Plus

Hoe er acht jaar lang gevochten werd tegen windmolens

Waarom mocht Amsterdam van de provincie Noord-Holland acht jaar bijna geen windmolens bouwen in de haven en bij de NDSM-werf? Vooral de VVD heeft daarop aangestuurd.

Dit kwam er wel: een nieuw windpark aan de Westfrisia­weg tussen Hoorn en Enkhuizen, met vijf molens van 85 meter hoog. Beeld Martin Dijkstra

Wonen tegenover windmolens, Cees Loggen kan het niemand aanbevelen. De gedeputeerde van Noord-Holland en lijsttrekker van de VVD bij de Provinciale Statenverkiezingen woonde tien jaar geleden bij Alkmaar op een paar honderd meter van drie kloeke windmolens.

"Met het geluid kon ik nog wel leven. Maar de slagschaduw went nooit." Flikkerend licht bij elke wiekslag. "Of je nu van binnen of buiten die kant op keek, altijd was er die slagschaduw waar je knettergek van werd."

Loggen zegt dat hij zich politiek niet liet leiden door deze persoonlijke herinnering. "Maar ik begrijp de mensen die klagen en bang zijn voor de komst van windmolens goed. Ik weet wat ze meemaken. Het is lekker makkelijk om vanuit de hoofdstad te zeggen dat er meer windmolens moeten komen. Daar staan ze niet."

Absurde eisen
In Amsterdam werd het provinciebeleid inderdaad niet begrepen. In 2011 sloeg de stemming in Noord-Holland ineens om. De nieuwe coalitie van VVD, CDA, PvdA en D66 verklaarde de provincie tot verboden terrein voor nieuwe windmolens.

Uiteindelijk moest het provinciebestuur onder druk van de rijksoverheid toch nieuwe molens slikken, maar door strenge, extra voorwaarden werd het initiatiefnemers moeilijk gemaakt. In de acht jaar die volgden zijn zo'n vijftig molens er daarom niet gekomen, volgens duurzaamheidsorganisatie Urgenda.

In Amsterdam liepen 23 van de 33 windmolenplannen -bij de NDSM-werf, in de haven- stuk op de regels van Noord-Holland, die strenger waren dan in andere provincies.

De verhoudingen verziekten volledig. Amsterdam ging ijzerenheinig door met nieuwe windmolenplannen, sprak van 'absurde, kafkaëske eisen' en stapte zelfs naar de Raad van State in een vergeefse poging de provincie terug te fluiten.

Ook binnen het provinciebestuur eisten de windmolens hun tol. Ralph de Vries, in 2015 namens D66 aangetreden als duurzaamheids­gedeputeerde, vond zichzelf als voorstander van windenergie opeens terug in het kamp van de tegenstanders. Al na zes maanden trad hij af. Hij vond zichzelf niet meer geloofwaardig.

Wapenwedloop
Voor de vraag hoe het zover is gekomen moeten we terug naar de verkiezingen van 2011. In de campagne werd de VVD geconfronteerd met nieuwkomer PVV. "Dat wordt knallen en lachen," zei PVV-lijsttrekker Hero Brinkman, in de winningmood omdat de PVV net was gegroeid naar 24 zetels in de Tweede Kamer.

Brinkman sprak niet gewoon over windmolens, alleen over afschuwelijke windmolens. Op het Provinciehuis werd de grap verteld dat de PVV in het verkiezingsprogramma simpelweg het woord islam had vervangen door windmolens.

Van de weeromstuit trok ook de VVD fel van leer tegen windmolens. Helemaal vreemd was dat niet -¿als VVD-leider zei Mark Rutte in 2010 dat windmolens niet draaien op wind, maar op subsidie.

Jaap Bond, toen CDA-lijsttrekker, spreekt van een soort wedstrijd tussen PVV en VVD. "Wie is het strengst tegen windmolens?" Toen de VVD de grote winnaar van de verkiezingen werd, moest de wapenwedloop zich wel vertalen in nieuw beleid.

Tegen een dichte deur
"We wilden onze beloften aan de kiezer waarmaken. En dat is gelukt," zegt Loggen. Zijn persoonlijke ervaring speelde geen rol, bezweert hij. "Ik ben geen donquichot. Ik heb op zich niks tegen windmolens. Weet u, ik ben een Zaankanter. Ik ben opgegroeid met windmolens." Alleen, hij vindt dat er nog genoeg alternatieven zijn, van windmolens op zee en zonnepanelen tot kernenergie.

Ook hij verwijst naar de verkiezingen van 2011. Onlangs noemde hij in een lijsttrekkersdebat de uitslag van toen zelfs het bewijs dat er nu geen draagvlak is voor windmolens. "We moeten ons goed realiseren wat we ons landschap en onze burgers aandoen. De Noord-Hollander heeft in groten getale gezegd: dat willen wij niet."

"Haha, dus ik had het kunnen weten?" Ralph de Vries reageert ontspannen op de conclusie dat de VVD tot de dag van vandaag zwaar tilt aan de verkiezingsuitslag van 2011. Zijn politieke loopbaan werd in 2015 ruw onderbroken toen hij gedesillusioneerd zijn conclusies trok. Als gedeputeerde had hij gehoopt toch enige ruimte te bedingen voor meer windmolens, maar keer op keer liep hij tegen een dichte deur.

Door een aversie tegen windmolens bij zijn VVD-collega's Elisabeth Post en Loggen? De Vries houdt het op: "Persoonlijke weerzin gevoed door de eigen achterban." Die weerzin bestond ook uit irritatie dat het provinciebestuur onder druk van de rijksoverheid toch tientallen windmolens moest toestaan. "Als dit dossier op tafel kwam, was er altijd een stuk chagrijn bij."

Speelbal en boksbal
Dat er geen beweging in te krijgen was, wijt De Vries ook aan angst voor de krachten die zouden loskomen als werd getornd aan de coalitie­afspraken. Zo verklaart hij ook het 'conformisme' van PvdA en zijn eigen partij D66 die het windmolenbeleid acht jaar lang zijn blijven steunen. "Mekaar vasthouden."

Hij kwam steeds meer alleen te staan, want De Vries moest voor de buitenwereld de klappen opvangen. Hij was immers gedeputeerde Duurzaamheid van het groene D66. "Ik was speelbal en boksbal tegelijk, terwijl ik beleid moest verdedigen waar ik niet in geloofde."

50

Door weerstand van de provincie zijn de laatste acht jaar zo’n vijftig windmolens in Noord-Holland niet gebouwd.

Beeld ANP

De Vries werd vanuit zijn partij en vanuit Amsterdam stevig onder vuur genomen. Op het D66-congres werd de Tweede Kamerfractie opgeroepen om te zorgen voor soepeler windmolenbeleid in Noord-Holland. "Zo vernederend." Alle publieke druk hielp ook niet. "Geef bestuurders nou enige ruimte om oplossingen te zoeken. Het werd veel te persoonlijk gemaakt."

De druppel die de emmer deed overlopen was een tweet van de Amsterdamse VVD-wethouder Eric van der Burg. 'Idioot, 020 gaat voor duurzame energie en D66-gedeputeerde Ralph de Vries blokkeert dat ondanks oproep D66-congres,' twitterde hij. "Dat was zo persoonlijk, zo laag. Ik dacht: jij bent verdomme zelf VVD'er! Ik was van alle kanten in het pak genaaid."

Oude troep opgeruimd
Zelfs na het aftreden van De Vries veranderde er niets. D66 greep het moment niet aan om meer ruimte te bedingen voor windmolens. Dat was achteraf de enige kans om de ban te breken, denkt Martijn Pater van NDSM Energie, dat zes windmolens wilde bouwen bij de NDSM-werf. "Toen dat niet gebeurde, wist ik: dit spel is over."

Jack van der Hoek nam het stokje over als gedeputeerde voor D66. Onder druk van de rijksoverheid en omdat bestaande windmolens werden vervangen door moderne, grote exemplaren, wordt wel degelijk meer windenergie opgewekt.

"Chapeau voor mijn opvolger, maar er hadden nu veel meer windmolens kunnen staan," zegt De Vries. D66 en PvdA, die deze verkiezingscampagne in het defensief zitten omdat ze de VVD aan een meerderheid hebben geholpen, troosten zich met de gedachte dat Noord-Holland als bijna de enige provincie nu al de afspraken met de rijksoverheid voor meer windenergie is nagekomen.

CDA'er Bond is ronduit tevreden. Terugkijkend was het van 2011 tot 2015, toen Bond verantwoordelijk was voor het windmolenbeleid, dat Noord-Holland de volgens Amsterdam 'absurde en kafkaëske' eisen opstelde. Bond wijst naar de jaren negentig, toen wel heel lichtzinnig windmolens werden geplaatst. "Bij elke boerderij een windmolen." Voortaan moesten ze daarom met ten minste zes op een rij langs lijnen die samenhang geven aan het landschap, zoals dijken, sloten en kanalen.

Schreewend duur
Door ontwikkelaars van elke nieuwe windmolen de verplichting te geven twee oude molens te ontmantelen, werd meteen de 'oude troep' opgeruimd, zegt Bond. "Dat kwam het landschap ten goede en het draagvlak." Dat de op te kopen molens schreeuwend duur werden door prijsopdrijving heeft hem niet van mening veranderd. Het is toch gelukt, zegt Bond. "Ik heb dat goed gedaan."

Bond had trouwens best een uitzondering willen maken voor industriegebieden zoals de Amsterdamse haven, verklapt hij. Daar zag hij wel ruimte voor windmolens, maar de VVD wilde daar niet aan. Klopt, zegt Loggen. "Dan zouden we met twee maten hebben gemeten."

Loggen blijft erbij: ook deze verkiezingen is de VVD fel tegen nieuwe windmolens. Maar het zal niet meevallen om die belofte waar te maken. GroenLinks lijkt sterk te groeien en eist honderd windmolens erbij. D66 en PvdA willen ten minste in industriegebieden meer ruimte voor windenergie. Na het Klimaatakkoord meldt de rijksoverheid zich allicht met een nieuwe opgave voor het winderige Noord-Holland.

En alle opgeworpen barrières hebben niet kunnen voorkomen dat tussen Hoorn en Enkhuizen pas nog een groot windpark is opgeleverd. Vijf masten van 85 meter hoog mochten er komen omdat de aanvraag voor 2011 was ingediend. Hoe Loggen daarnaar kijkt als hij rijdt over de Westfrisiaweg? "Dan huilt mijn hart als Noord-Hollander."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden