PlusAchtergrond

Het ontmantelde MC Slotervaart: ‘De medicijngeur ruik je niet meer’

Tot aan het faillissement was het MC Slotervaart een bedrijvig dorp in Nieuw-West met liefst 1118 personeelsleden. Een jaar later zijn er 13 van over, om de laatste zaken af te handelen. ‘Ik ken het ziekenhuis langer dan mijn vrouw.’ 

Ayten Cigdem en Merie de Bruin (midden) lunchen met collega’s Rkia en Hasnae in de gang van het ziekenhuis.Beeld Dingena Mol

Het is lunchtijd. De tafels voor de koffiecorner annex winkeltje op de begane grond van het voormalige Slotervaartziekenhuis zijn druk bezet. Eromheen zit voornamelijk personeel van de enkele bedrijven die er nog altijd huizen – Atal, Mondzorg en de apotheek.

Lunchtijd is het moment van de dag dat nog het meest doet denken aan de reuring van ruim een jaar geleden, toen het Slotervaart nog volop in bedrijf was en de deuren openstonden voor alles en iedereen. Nu moet een bezoeker aanbellen om binnen te komen en is het gros van de kamers, zalen en gangen donker, stil en verlaten.

Spookziekenhuis

Voormalig hoofdlaborant radiologie Kees de Vries (60) is een van de dertien mensen die er in dienst van de curatoren van het failliete MC Slotervaart nog wel werken. Hij beheert de röntgenapparaten die straks naar een nieuwe ­eigenaar gaan en helpt mee met de uitgifte van de patiëntendossiers. Tientallen mensen komen dagelijks langs om hun dossier op te halen, zegt hij. “Patiënten barsten soms in tranen uit. Ze missen de sfeer en de korte lijnen met de artsen. Dit was een sociaal ziekenhuis voor de minder bedeelden. Zij zijn hun plekje kwijt.”

Op de kop af ‘41 jaar en twee maanden’ werkt De Vries in het Slotervaart, dat eind 1975 de deuren opende en op 25 oktober vorig jaar failliet ging. “Ik had mijn jaren er graag uitgediend, maar die droom is uit elkaar gespat. Ik mis mijn collega’s. Toch ga ik hier nog steeds met plezier heen. Dit is mijn tweede thuis. Ik ken het ziekenhuis langer dan mijn vrouw.”

Behalve De Vries lopen nog twaalf mensen rond in het spookziekenhuis om de ­laatste zaken af te wikkelen: het digitaliseren en verstrekken van patiëntendossiers, het runnen van de koffieshop, het beheren van de resterende apparatuur en het schoonhouden van het ziekenhuis.

Begin februari bleek uit cijfers van uitkeringsinstantie UWV dat 961 van de 1118 personeels­leden die in het ziekenhuis werkten, weer een baan hadden gevonden. Sindsdien is dat aantal nog toegenomen. Gisteren – precies een jaar na het faillissement – was in Amsterdam een reünie van het ziekenhuispersoneel.

Een paar tafels verderop zitten drie schoonmaaksters. Hun tafel kijkt uit op de kleurrijke, monumentale glazen wand, een topstuk van Karel Appel, dat inmiddels vol barsten zit. De drie houden sinds de sluiting het hele ziekenhuis schoon. “Het is kaal, leeg en stil,” zegt Has­nae (34, ‘liever geen achternaam’)­. “Het is eng en donker. Ik krijg er de kriebels van. Ik loop echt niet in mijn eentje door zo’n lege gang.” Ayten Cigdem (50) knikt. “Er zijn geen patiënten, geen bedden meer. De geur van medicijnen ruik je niet meer.”

Halflege bak wenskaarten

Hasnae is de jongste van het stel. “Ik werk hier vier jaar, maar het voelt als dertig. Als ik met de auto langs het gebouw rijd en ik zie de letters Slotervaart op het dak staan, dan denk ik: waarom?”

Links van de winkel staat een halflege bak met wenskaarten. Erboven hangt de tekst ‘Alles één euro’. Bloemen, ballonnen, knuffels en softijs zijn sinds de sluiting niet meer te krijgen. Er kan nog wel volop worden geluncht, met warme hap incluis. Merie de Bruin (53), de medewerkster van de koffiecorner, maakt geregeld nog haar eiersalade klaar. Ze is voor de gezelligheid even aangeschoven bij de schoonmakers die ze al sinds jaar en dag kent. Hun contract loopt tot eind december, maar ze moeten er niet aan denken als laatsten de deur dicht te trekken. “Wij blijven hier, wij gaan niet weg,” zeggen ze in koor.

Band met het ‘Slootje’

“Wij zijn één familie, al is die inmiddels gekrompen tot dertien mensen,” zegt De Bruin, die net als de anderen een stoffen jas met het logo MC Slotervaart draagt.

Het viertal haalt geregeld herinneringen op. Over de chaos en paniek die na de bekend­making van de sluiting heersten. “Ik ging naar huis en viel op de grond. Huilen, huilen. Zo erg vond ik het,” zegt De Bruin. Bij Hasnae springen de tranen in de ogen. “Ik hoop dat het hier weer gaat bloeien.”

Henk Kortschot, ‘de stem van het Slotervaart’: ‘We waren vier keer bijna failliet. Het loopt wel los, dachten we.’Beeld Eva Plevier

Ze zijn niet de enigen die nog een band hebben met het ‘Slootje’. “Artsen en verplegers komen hier nog langs om nog even de gezelligheid van toen te ervaren. Gisteren liep arts Dees Brandjes nog even een rondje. Ze omhelzen je.”

Rick Scholte, ICT’er, wipt vlak voor sluitingstijd nog vlug de koffiecorner in om een broodje te scoren. Hij is sinds de sluiting druk met het samenstellen van het archief van alle patiëntendossiers. Wat hij in de toekomst gaat doen, weet hij nog niet. Maar één ding weet hij wel: “Wat je hier hebt, krijg je niet meer terug. Korte lijnen, een pragmatische aanpak, weinig vergaderingen maar gewoon je werk doen. Toen ik hier veertien jaar geleden kwam werken, zei men: ‘Het Slotervaart is een dorp.’ Ons kent ons. Dat vind je niet meer.”

‘Ik was de gedroomde telefonist’

Decennialang werkte Henk Kortschot (63) bij het Slotervaart, de laatste jaren als telefonist. Een nieuwe baan heeft hij nog niet.

Juni 1978 liep Kortschot met zijn blindenstok het ziekenhuis binnen. Hij werd er aangesteld als dictafonist om de verslagen van de röntgenologen uit te tikken. Hoewel hij geen medische term kende, nam het Slotervaart, een sociaal ziekenhuis, hem aan. “Niemand wilde de hele dag typen. Ik ben dol op typen.”

Toen hij 22 jaar later RSI kreeg, stelde het ziekenhuis hem aan als telefonist. Zo’n 750 tot 800 telefoontjes per dag beantwoordde hij. Kortschot werd ‘de stem van het Slotervaart’. “Ik nam de telefoon op met: ‘Goedemorgen, MC Slotervaart. Met Henk’.”

“Ik kon aan de stem horen of mensen echt ziek waren en deed er alles aan ze in contact te brengen met hun arts.”

Twee avonden in de week werkte hij er als vrijwilliger voor ziekenomroep Domino. Hij ging langs de bedden om verzoekplaatjes op te halen.

Dat het ziekenhuis failliet ging, verbaasde Kortschot niet. “Er was altijd geld tekort. De draaideur was stuk, er waren lekkages. De balie was zo oud als het ziekenhuis zelf. Afspraken en zelfs operaties werden afgezegd. Er zijn een stuk of tien managers geweest, maar niemand kon het voor elkaar krijgen. We waren vier keer bijna failliet. Het loopt wel los, dachten we. Toch was het een schok toen het echt dichtging.”

Nu zit hij thuis op de bank. “Het Slotervaart deed er door de jaren heen alles aan me in dienst te houden. Ze schaften steeds de juiste apparatuur voor me aan. Ik was voor hen de gedroomde telefonist. Ik denk dat ik voor menig bedrijf nog wel wat kan betekenen.”

Hoe verder met MC Slotervaart?

De afwikkeling van het faillissement van MC Slotervaart is afhankelijk van de vraag wie eigenaar wordt van het ziekenhuispand.

Het eigendom berust bij de laatste eigenaren, zorgondernemers Loek Winter, Willem de Boer en een compagnon. Als het aan hen ligt, blijft dat zo. Zij hebben de handen ineengeslagen met vastgoedbedrijf Zadelhoff, dat bereid is alle schulden te voldoen, minus een lening van 4,7 miljoen van Winter en zijn zakenpartners. In juli noemden de curatoren een bedrag van 55 à 58 miljoen euro.

Daarmee kunnen de 1600 schuldeisers volledig worden terugbetaald, wat vrijwel nooit gebeurt bij een faillissement. Met een recht van eerste koop en dreigende onteigening verzette het stadsbestuur zich maandenlang tegen de Zadelhoffdeal. De vrees was dat die de weg baant voor dure particuliere ­klinieken in het gebouw, terwijl de gemeente inzet op laagdrempelige buurtzorg.

Zadelhoff zegt daaraan te willen meewerken, maar er is nóg een pijnpunt: de betrokkenheid van Winter en partners. De stad vindt het onverteerbaar als zij profiteren van een faillissement waaraan ze zelf mogelijk debet zijn. Om dat uit te sluiten eist het college onderzoek naar de oorzaken van de ondergang van het ziekenhuis. Zadelhoff en Winter cs stemmen in, maar over de voorwaarden wordt al maanden gesteggeld.

De curatoren zijn optimistisch en verwachten dat er net na de jaarwisseling een akkoord ligt tussen Zadelhoff en de gemeente. De onderhandelingen kunnen niet eindeloos duren. Om het gebouw draaiende te houden tot eind dit jaar heeft Zadelhoff 6 miljoen euro geleend.

Bas Soetenhorst

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden