PlusExclusief

Hoe gaat Volt Amsterdam de stad bestormen? ‘Ons eerlijke verhaal is: we zijn pas net begonnen’

 Juliet Broersen en Itay Garmy van Volt Amsterdam. Beeld Marc Driessen
Juliet Broersen en Itay Garmy van Volt Amsterdam.Beeld Marc Driessen

Juliet Broersen en Itay Garmy zijn de gezichten van Volt Amsterdam, de partij die bij de raadsverkiezingen op ruim 10 procent van de stemmen kan rekenen. De politiek kan meer vertrouwen gebruiken, denken ze. ‘Mensen zijn klaar met politiek voor de bühne.’

Ruben Koops

Bij de vorige campagne die Juliet Broersen (25) en Itay Garmy (28) voor Volt voerden, moesten ze nog behoorlijk hun best doen om aandacht te krijgen. Maar sinds de partij met drie zetels in de Tweede Kamer werd gekozen en zich daar met scherpe oppositie in de kijker speelt, stromen de uitnodigingen bij Volt binnen om mee te doen aan debatten en bijeenkomsten. Media, maatschappelijke organisaties én andere politieke partijen willen graag weten waar deze nieuwe pan-Europese partij voor staat, nu peilingen uitwijzen dat zoveel kiezers hun stem aan deze nieuwkomers lijken te gunnen.

Broersen en Garmy zijn bewust niet heel stellig over welke gevolgen een stem op Volt precies heeft voor de toekomst van Amsterdam. Dat is volgens hen moeilijk te zeggen als je open politiek wil bedrijven. Een tot achter de komma doorgerekend plan over hoe de woon- of klimaatcrisis moet worden bestreden, hoef je van Volt bewust niet te verwachten, zeggen zij. Broersen en Garmy proberen juist een open blik te houden, weifelen is bij Volt geen schande.

Ze durven zelfs - atypisch in de politiek - te zeggen dat het ondanks corona en andere problemen best goed gaat met de stad. “Mensen zijn er klaar mee dat politiek zo fel en hard is geworden,” zegt Broersen. Garmy: “Ons eerlijke verhaal is: we zijn pas net begonnen, andere partijen doen dit al jaren. Onze visie is nog in ontwikkeling en we zijn daar druk mee bezig.”

Hoe voelt het dat Volt in peilingen steun krijgt van 1 op de 10 Amsterdammers bij de komende raadsverkiezingen?

B (Juliet Broersen): “Echt supertof, het laat zien dat mensen toe zijn aan een nieuw politiek geluid. Ze zien wat Volt doet in de Tweede Kamer en willen verandering, maar zonder populistisch te worden.”

G (Itay Garmy): “Mensen vertellen mij dat Volt voor een nieuwe bestuurscultuur staat, zoals ze politiek graag zouden willen zien. Mensen zijn klaar met politiek voor de bühne waarin je elkaar zo hard mogelijk aanvalt.”

Waarom doet een pan-Europese partij mee aan de gemeenteraadsverkiezingen?

B: “We zijn inderdaad een Europese politieke partij, maar wat je in Europa wil bereiken moet op lokaal niveau worden toegepast, dus we willen meedenken in alle lagen. Bovendien hebben veel Amsterdammers op Volt gestemd tijdens de Tweede Kamerverkiezingen vorig jaar, dus het was een logische stap om hier mee te doen.”

Hoe vinden jullie dat de stad er bij ligt?

B: “Amsterdam ligt op een goede koers en er zit een progressieve coalitie die veel mooie dingen heeft gedaan. Maar wat echt beter moet, is luisteren naar de Amsterdammers. Kijk maar naar de discussie over windturbines of de toekomst van de raambordelen op de Wallen. We willen dat er beter wordt geluisterd naar betrokkenen en vaker een burgerberaad komt, zoals het college vorig jaar organiseerde over de verduurzaming.”

G: “Door corona voelde de stad wel leeg aan in de afgelopen jaren, waar dit stadsbestuur trouwens niet zoveel aan kan doen. Voor mij voegt het juist wat toe als er ook toeristen of jongeren door de straten lopen.”

Wat zijn de grootste uitdagingen voor Amsterdam?

B: “Ik denk dat bijna iedereen Sander en de Kloof heeft gezien (televisieprogramma van Sander Schimmelpenninck, red.) over de kansenongelijkheid die is ontstaan. En wat dacht je van de wooncrisis, hoe pijnlijk dat er zoveel huizen in de vrije sector leeg staan omdat de prijzen onbetaalbaar zijn?”

G: “Inzake de wooncrisis vertellen zittende politieke partijen overigens niet het eerlijke verhaal. Er is niet genoeg plek voor iedereen die dat wil om in Amsterdam te wonen. Er zijn maar weinig bouwlocaties, zelfs als we die allemaal bebouwen kan niet iedereen hier terecht.”

Voor welke groepen is er wat Volt betreft geen plaats meer?

G: “Ik vind expats een verrijking voor Amsterdam, maar misschien moet je gaan kijken hoe je in overleg met randgemeenten kun stimuleren dat zij daar meer gaan wonen. Groepen die de grote stad minder nodig hebben, kunnen prima heen en weer met goede OV-verbindingen. Kwetsbare groepen moeten juist wel in Amsterdam blijven, omdat ze hier de juiste ondersteuning krijgen.”

Kwetsbare groepen wonen meestal in sociale huurwoningen, maar hierover staat niets in het verkiezingsprogramma van Volt. Vinden jullie dit niet belangrijk?

B: “Juist wel, sociale huur moet worden bijgebouwd. Dat doen ze heel goed in Wenen, daar kan Amsterdam iets van leren.”

Hoeveel sociale huurwoningen dan, en ten koste van wat?

G: “We hebben expres geen doelstellingen of percentages vastgeplakt aan onze ambities op de woningmarkt, want of die gehaald worden hangt af van de economische omstandigheden.”

In Wenen zijn ze ooit begonnen met een plan van aanpak. Kun je uitleggen hoe de Amsterdamse woningmarkt volgens Volt moet veranderen om op de Weense situatie uit te komen?

G: “Dat is een goed punt, we hadden explicieter kunnen zijn in hoe wij willen bijbouwen.”

B: “Uiteindelijk willen we nieuwbouw voor Amsterdammers, net zoals het woonfonds in Zaanstad waardoor uiteindelijk meer betaalbare koopwoningen gerealiseerd worden.”

Moet nieuwbouw echt alleen nog maar naar Amsterdammers gaan, zoals ook in jullie verkiezingsprogramma staat?

B: “Nee, ja, kijk... Als je naar Amsterdam wilt verhuizen ben je wat ons betreft een Amsterdammer.”

G: “Goed dat je het benoemt, misschien moeten we dit nog even kritisch bekijken.”

Volgens jullie verkiezingsprogramma vinden jullie een duurzame stad het belangrijkste. Wat gaat daarin nu niet goed?

B: “Heel veel gaat juist wel goed! In het nadenken over de (circulaire, red) donut-economie loopt Amsterdam voorop, het besef is heel erg aanwezig dat het al 1 over 12 is. Wat minder goed gaat zijn de windturbines die bij woonwijken moeten komen, daar is Volt tegen.”

Wat zou volgens Volt een goed alternatief zijn voor windenergie?

B: “Windmolens op zee, daar is veel meer ruimte te maken. En we moeten meer inzetten op zonne-energie.”

G: “Er moet draagvlak zijn bij bewoners voor de energietransitie. Als ze geen windturbines willen, moet je alternatieven bieden of het draagvlak vergroten.”

Volgens het stadsbestuur is het onmogelijk om de afgesproken 55% CO2-reductie in 2030 te halen zonder 17 windmolens. Is uitstel van die doelstellingen voor Volt een optie?

G: “We hebben geen tijd om op de rem te gaan staan, wel om meer draagvlak te creëren. Je moet mensen leiden naar een betere toekomst en ze het eerlijke verhaal vertellen.”

Windenturbines weg houden bij woonwijken en tegelijk de CO2-reductiedoelstelling halen kan niet allebei. Is dat een eerlijk verhaal?

G: “Het mag niet zo zijn dat er vertraging ontstaat in het halen van de doelstellingen. Maar als het klopt wat de gemeente zegt, dan moeten die turbines misschien wat verder af van die woonwijken. Ik heb altijd begrepen dat het wel kan. Duidelijk is in ieder geval dat daar geen draagvlak is voor windenergie.”

U noemde net ongelijkheid als een belangrijk thema. Hoe wil Volt die bestrijden?

B: “Onderwijs is erg belangrijk. We hebben een plan voor gratis schoollunches. De hoogte van lerarensalarissen ligt grotendeels in Den Haag, maar de gemeente zou wel meer bijles kunnen organiseren voor jongeren die dat nodig hebben. Daar hangt inderdaad een flink prijskaartje aan, maar de gemeente vindt het wel vaker belangrijk om veel geld aan iets uit te geven, dus als er goede ideeën zijn die de stad beter maken, is dat blijkbaar mogelijk.”

In een peiling vond 31 procent van de ondervraagden het belangrijk dat Volt in een nieuw stadsbestuur komt, veel meer dan de 12 procent die op de partij zou stemmen. Zijn jullie bereid om mee te besturen?

G: “Of het nu oppositie of coalitie is, dualisme staat voor ons voorop. Als je vertrouwen wil kweken moet je laten zien dat je als raadslid bereid bent om het college goed te controleren, ongeacht of je oppositie of coalitie bent. In de ideale situatie zou ik willen samenwerken met de oppositie.”

B: “Onze partij wil met iedereen samenwerken, FvD uitgezonderd. En misschien is samenwerken met JA21 minder waarschijnlijk, zal ik maar zeggen. Maar verder; meer samenwerking en meer overeenkomsten zoeken in plaats van de verschillen vergroten. Dat is heel belangrijk.”

Slag om de Stopera

Op woensdag 16 maart kiest Amsterdam een nieuwe gemeenteraad. In aanloop ernaartoe besteedt Het Parool aandacht aan de politieke partijen, campagnes, peilingen en verhoudingen in de Stopera. Lees mee via parool.nl/verkiezingen

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden