder levendig wordt.”

Meepraten

“Als je ons als sector had betrokken, had iedereen kunnen leven met hogere belasting. Laat ons nu eens voor een kwart meepraten over hoe dat geld wordt besteed. Dan kiezen wij voor spreiding binnen en buiten Amsterdam, voor steun aan Amsterdam Marketing om die spreiding te promoten, voor meer controleurs tegen oneigenlijke Airbnb-verhuur, voor minder eenzijdige vergunningen, zodat je geen overaanbod van hetzelfde krijgt.”

“Wij blijven koninklijk de hand naar Amsterdam uitsteken, maar hij wordt niet aangenomen. Misschien zijn we te lang te braaf geweest. De boeren hebben flink van zich laten horen. Dat is nu een knuffelsector waar iedereen voor in de bres springt. Maar de horeca, die groter en duurzamer is dan de landbouw en olie- en gaswinning tezamen, wordt niet gezien. Als wij uit protest in Amsterdam op vrijdag en zaterdag eens alle horeca sluiten, heeft Halsema het leger nodig om de openbare orde te herstellen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden