PlusAchtergrond

Het boek van Franciscus van den Enden ging zelfs het tolerante Amsterdam van de 17de eeuw te ver

De Corte Leere ofte Gereformeerde School, een gedicht van Van den Enden, op een prent uit circa 1650. Beeld
De Corte Leere ofte Gereformeerde School, een gedicht van Van den Enden, op een prent uit circa 1650.

Directe democratie, gelijkheid voor iedereen en een vrije huwelijksmoraal. Het in 1665 anoniem verschenen boek Vrye politijke stellingen en consideratien van staat ging zelfs het tolerante Amsterdam te ver. Auteur Franciscus van den Enden nam de wijk naar Parijs, waar hij in 1674 aan de galg zou eindigen.

Peter de Brock

Alleen door verheffing van het volk kan er een rechtvaardige en vrije staat ontstaan, waarin alle mensen gelijkwaardig zijn. Het is een van de hoofdstellingen uit het in 1665 in Amsterdam verschenen boek Vrye politijke stellingen en consideratien van staat. ‘Voor elke dienende positie moet er een toereikende, eerlijke weg open worden gelaten om een hogere status te kunnen bereiken voor wie dat wil,’ aldus de anonieme auteur. ‘De democratie is de enige vrije regering die van nature continue verbeteringen toelaat.’

Dat het explosieve werk anoniem en in eigen beheer was uitgegeven was wel ‘zo verstandig’ stelt Roek Vermeulen, die het boek heeft hertaald in modern Nederlands: “Zo tolerant was de Republiek nou ook weer niet.”

Als voorbeeld van die verdraagzaamheid noemt hij Adriaan Koerbagh, die voor soortgelijke revolutionaire gedachten een zware gevangenisstraf kreeg en wiens werken werden vernietigd.

Pas aan het einde van de twintigste eeuw werd ontdekt wie de auteur van Vrye politijke stellingen en consideratien van staat was: de in 1602 in Antwerpen geboren Franciscus van den Enden. Deze zoon van arme wevers doorliep in de Scheldestad de Augustijnerschool en het Jezuïetencollege. Tijdens zijn studie theologie in Leuven, werd hij nog voor zijn wijding tot priester vanwege ‘dwalingen’ weggestuurd.

Baruch Spinoza

In 1640 trouwde Franciscus van den Enden met Clara Maria Vermeeren, met wie hij zeven kinderen zou krijgen. Een paar jaar later verhuisde het echtpaar naar Amsterdam, waar ze in hun huurhuis aan de Nes een kunst- en boekhandel begonnen.

De zaak op de Nes ging in 1652 failliet. De Latijnse school die hij daarna stichtte op het Singel, had meer succes. De Amsterdamse regenten en kooplieden stuurden er hun zoons graag naartoe. Onder de leerlingen was ook een zekere Baruch Spinoza, die vanwege zijn ideeën uit de Amsterdamse Portugees-Joodse gemeenschap zou worden verbannen.

De leerlingen stonden ook regelmatig op de planken van de schouwburg. De Amsterdamse kerkenraad probeerde tevergeefs twee opvoeringen van de Andria van Terentius tegen te houden van de voormalige ‘paepse’ Van den Enden. Deze protestantse zedenprekers verdachten hem bovendien van atheïsme, omdat er in zijn gedroomde staat geen plek was voor georganiseerde godsdienst. Ze slaagden er wel in dat er op de Latijnse school geen openbare disputaties meer mochten worden afgenomen, waarbij een pupil een door de docent opgegeven stelling moest verdedigen.

De revolutionaire boodschap die Van den Enden predikte spat ook nu nog van de pagina’s in het tot Vrije staatkundige stellingen hertaalde boek: de monarchie is een verrot systeem en de directe democratie de enige goede staatsvorm. In een vrije rechtvaardige staat zijn alle mensen gelijkwaardig en moet iedereen kunnen profiteren van de welvaart. Waarbij ‘de ene mens de ander best in welstand kan overtreffen, maar nooit zo ver dat de welstand van de minderbedeelden daardoor duidelijk gehinderd wordt’. Het was een directe aanval op de Amsterdamse regenten, die hun welvaart vaak dankten aan met geweld afgedwongen handelsmonopolies.

Verzoekschrift

Ook de termen ‘heer’ en ‘slaaf’ konden in een goed ingerichte staat niet langer worden gebruikt, ‘laat staan in de praktijk gebracht’. De slavernij had Van den Enden al eerder verworpen. In 1661 schreef hij namens Pieter Cornelisz. Plockhoy een verzoekschrift aan het stadsbestuur voor vestiging van een waarlijk christelijke gemeenschap in de Amsterdamse kolonie Nieuw-Nederland, in de buurt van het huidige New York (zie kader). Een jaar later is hij in een publicatie lovend over de oorspronkelijke bewoners, ofwel de ‘naturellen’, die geen gezag erkennen, gezamenlijk beslissingen nemen en een vrije huwelijksmoraal kennen.

Hoe minder huwelijkse wetten en regels des te beter, stelt hij in 1665 in zijn Vrije staatkundige stellingen. Kijk maar naar ‘de kwalijke ontucht’ van priesters, monniken en begijnen. Ook ziet hij niets in strenge straffen op ‘vruchtvernietiging’ omdat ‘die meer kwaad dan goed doen’.

Mensen mogen weliswaar slechts met één partner trouwen, maar zouden wel de vrijheid moeten krijgen er diverse seksuele relaties op na te houden. Dat laatste ook tot heil van de natie omdat ‘onbekwaamheid van de man bij zijn huwelijkse plichten de vruchtbaarheid van de vrouwen in kwestie geheel onproductief maken, wat de gehele staat schade toebrengt’.

Ontevreden edelen

In 1671 neemt Franciscus van den Enden de wijk naar Parijs, waar hij een nieuwe Latijnse school opent: Hôtel des Muses. ‘Maar wat had hij verder te zoeken in Frankrijk, waar het door hem verfoeide katholicisme alles overheerste en de allerergste van de “Europese potentaten” regeerde?’ vraagt Roek Vermeulen zich in de inleiding af.

De radicale verlichter bleek al een tijdje contact te hebben met een groep ontevreden Franse edelen, die met steun van de Nederlandse vloot een vrije republiek wilden stichten in Normandië. Maar het complot tegen zonnekoning Lodewijk XIV lekte uit. In 1674 werden de samenzweerders gearresteerd, gemarteld en terechtgesteld op de Place de la Bastille. De 72-jarige Franciscus van den Enden werd opgehangen, zijn adellijke Franse vrienden onthoofd.

Franciscus van den Enden: Vrije staatkundige stellingen, hertaald door Roek Vermeulen. Noordboek, € 19,90, 128 blz.

De utopische kolonie van Plockhoy

Voordat hij zijn Vrije staatkundige stellingen publiceerde, was Franciscus van den Enden al politiek actief. Eind 1661 schreef hij een verzoekschrift voor Pieter Cornelisz. Plockhoy, die in de Amsterdamse kolonie Nieuw-Nederland aan de Amerikaanse Hudsonrivier een ‘waarlijk christelijke gemeenschap’ op democratische grondslag wilde oprichten waar iedereen gelijk zou zijn, van slavernij kon dan ook geen sprake zijn.

Opmerkelijk genoeg kreeg Plockhoy voor zijn utopische plan de zegen van de Amsterdamse burgemeesters. In de zomer van 1663 waagde Plockhoy met veertig medestanders de overtocht. De eerstvolgende zomer veroverden de Engelsen heel Nieuw-Nederland en plunderden Plockhoys kolonie.

De 72-jarige Franciscus van den Enden werd in 1674 gearresteerd, gemarteld en terechtgesteld op de Place de la Bastille wegens samenzwering. Beeld A. Arnould
De 72-jarige Franciscus van den Enden werd in 1674 gearresteerd, gemarteld en terechtgesteld op de Place de la Bastille wegens samenzwering.Beeld A. Arnould

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden