GVB traint trambestuurders in een virtuele stad

Marc Kruyswijk rijdt in een van de GVB-simulatoren met een tram door de Paulus Potterstraat.Beeld Lin Woldendorp

Het GVB moet schipperen met trams. Om er zo veel mogelijk te kunnen inzetten, wordt een deel van de training vanaf 27 mei met een simulator gedaan. Verslaggever Marc Kruyswijk maakte alvast een ritje.

Op de Van Baerlestraat gaat het vreselijk fout. Terwijl ‘tram 5200’ vanuit de Paulus Potterstraat linksaf slaat, wordt een andere tram over het hoofd gezien. In een fractie van een seconde speelt zich het donkerste scenario af dat je je als trambestuurder kunt voorstellen: de tweede tram rijdt snoeihard binnen, pontificaal de cabine in. Met een schok staat alles stil, alarmsignalen klinken, allerlei lichtjes op het besturingspaneel van de tram knipperen.

Mijn eerste reactie: doen alsof er niets is gebeurd en stiekem gewoon verder rijden. Maar rijden gaat niet meer: beide trams zijn, het kan bijna niet anders, zeer ernstig beschadigd. Hoe het met de reizigers achterin is, is nog onduidelijk, maar op basis van de klap moeten er wel mensen van hun plek zijn geslingerd.

Maar, dat is vreemd: achter mij klinkt gelach. Met een mannetje of tien hebben ze zitten meekijken hoe deze debuterende trambestuurder een serie domme fouten maakte en zo verantwoordelijk werd voor een stevige botsing tussen twee trams. “Hij reed door rood.” En: “Hij keek niet voordat hij het kruispunt opreed.”

De botsing is virtueel. We zitten hier niet in een tram op de hoek bij het Stedelijk Museum, maar in de vers ingerichte oefenruimte van het GVB op de eerste verdieping van tramremise Havenstraat. Op drie simulators zijn ervaren tram­bestuurders, en één kluns dus, bezig met het maken van ritjes door de stad. Terwijl links de regen tegen de voorruit slaat, is het rechts prachtig weer. En op de middelste simulator daalt ineens een dikke mist neer over de stad, precies op het moment dat de tram door de Leidsestraat sukkelt.

Veilig en soepel door de stad

We kunnen het de bestuurder zo moeilijk maken als we willen, zegt teamleider Maurice van der Starre. “We hebben sneeuw, regen en ijzel, je kunt de simulator op ritten overdag instellen of ’s avonds, het kan glad of droog zijn.” Ze kunnen het druk maken op straat of zorgen voor een paar onoplettende voetgangers. Meer fietsers, minder auto’s: het systeem kan het allemaal.

Ze draaien er al een paar weken proef mee: simulators waarmee bestuurders volgens Van der Starre ‘nog beter en gerichter kunnen worden opgeleid om zich veilig en soepel door het steeds drukker wordende Amsterdamse verkeer te bewegen’. Instructeur Nordin Harrando: “Dit is enorm praktisch en efficiënt. Als ik met een echte tram iemand over de Dam wil laten rijden, moet ik er eerst heen vanaf de Havenstraat. Straks lopen we hier gewoon de trap op en kan ik, als het moet, iemand tien keer over de Dam laten rijden.”

Niet alleen de tijdwinst is een groot voordeel, maar ook dat er geen echte tram aan te pas hoeft te komen. Het trammaterieel is namelijk een heikel punt bij het GVB. Het vervoerbedrijf moet alle zeilen bijzetten om voldoende voertuigen beschikbaar te hebben voor de dienst­regeling. Elke tram die niet hoeft te worden ingezet voor instructie, is beschikbaar voor reizigers. Van der Starre: “Dat speelt een rol, maar het belangrijkste is toch dat je met dit systeem het lerend vermogen kunt vergroten.”

Die vergroting zit met name in de manier waarop bestuurders, beginnende maar ook de ervaren mannen en vrouwen, kunnen worden getraind in het omgaan met onvoorziene situaties. Harrando: “Op straat kunnen we niet een bijna-ongeluk creëren, met dit systeem is dat eenvoudig.”

Analyse van ritgegevens

De simulator dient voor trainingsdoeleinden dus, maar, zegt Van der Starre: “We kunnen het ook gebruiken om incidenten na te bespreken. De gegevens van een tram die bijvoorbeeld bij een ongeluk betrokken is geweest, kunnen we naar de simulator uploaden zodat we met de betrokken bestuurder kunnen kijken wat er is gebeurd en hoe de situatie eventueel had kunnen worden voorkomen.”

Dat blijkt tijdens de analyse van de op het oog nogal domme botsing op de Van Baerlestraat: de bestuurders zitten tien minuten na het ongeval nog steeds met elkaar te praten. Had die tweede tram niet moeten anticiperen op het negeren van het rode licht door de tram van de verslaggever?

Over één ding zijn ze het eens: als het een echte botsing was geweest, dan had Het Parool nu met een behoorlijk gepeperde rekening gezeten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden