Amsterdam Bewaar

Hoe later je in het park fietst, hoe leger, hoe enger

Zelfs het Vondelpark, overdag loeidruk, is laat op de avond leeg.
Zelfs het Vondelpark, overdag loeidruk, is laat op de avond leeg. © Eva Plevier

Donkere parken voelen gevaarlijk en soms, zoals in het Vondelpark vorige week, zijn ze het ook. Beter uitlichten lijkt veiliger, maar het is de vraag of dat echt zo is. 'Het park zelf is veilig, maar mensen zijn soms eng.'

Nachtelijke parken zijn donker en stil, dat in de eerste plaats. Met onduidelijke hoekjes, struiken waar iemand achter zou kunnen zitten, kronkelige paden waar je niet weet wat je tegenkomt als de bocht omgaat.

Maar vooral zijn ­parken in Amsterdam, hoe later het wordt, verstoken van mensen. Als er iets gebeurt, als je iemand tegenkomt die kwaad in de zin heeft, dan sta je er hoogstwaarschijnlijk alleen voor.

Parken moeten de longen zijn van de stad. En ze zijn bedoeld voor stedelingen die geen tuin hebben, of hooguit een ieniemienie balkonnetje, maar wél de behoefte of de noodzaak voelen om buiten te zijn.

Van Amsterdamse parken wordt hoe langer hoe meer gebruik gemaakt. Overdag dan. 's Avonds en 's nachts is het anders. Dan worden zelfs de leukste, de vriendelijkste parken een tikje unheimisch.

Als er reuring is, voelt zelfs een donkere plek nog niet per se onveilig

Mart Reiling

Of ze worden ronduit gevaarlijk. Zoals vorige week, toen in enkele dagen tijd drie vrouwen in of in de nabijheid van het Vondelpark werden mishandeld. Hoe vaak dergelijke zaken voorkomen in Amsterdamse parken, is niet bekend. Wat we wel weten is dat veel mensen zich in veel parken zich niet altijd op hun gemak voelen.

Herinrichting van parken
Uit Het Grote Groenonderzoek uit 2015 bleek dat 44 procent van de gebruikers het Rembrandtpark 'op sommige momenten' vermeed omdat men zich er niet veilig voelde.

Ook het Oosterpark (39 procent), de Sloterplas/het Sloterpark (34) en het W.H. Vliegenbos (29) zijn parken waar Amsterdammers relatief vaak omheen rijden in plaats van erdoor. Het Amstelpark, dat 's nachts gesloten is, kwam uit de bus als het park waar men zich het minst onveilig voelde.

Het is de aanwezigheid van anderen die een cruciale rol speelt bij onveiligheidsgevoelens, zegt landschapsarchitect Mart Reiling van Track Landscapes. Hij is veel betrokken bij de herinrichting van parken, ook in Amsterdam.

"Je kan niet zeggen dat parken per definitie onveilig aanvoelen. 's Avonds rond acht, negen uur is het bijvoorbeeld in het Vondelpark nog best druk. Er wordt hardgelopen, mensen zijn nog van hun werk onderweg naar huis. Als er reuring is, voelt zelfs een donkere plek nog niet per se onveilig."

Maar in andere parken is de beleving op hetzelfde tijdstip weer heel anders. In het Flevopark in Oost (zie de mensen rechts), is het om acht uur praktisch uitgestorven. En ook bijvoorbeeld het Rembrandtpark langs de Ring West wordt door veel mensen gemeden.

Je moet parken niet onnodig bijlichten, je verstoort bijvoorbeeld de nachtrust van dieren

Ivar Manuel

Reiling: "Het is een zichzelf versterkend effect: doordat er nauwelijks mensen zijn, komen er weer minder mensen, waardoor het vervolgens nog onveiliger aanvoelt."

Schijnveiligheid
Meer licht dan, is dat een manier om de veiligheidsbeleving een beetje op te krikken? Ook niet per se, zegt Reiling. "Als je een park veel meer zou verlichten 's nachts, zou je de suggestie kunnen wekken dat het veilig is om je erdoor te bewegen. Maar dat hoeft zeker niet het geval te zijn, dan is er sprake van schijnveiligheid."

Daar denkt bestuursvoorzitter Ivar Manuel van stadsdeel Oost ook zo over. "Het is prima dat er in parken 's nachts niet zo veel mensen zijn. Geef de natuur ook maar eens rust. Alleen al om die reden moet je parken niet onnodig bijlichten, dan verstoor je de nachtrust van dieren."

Hoewel dat ook weer niet voor alle parken geldt, zegt Manuel. "Het Flevopark is 's nachts heel donker omdat dat een natuurpark is. Maar het Oosterpark heeft weer een andere functie, dat is echt een stadspark. Er komen mensen, er zitten hotels aan de lange zijde, dus daar vinden we verlichting wel nuttig. We gaan er binnenkort extra verlichting plaatsen en zorgen voor betere zichtlijnen."

Van Manuel hoeft het in een aantal gevallen dus niet zo nodig: mensen in de nacht in parken. "Parken zijn veilig, mensen zijn soms eng. Je moet het zelf weten of je erdoorheen fietst, maar omring je dan met andere mensen."

Susan Rigter: 'Schreeuw heel hard'

"Ik ben echt totaal niet bang. De enige reden dat ik vanavond na een hele dag studeren vlak langs het Flevopark fiets en er niet doorheen, is omdat ik ik veel last heb van nachtblindheid. Het is nu zo donker in het park dat ik geheid een vijver inrijdt. Maar met een gevoel van onveiligheid heeft het dus niets te maken."

"Mocht er in het donker iets gebeuren, dan kun je ook in het Flevopark gewoon heel hard gaan schreeuwen. Ik ben ervan overtuigd dat er dan mensen op afkomen. Dat er weinig mensen zijn, hoeft ook niet per se gevaarlijk te zijn. Je hebt ook het omstanderseffect: dat er veel mensen in de buurt zijn, betekent echt niet automatisch dat iedereen je te hulp schiet als er iets gebeurt, integendeel denk ik."

Christel Schuurman: 'Het is nu wel heel donker'

"Oei, dacht ik, het park is nu ineens wel héél erg donker. De afgelopen weken was het na mijn volleybaltraining nog een beetje aan het schemeren, maar vanavond zie je op sommige plekken nauwelijks een hand voor ogen. Volgende keer fiets ik denk ik wel om. Wat wel jammer is, want deze route dwars door het Flevopark is de snelste voor mij."

"Echt bang ben ik niet hoor: omdat ik net intensief heb gesport zit ik nog vol adrenaline. Dan heb je misschien sneller zoiets van: dikke vinger als mensen kwaad in de zin hebben. En ik heb nog meer te doen vanavond, dus ik fiets alleen al om die reden heel hard. Ik denk dat mensen die mij zien, het pas echt doorhebben op het moment dat ik al voorbij ben."

Jeanett Visser: 'Ik heb een zaklamp bij me'

"Alléén door een donker park? Nee hoor, beslist niet. Maar met mijn buurvrouw en de vijf honden die ik nu bij me heb, vind ik het helemaal niet onveilig. Ik heb een feilloos instinct voor gevaarlijke situaties en ben dan heel alert. Als iets bedreigend is, kan ik de boel vaak snel tot rust brengen."

"Bovendien heb ik ­tijdens deze donkere wandelingen ­altijd mijn zaklampje bij me. Als ik iets zie of hoor in de bosjes, schijn ik ogenblikkelijk die kant op. Dan ­weten mensen dat ik ze in de gaten heb, en dat ik geen vrees heb. Boven­dien kun je ook met een klein lampje mensen in een donker park al behoorlijk verblinden. En de ­honden die we bij ons hebben, ­maken dat mensen die me zouden willen lastigvallen dat wel uit hun hoofd zetten."

Jefferson: 'Heerlijk stil hier'

"Ik voel me geen moment onveilig, echt géén moment. Maar als man ben ik ook niet snel een slachtoffer, lijkt me. Ik kan me wel verdedigen ook, als dat nodig mocht zijn. Ik heb net een half uur op een bankje gezeten. Niets om me heen, heerlijk. Geen drukte, geen lawaai, echt heel rustig."

"In Amsterdam kom je niet dichter bij de natuur dan in het donker in het Flevopark. Je hoort dieren, je ziet ze soms ook. Konijnen bijvoorbeeld. Op één moment dacht ik: mijn aanwezigheid is misschien wel bedreigend voor anderen."

"Toen er een vrouw kwam langswandelen, werd ik gewoon een beetje bang in haar plaats. Ik wilde nog zeggen: vindt u het niet gevaarlijk, zo in een donker park? Maar toen dacht ik: dan schrikt ze misschien ook zo. Ik heb dus maar niets gezegd."

Simone: 'Op de fiets ben je snel'

"Bang ben ik niet, om hier langs die donkere, stille paden te fietsen. Maar toch rij ik meestal óm dit soort parken heen. Eerst wilde ik er dwars doorheen fietsen, maar toen ik bij de toegang aankwam, schrok ik toch wel een beetje. Een diepzwart gat. Ik dacht: toch maar even om het park heen vanavond. Ik heb zelf nooit iets vervelends meegemaakt in welk park dan ook, maar dat wil ik graag zo houden."

"Je hoort toch dat het soms fout gaat, dat mensen worden lastiggevallen of erger. Het is wel zo dat ik in parken weleens dronken mensen of groepjes jongeren tegenkom. Dat voelt dan niet helemaal goed. Maar op de fiets ben je snel natuurlijk. Niet bang, wel verstandig, zo kan je mijn instelling denk ik het best omschrijven."