Al maanden vragen studenten om terugkeer naar de collegezaal; online colleges vergroten de stress.

Plus

Hoe is het om te studeren in een prestatiemaatschappij? ‘Je komt je bed niet meer uit’

Al maanden vragen studenten om terugkeer naar de collegezaal; online colleges vergroten de stress.Beeld ANP

Uit langlopend onderzoek van stichting Time Out blijkt: veel studenten kampen met stress vanwege de druk om te presteren. ‘Deze ratrace is lastig te stoppen, maar je mag best op de vluchtstrook staan.’

Ruim twee jaar, van september 2018 tot en met maart 2021, heeft creatief directeur Frederiek Voskens van stichting Time Out via een interactieve theatervoorstelling onderzocht wat studenten door heel Nederland bezighoudt. Ervaren zij stress, en zo ja, waardoor?

Met PodiumT, Podium voor het Taboe, waar Voskens eveneens directeur van is, maakt ze al langer theatervoorstellingen over lastige onderwerpen, zoals de dood of ernstige slaapproblemen. Haar huidige voorstellingen focussen op jongeren die worstelen met stress en burn-out.

Dat levert scènes op zoals die tussen een geprikkelde, gehaaste jongedame die net studeert en haar bezorgde vader.

Zij: “Studeren alleen is tegenwoordig niet meer genoeg om later een interessante baan te krijgen.”

Hij spreekt haar radeloos toe: “Als je zo doorgaat, kán je straks helemaal niet werken.”

De voorstellingen zijn interactief: de acteurs gaan ook met het publiek in gesprek. Voskens: “Dat leverde veel natuurlijke gesprekken op. We hadden goud in handen, dachten we: zo veel jonge mensen deelden hele zinvolle informatie met ons.”

Voor corona haalde het stuk soms 3000 toeschouwers, het merendeel van de twintig voorstellingen speelde voor 50 studenten. Woensdagavond is de slotvoorstelling per livestream in het Internationaal Theater Amsterdam.

Prestatiemaatschappij

Van de ondervraagde studenten gaf 55 procent aan vermoeid terug te keren naar huis als ze klaar waren met studie of werk; 45 procent vertrekt al vermoeid erheen. Met 88 studenten is een diepte-interview gevoerd.

Sociaalwetenschappelijk onderzoeker Pawan Bhansing analyseerde die data. “Studenten zeggen dat de prestatiemaatschappij veel invloed op hen heeft,” zegt hij. Wat betekent dat precies? Als voorbeeld noemt hij het leenstelsel en het bindend studieadvies.

Ook gaven veel studenten aan dat ze te weinig tijd hebben, bij te veel bezigheden. Voor de één gaat het dan om een bestuursjaar en allerlei commissies die erbij komen kijken, voor de ander gaat het om mantelzorg aan moeder of oma.

Wat de stress niet vermindert, is de opkomst van sociale media. Bhansing: “Daarop heb je een overmatige blootstelling aan vergelijkingsmateriaal, dat soms ook nog eens gemanipuleerd is om er beter uit te zien.”

Stress is niet per se slecht, zag Bhansing terug in gesprek met studenten. “Velen erkennen dat een beetje stress erbij hoort, en dat het positief kan zijn om af en toe wat druk te voelen. Tegelijkertijd zijn er veel studenten die het normaal zijn gaan vinden dat ze altijd gestrest zijn, of dat ze geen moment hebben om even te ontladen.”

Wat valt daaraan te doen? Vaak is de oplossing nee zeggen als een student te veel hooi op de vork heeft genomen, stelt Bhansing, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. “Daar komt veel bij kijken: je moet weerstand bieden tegen sociale druk, tegen verwachtingen van jezelf, en van anderen. Studenten moeten meer leren om te kiezen voor zichzelf.”

Academisch diploma

Voskens noemt meer diversiteit in het uitbeelden van succes als mogelijke oplossing. “Een academisch diploma hoeft niet de enige weg naar Rome te zijn. Alle andere wegen verdienen ook applaus.”

Ook hoopt ze dat prestatiedruk ‘niet langer als probleem van de ggz, maar van de maatschappij’ wordt gezien. “Dat betekent dat je het daar moet oplossen waar het ontstaan is. Deze ratrace is lastig te stoppen, maar je mag best even op de vluchtstrook gaan staan.”

En wellicht kan de coronapandemie iets moois opleveren: het besef dat het ook goed is om tijd te stoppen in sociale contacten, of het bezoeken van je ouders. Bhansing: “Je hoeft niet altijd hoge prestaties voorop te stellen.”

De slotvoorstelling Time Out XL is woensdag 19 mei vanaf 20.30 uur te zien per livestream via de website van ITA.

null Beeld Susanne Stange
Beeld Susanne Stange

Vita Filippini (25) uit Zuid is master­student kunstgeschiedenis.

“Toen ik aan mijn master begon, merkte ik wel dat indirect vaak wordt verwacht dat je toch iets naast je studie doet. Al is het maar dat je in een studie- of studentenvereniging zit, of dat je enige werkervaring opdoet. Ik ben weleens over mijn grens heen gegaan: ik zat toen bij een studentenvereniging, deed het bestuur van de toneelcommissie daarvan, had een bijbaantje en moest ook nog een scriptie schrijven voor mijn premaster. Naderhand merkte ik: dit was helemaal niet leuk, hoewel ik er veel van geleerd heb.”

“Ik zou zeggen: breng in godsnaam die basisbeurs terug. Dan heb je ook niet de druk dat je per se een baantje moet hebben. Verder moeten studenten meer de rust krijgen om na te denken over wat ze graag willen doen. Tegenwoordig moet je altijd meer doen, en bij voorkeur ook nog snel doen, maar dat kan een mens gewoon niet aan.”

null Beeld Susanne Stange
Beeld Susanne Stange

Berat Danisman (23) uit Nieuw-West is bachelor­student biologie.

“Mijn studententijd is een hele mooie, maar uitdagende periode. Mijn ouders zijn uit Turkije naar Nederland gekomen en hebben hun best gedaan voor mijn oudere broer, zusje en ik. Als eerstegeneratiestudent heb ik toch het idee gehad dat ik mezelf moest bewijzen, ook voor hen. Ik ervaar met het afstuderen wel druk, zeker omdat ik er langer over doe door een bestuursjaar. Ik moest wel schakelen toen ik begon met mijn studie. Op de middelbare school in West had ik Turkse, Marokkaanse en Surinaamse vrienden, maar in de collegezaal was ik opeens de enige moslim en de enige Turk.”

“Mijn broer heeft te maken gehad met een verkeerde studiekeuze en daardoor een jaar vertraging opgelopen. Daar heb ik van geleerd, en mijn ouders ook. Toen ik studeerde kreeg ik wat meer ruimte. Ik studeer voor mijn eigen toekomst, hoewel ik ook mijn ouders wil laten zien dat hun harde werk vruchten heeft afgeworpen.”

null Beeld Susanne Stange
Beeld Susanne Stange

Robin Pocornie (24) uit Noord doet twee masterstudies: neurowetenschappen en bio-informatica.

“Op de bèta-opleidingen worden studenten geacht 40 uur per week aan de studie te zitten en daarnaast niets anders te doen, alsof we in een vacuüm leven. Ik heb continu toetsen of opdrachten, maar steek daardoor soms minder op dan ik zou doen met enkel één tentamen aan het einde van een vak. Het is namelijk veel te veel werk.”

“Soms denk ik dat opleidingen zo ingericht worden dat studenten die net op het randje presteren, vanzelf eruit gefilterd worden. Alsof de studie een vergiet is waar enkel studenten uit komen met een burn-out. Ik merk zeker nu in coronatijd dat er steeds minder mensen in de online werkgroepen zitten, of dat mensen besluiten om maar één vak per blok te doen, terwijl je er eigenlijk twee hoort te doen. Ik ben zelf het afgelopen jaar ook soms tegen mijn grens aangelopen: je wekker gaat, maar je komt je bed niet meer uit, terwijl je weer Zoom in moet.”

Berat Danisman (23)

uit Nieuw-West is bachelor­student biologie.

“Mijn studententijd is een hele mooie, maar uitdagende periode. Mijn ouders zijn uit Turkije naar Nederland gekomen en hebben hun best gedaan voor mijn oudere broer, zusje en ik. Als eerstegeneratiestudent heb ik toch het idee gehad dat ik mezelf moest bewijzen, ook voor hen. Ik ervaar met het afstuderen wel druk, zeker omdat ik er langer over doe door een bestuursjaar. Ik moest wel schakelen toen ik begon met mijn studie. Op de middelbare school in West had ik Turkse, Marokkaanse en Surinaamse vrienden, maar in de collegezaal was ik opeens de enige moslim en de enige Turk.”

“Mijn broer heeft te maken gehad met een verkeerde studiekeuze en daardoor een jaar vertraging opgelopen. Daar heb ik van geleerd, en mijn ouders ook. Toen ik studeerde kreeg ik wat meer ruimte. Ik studeer voor mijn eigen toekomst, hoewel ik ook mijn ouders wil laten zien dat hun harde werk vruchten heeft afgeworpen.”

Robin Pocornie (24)

uit Noord doet twee masterstudies: neurowetenschappen en bio-informatica.

“Op de bèta-opleidingen worden studenten geacht 40 uur per week aan de studie te zitten en daarnaast niets anders te doen, alsof we in een vacuüm leven. Ik heb continu toetsen of opdrachten, maar steek daardoor soms minder op dan ik zou doen met enkel één tentamen aan het einde van een vak. Het is namelijk veel te veel werk.”

“Soms denk ik dat opleidingen zo ingericht worden dat studenten die net op het randje presteren, vanzelf eruit gefilterd worden. Alsof de studie een vergiet is waar enkel studenten uit komen met een burn-out. Ik merk zeker nu in coronatijd dat er steeds minder mensen in de online werkgroepen zitten, of dat mensen besluiten om maar één vak per blok te doen, terwijl je er eigenlijk twee hoort te doen. Ik ben zelf het afgelopen jaar ook soms tegen mijn grens aangelopen: je wekker gaat, maar je komt je bed niet meer uit, terwijl je weer Zoom in moet.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden