Bij De Kunstfabriek koop je kunst voor boven de bank. Geen moeilijk gedoe over kunst als uitdrukking van de zielenroerselen van een artiest. De Kunstfabriek bedenkt leuke plaatjes. Kunstschilders in China maken daar doeken van op groot formaat.

De koeien zijn nog even populair als tien jaar geleden, toen de Kunstfabriek begon. Die koeien zijn gebleven. Verder wordt elk kwartaal een nieuw thema aangeboord. Goudvissen, groenten, gigantisch uitvergrote potjes of blikken Unoxsoep, duidelijk een knipoog naar Andy Warhols Campbellblikken. Maar je eigen zelfportret op één bij twee meter, een oude filmster of een pront naakt zijn ook te krijgen. Naakt boven de bank? ''Zolang het maar niet te expliciet is,'' zegt Hanneke Verschuur van de Kunstfabriek. ''Je moet het tegenover je schoonmoeder kunnen verantwoorden.

Het nieuwste thema: interieurs. Tot en met 22 augustus wordt de collectie getoond die net uit China is binnengekomen: geschilderde interieurs van paleizen, kastelen en buitenhuizen in Frankrijk, Engeland en Italië, die de wat krappe kamers van de vinexwoning groter doen lijken. En dat voor ongeveer twaalfhonderd euro.

In de tien jaar van zijn bestaan verkocht de Kunstfabriek, nu op het Westergasterrein, vijfduizend schilderijen. Vorige week werd op de Hoofddorpweg een filiaal geopend.

De Kunstfabriek vond een gat in de markt door puur decoratieve, maar toch unieke kunst te leveren. Van elk schilderij is er maar één. Het lokte meteen heftige discussies uit in het wereldje van kunstenaars, kenners en handelaren. Kunst was toch de persoonlijke uiting van de kunstenaar? Dit kon dus niet meer dan kitsch zijn: een fotootje naar China sturen en het daar laten overschilderen op doek.

Anderen meenden dat die gepikeerde reacties typerend waren voor de vastgeroeste ideeën over wat goede kunst is en wat niet. Een criticus concludeerde dat De Kunstfabriek zelf de meest shockerende kunstuiting was in lange tijd. De Kunstfabriek ontmantelt het vertrouwde idee over kunst - een uiting bedacht en uitgevoerd door één en dezelfde persoon. In Nederland wordt een afbeelding ontworpen, en een kunstenaar in China schildert die exact met olieverf op doek.

Dat druist in tegen het romantische beeld dat wij hebben van de kunstenaar, zegt kunsthistorica Hanneke Verschuur. ''Maar dat is pas in de negentiende eeuw ontstaan. De oude meesters besteedden ook al werk uit. Breughel liet honderden winterlandschapjes kopiëren.

De oprichters van de Kunstfabriek hadden niet de bedoeling de kunstwereld te provoceren, maar slaagden daar desondanks wonderwel in. Verschuur: ''Nederlandse kunstenaars hebben er geen problemen meer mee. We zitten ze niet in de weg. Vaak zien ze ons concept als kunst. Galeries daarentegen vinden het niks, maar dat zal ook iets met broodnijd te maken hebben."

Inmiddels is de vraag eerder of het wel koosjer is dit werk uit te besteden aan China. De schilderijen worden geassocieerd met slavernij, met 'schilderdorpen' waar Chinezen aan de lopende band 100.000 keer Van Goghs zonnebloemen kopiëren.

Geheel ten onrechte, zegt Verschuur. ''Onze schilders werken thuis en maken een tot twee schilderijen per maand. We hebben de beste schilders en betalen ze naar Chinese begrippen goed. Door het geld dat ze hiermee verdienen, zijn ze in staat eigen werk te maken. Je zou het fair trade kunnen noemen, maar wij zijn niet in de markt voor ontwikkelingswerk."

Nederlandse kunstenaars voelen er overigens niks voor om voor de Kunstfabriek te schilderen. Wie de academie gevolgd heeft, wil zijn eigen ding doen, weet Verschuur. Daar komt bij dat bijna niemand in Nederland dit 'fotorealisme' in olieverf zo goed beheerst als de Chinezen. De techniek is in China geïmporteerd ten tijde van het communisme, vanuit de Sovjet-Unie, waar die gebruikt werd voor propagandamateriaal. Hier wordt de techniek al lang niet meer als vanzelfsprekend op de academies gegeven. (MARK MINNEMA)