PlusInterview

Hoogleraar: ‘Coronaboetes hebben geen effect gehad’

Beeld Hollandse Hoogte/ANP

De overheid moet zich in de strijd rond het naleven van de afstandsregels vooral richten op grote bedrijven en organisaties. Boa’s de straat opsturen en daar mensen aanspreken? Een stuk minder effectief, stelt hoogleraar Benjamin van Rooij, die onderzoek deed naar de naleving van coronaregels.

“Kijk, ik pleit er niet voor dat we niet handhaven, maar doe het slimmer.” Benjamin van Rooij, hoogleraar Recht en Samenleving aan de Universiteit van Amsterdam (UvA), benadrukt het maar even. Hoe die slimmere aanpak eruitziet? Laat boa’s niet massaal boetes uitschrijven aan mensen op straat, maar spreek organisaties aan.

“Neem dat geval in Amsterdam, met Disco Dolly,” legt Van Rooij uit. “Dat is een plek waar mensen zich stelselmatig niet aan de regels hielden, omdat de disco dat toestond. Als je zorgt dat de organisatie het beter aanpakt, dan levert het wat op.” Een goed voorbeeld is de UvA, zijn werkplek. “We hanteren de strenge regel dat maar 20 procent van het gebouw kan worden gebruikt. Veel onderzoekers hebben daardoor geen werkplek en er is minder persoonlijk contact tussen docenten, maar het is wel een stuk veiliger.”

Van Rooij doet zijn aanbeveling niet zomaar. Samen met collega’s van de UvA onderzocht hij hoe Nederlanders zich aan de coronaregels hielden. Zes keer namen ze duizend enquêtes af. Aanvankelijk, begin maart, lag de prioriteit bij de lockdownmaatregelen. Later werden het de afstandsregels.

Volksstammen naar de Noordzee

Een deel van de conclusies is weinig verrassend. Dat Nederlanders zich na april steeds minder consequent aan de coronaregels zijn gaan houden? Dat bleek deze zomer wel: zwemplekken in Amsterdam lagen ouderwets vol en hele volksstammen reisden gewoon af richting de Noordzeestranden. Dat afstand houden in de stad lastiger is dan in minder dichtbevolkte gebieden, mag ook geen verrassing heten.

Wel opmerkelijk: handhaving heeft niet of nauwelijks invloed op hoe mensen zich gedragen. “Straffen leidt tot angst,” zegt Van Rooij. “De angst dat je wordt gepakt en gestraft, en angst voor de hoogte van de straf.” Uit het onderzoek bleek echter dat deze angst geen effect heeft op de naleving van de regels. “Een probleem hier is: er zijn zo veel mensen die de regels overtreden en er is zo’n tekort aan boa’s, dat er een kleine kans is dat je wordt beboet.”

Controleer organisaties, vooral binnen

Nu blijkt dat individueel straffen niet heel veel bijdraagt en bovendien heel moeilijk is, stelt Van Rooij dus dat handhaving zich moet richten op organisaties waar veel mensen komen. Vooral binnen, waar de kans op besmetting het grootst is. “Daar handhaven, dwingt de organisaties maatregelen te treffen.”

Maar hoe ziet dat er concreet uit? Gezien de beperkte middelen van de overheid - het tekort aan boa’s, bijvoorbeeld - moeten de middelen dié er zijn, op een effectieve manier worden ingezet, stelt de hoogleraar. “Alle organisaties hebben een protocol ontwikkeld over hoe ze omgaan met de afstandsregels. Controleer of ze dat correct uitvoeren, via steekproeven bijvoorbeeld. Dan waren ze er bij Disco Dolly veel eerder achter gekomen dat het daar niet goed ging.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden