PlusInterview

Hoofdofficier: ‘Amsterdam dreigt de tolerantie een beetje kwijt te raken’

René de Beukelaer (55) is iets meer dan 100 dagen hoofd­officier van justitie van Amsterdam. Hij komt vanuit Rotterdam. ‘Maar hier in Amsterdam heb je nóg wat steviger die grootstedelijke problematiek.’

Hoofdofficier René de Beukelaer: ‘In corona­tijd zie je hoe geweldig deze stad is, al is de ziel er nu uit.’ Beeld Marc Driessen
Hoofdofficier René de Beukelaer: ‘In corona­tijd zie je hoe geweldig deze stad is, al is de ziel er nu uit.’Beeld Marc Driessen

Amsterdam-Rotterdam

Brabander René de Beukelaer was zes jaar (plaatsvervangend) hoofdofficier van Rotterdam voordat hij in de nazomer naar Amsterdam overstapte. Hij ziet nogal wat verschillen.

“Amsterdam is veel politieker en krijgt van de media aanzienlijk meer aandacht. Ik vind dat wel leuk. Het is één van de redenen waarom ik zelf naar de gemeenteraad kom. Een officier van justitie moet verantwoording afleggen in de rechtszaal, maar ik luister graag naar wat media en politici van onze aanpak vinden.”

“Hier in Amsterdam heb je nóg wat steviger die grootstedelijke problematiek dan in Rotterdam. Met meer dan 160 coffeeshops, waar Rotterdam er 30 heeft. Met 20 miljoen tot straks misschien 30 miljoen toeristen per jaar. Dat is enorm! In Rotterdam is er wel eens een verdwaalde toerist bij het zomercarnaval. Hoe houden we dit enigszins beheersbaar?”

“Amsterdam is de stad van tolerantie, maar we zijn dat wel een beetje kwijt aan het raken. Homo’s die zich afvragen of ze hand in hand over straat kunnen. De vraag of je kunt uitdragen dat je eethuis van Joodse komaf is. De problemen die gekleurde mensen ondervinden…”

“Overigens zie je in coronatijd hoe geweldig deze stad is, al is de ziel er nu uit. Dat geen achteloze toeristen voor mijn fiets lopen, is voor mijn verkenning hartstikke handig, maar het moet toch maar weer tot leven komen. Ik ben een man van de cafés, maar die zijn dicht net nu ik hier ben komen wonen.”

Drugs en jongeren

“We hebben op vele fronten een stevige rol te spelen tegen de enorme drugscriminaliteit. Voor jongeren lijkt het aanlokkelijk even een container leeg te halen in een haven en zo snel carrière te maken, met veel geld en luxe, maar de adrenaline slaat heel snel om in stress.”

“Als je eenmaal die wereld in bent gezogen, kom je er niet zomaar uit. Leef je in angst, beland je in de cel of word je doodgeschoten. Die crimineel laat jou niet uit zijn verdien­model ontsnappen.”

“Ook jongeren die echt niet tot verschoppelingen behoren, stappen in. Zie maar op school te blijven terwijl je vriend een grote auto rijdt en jij 3,20 euro per uur krijgt bij Albert Heijn. We moeten zien te voorkomen dat die jongens worden verleid, laten zien hoe slecht het afloopt.”

Drugs en het grote geld

Hoe te strijden tegen een verdienmodel waarin criminele organisaties honderden miljoenen binnenhalen? De overheid weet maar een héél klein deel af te pakken.

“Tja, vorig jaar hebben we 30.000 kilo coke onderschept. Dat is óók afpakken. Daar slapen mensen heel vervelend door.”

“Je kunt op de kilo’s zitten, maar ook op het witwassen. We richten ons ook op degenen die helpen hun criminele geld met constructies weg te sluizen. Foute notarissen, corrupte mensen in de haven. Voor weggevallen uithalers hebben ze zo nieuwe, maar niet voor die moeilijk vervangbare schakels naar de boven­wereld.”

“We moeten hun lijnen zien door te snijden. Logistiek is hun belangrijkste schakel. Dat is al-tijd een zaak van lange adem. Overigens hebben we nu toch wel een grote groep gepakt die langjarig zo niet levenslang gaat vastzitten voor liquidaties in het drugsmilieu.”

Zeesluis IJmuiden

Binnen de opsporing leven grote zorgen nu de nieuwe zeesluis bij IJmuiden in 2022 opent. Behalve het zakenleven jubelt wellicht ook het criminele milieu, nu de containers uit Zuid-Amerika ook naar Amsterdam komen. Is er voldoende oog voor het risico op drugsimport?

“Dat is een volkomen terechte vraag. Het is een onderwerp in onze driehoek van burgemeester, korpschef en hoofdofficier en het is in het Regionaal Informatie- en Expertisecentrum een onderwerp (waarin verschillende overheden samen ‘ondermijnende’ criminaliteit bestrijden).”

“We kijken met Rotterdam naar hoe we moeten omgaan met die sluis. In dit soort vraagstukken bijt het economische belang dat van misdaadbestrijding altijd. Het is een groot punt van aandacht. Voor criminelen is die hele Europese havenlijn gewoon één haven. Als ze in Rotterdam veel onderscheppen, komen ze naar Amsterdam. Wij zullen gesteld moeten staan.”

Preventief fouilleren

Jongeren met messen zijn een enorm probleem. Preventief fouilleren is een optie, maar ligt heel gevoelig, bijvoorbeeld in Zuidoost.

“Preventief fouilleren is geen doel, maar een middel. Waar ik het tot nu toe heb ingezet, hadden we enorm over de nadelen gediscussieerd, maar zeiden de inwoners uiteindelijk: hartstikke goed dat de overheid hier staat. Het is een kans de welwillende burger te laten zien dat je de wijk leefbaarder wilt maken en wilt optreden tegen de wapenproblematiek.”

“Je moet opletten dat je niet etnisch profileert, daarmee ben ik het van harte eens, maar daar kun je vooraf afspraken over maken. Dan fouilleer je elke vijfde persoon die voorbijkomt, bijvoorbeeld.”

“We hebben een wapeninleveractie gedaan. Dan kun je straks op de zitting zeggen: je had de kans je wapen in te leveren, dus ik vraag een hogere straf.”

“Ik vind preventief fouilleren een heel goed middel, maar het staat nooit op zich. Het moet in een brede aanpak zitten waarin we ook kijken hoe we jongens zo kunnen helpen zodat ze zich niet bewapenen. Met de driehoek wil ik ook in gesprek met bewoners van de wijk. In Rotterdam deed ik dat elke drie, vier weken. Ik denk dat je de discussie over wapens dan op gang krijgt, ook door te fouilleren. We zullen niet over één nacht ijs gaan, er moet draagvlak zijn.”

Schaarste

“Ik vind dat wij als Openbaar Ministerie het tame­lijk hard te halen hebben. Ons tekort aan officieren van justitie is moeilijk aangevuld te krijgen. Ik kan er 8 tot 10 meteen plaatsen, op de 80. We zijn ze aan het opleiden, maar dat duurt even. Dat maakt niet dat wij minder zaken doen, maar wel dat we héél veel van onze mensen ­vragen. We draaien voor een belangrijk deel op loyaliteit.”

“Een officier zegt door een groot rechtvaardigheidsgevoel niet snel nee, maar de officieren en ondersteuning moeten heel stevig bezig zijn. Maar goed, mijn glas is altijd half vol. Ik vind dat we wel succesvol zijn. Kijk naar het kraken van de versleutelde PGP-telefoons van zware criminelen. En we doen gewoon echt goed onderzoek.”

René de Beukelaer

René de Beukelaer (1965, Rijen) werkte na zijn studie rechten aan de Universiteit van Tilburg kort bij de Raad voor de Kinderbescherming. In 1992 werd hij parketsecretaris bij het OM. In 1999 werd hij officier van justitie in Den Bosch. Daar werd hij in 2010 hoofdofficier van justitie en in 2013 plaatsvervangend hoofdofficier van het parket Oost-Brabant. In 2014 stapte hij over naar Rotterdam, waar hij plaatsvervangend hoofdofficier werd en in april 2018 hoofdofficier van justitie. Op 15 augustus 2020 werd hij benoemd tot hoofdofficier van justitie van Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden