PlusReportage

Het toekomstige Amsterdam ligt in zee, en dat hoeft geen ramp te zijn

De Onkruidenier bij de Tolhuistuin. Beeld Jakob van Vliet

Over tweehonderd jaar staat Amsterdam onder water. Een kunstproject in de Tolhuistuin laat zien dat dat geen ramp hoeft te zijn – zolang je van zeekraal houdt. 

Eerst maar het slechte nieuws: op de kaart van het Nederland van het jaar 2200 steken alleen de Veluwe en de Hondsrug nog boven het water uit. De rest, inclusief Amsterdam, staat blank als gevolg van de stijgende zeespiegel. Het goede nieuws is dat we nog twee eeuwen hebben om aan het idee te wennen en voorbereidingen te treffen voor het leven in een echt waterland. Of zoals kunstenaar Jonmar van Vlijmen het stelt: “We zijn gewend te vechten tegen de zee, maar we moeten leren om de zee te omarmen.”

Dat laatste vergt een nieuwe manier van denken, en dat is precies waarvoor Van Vlijmen samen met Ronald Boer en Rosanne van Wijk is neergestreken in de Tolhuistuin tijdens het Warming Up Festival. In twee glazen zeecontainers aan het IJ wordt onder leiding van het kunstcollectief De Onkruidenier een week lang gesproken met wetenschappers en voorbijgangers over de gevolgen van het wereldwijde wassende water. En dan niet als akelige rampenfilm, maar als een nieuwe, natte realiteit waarin de mens zijn weg moet zien te vinden. 

Dat kan prima, is de positieve boodschap van Van Vlijmen. De huidige akkerbouw en veeteelt zullen niet meer kunnen worden uitgeoefend, maar er zijn goede alternatieven voorhanden. “Een paar jaar terug hebben we op Vlieland onderzoek gedaan naar strandgroenten: zeeraket, zeepostelein, zeekraal. Die doen het goed in een zilte omgeving. Het is denkbaar dat we op enig moment overstappen op zeeboerderijen waar dergelijke gewassen op grote schaal worden verbouwd.”

Beeld Jakob Van Vliet

Overvloed aan voedsel

Het leven van wat de nabije natuur te bieden heeft is de core business van De Onkruidenier, in 2013 begonnen uit onvrede met de overvloed aan voedsel. Van Vlijmen: “We woonden in West, op loopafstand van maar liefst zeven supermarkten. Bij wijze van hobby zijn we in het Westerpark op zoek gegaan naar voedsel. We vonden wilde marjolein, groene asperges en pastinaak. Een jaar later deden we de catering voor een expositie in het Amstelpark. We presenteerden vier soorten parkpesto, gemaakt van ingrediënten uit het park.”

Daarna ging het hard met het kunstcollectief. De uitnodigingen stroomden binnen. Bij voorbeeld voor een tentoonstelling op het paleis Soestdijk, waar Van Vlijmen en Boer een theemelange lanceerden van de favoriete planten uit eigen tuin van koningin Juliana. Andere onkruidexpedities resulteerden onder meer in de brandnetelkroket en een lustverhogend elixer van berenklauw. “We proberen smaak te introduceren als onderdeel van het landschap,” vertelt Van Vlijmen. “In de supermarkt is het altijd zomer, in de natuur niet.” 

De nieuwe watermens zal meer moeten aanpassen dan zijn eetpatroon. In Taiwan maakten Van Vlijmen en Boer kennis met een familie van zeenomaden die van generatie op generatie had gedoken naar voedsel uit de zee. Van Vlijmen: “We leerden een meisje kennen, Lola, dat twaalf minuten onder water kon blijven. Ik heb het ook geprobeerd, en kwam tot 48 seconden. Die zeenomaden hebben een opvallend grote milt, waardoor zij een veel grotere zuurstofbuffer hebben. Het is een kwestie van evolutie.”

Beeld Jakob Van Vliet

Het toekomstige Amsterdam

Hoe moet het nu met Amsterdam? Van Vlijmen laat een kaart zien die geograaf Kim Cohen van het natte land heeft gemaakt. Een vingeroefening natuurlijk, maar Amsterdam bestaat nog, als benarde vesting in het water. “Met damwanden is het mogelijk de stad droog te houden. Vergeet niet dat er nu ook 24 uur per dag in het hele land pompen hard aan het werk zijn om water weg te pompen. Naarmate de zeespiegel stijgt, wordt het verschil tussen de ene kant van de dijk en de andere alleen maar groter.”

Het leven in het toekomstige Amsterdam in zee is niet voor iedereen weggelegd, erkent Van Vlijmen. “Ik verwacht dat veel mensen hun toevlucht zullen zoeken op hoger gelegen delen van Europa. Anderen zullen blijven om te kijken wat er mogelijk is.” 

Onnodig om te vragen waar de kunstenaar voor zou kiezen. “Van de week hadden we hier marinebioloog Lisa Becking. Met haar speculeerden we hoe de klimaatverandering de groei van koraalrif in het IJ mogelijk kan maken. Dat wil ik natuurlijk niet missen.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden