PlusExclusief

Grote zorgen om de sociaal-emotionele ontwikkeling van scholieren: ‘De basis zit niet goed’

Scholieren hebben door de coronamaatregelen zorgelijke achterstanden opgelopen in hun sociaal-emotionele ontwikkeling. Vooral 13- tot 15-jarigen – de groep die geen afscheid kon nemen van de basisschool met een musical en in de brugklas zat toen de scholen werden gesloten – hebben het lastig. ‘De basis zit niet goed.’

Raounak Khaddari
Leerlingen van het Amsterdams Lyceum. De mensen op de foto komen niet in het verhaal voor. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Leerlingen van het Amsterdams Lyceum. De mensen op de foto komen niet in het verhaal voor.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Iedere docent weet dat het na de zomervakantie, aan het begin van een nieuw schooljaar, even duurt voordat leerlingen ‘geland’ zijn. Pubers zoeken naar een modus waarin ze zich fijn voelen, de rollen in de klas worden onderling bepaald en klasgenoten leren elkaar beter kennen. Deze zogenoemde ‘storming-and-normingfase’ duurt doorgaans zo’n twee maanden.

Dit jaar valt het middelbare scholen op dat leerlingen eind november nog steeds onrustig zijn en niet aan leren toekomen. De gevolgen van het gebrek aan interactie met leeftijdsgenoten worden nu zichtbaar en dat baart onderwijzers zorgen.

Gefocust op didactische achterstand

“Wij merken het vooral bij de groep die nu in de 2de klas zit. Die heeft geen echte afsluiting gehad op de basisschool en ook geen brugklaskamp,” zegt rector-bestuurder Jan Paul Beekman van het Spinoza Lyceum, die een brief schreef aan alle ouders om zijn zorgen te uiten. “Niet alle maar veel kinderen hebben een moeilijke start gehad en de gevolgen daarvan worden nu duidelijk. Dit specifieke gedrag hebben we niet eerder meegemaakt en het belemmert leerlingen erg in hun schoolprestaties.”

Ook Steven Tan, directeur van het Marcanti College op de Jan van Galenstraat, herkent de onrust. “We hebben te veel gefocust op de didactische achterstand, terwijl de sociaal-emotionele achterstanden prioriteit hebben, dat is de basis.”

Sportdagen, kamp en andere groepsactiviteiten zorgen er impliciet voor dat leerlingen elkaar beter leren kennen en zich veilig gaan voelen. Een veilig gevoel is een basisbehoefte die goed moet zijn voordat kan worden overgegaan naar een volgende stap: leren. Tan: “Wat ik nu zie, is dat leerlingen daar nog helemaal niet zijn. De basis, waar we normaal op bouwen, zit niet goed en de ontwikkeling is daardoor vertraagd”

Teruggeduwd naar binnen

Door schoolsluitingen en andere covidmaatregelen is bij deze generatie de psychische honger niet gestild, zegt ontwikkelingspsycholoog Steven Pont. “Pubers ontdekken hun eigen identiteit door de interactie met leeftijdsgenoten. Ze zijn gericht op de buitenwereld, ze willen ervaring opdoen. Wat nu is gebeurd, is dat ze geremd zijn in het leven en weer terug zijn geduwd naar binnen. Ze zijn gericht op thuis, waar niet leeftijdsgenoten in een klaslokaal zitten maar ouders.”

Pont maakt nog een keer de vergelijking met het hongergevoel: als je niet genoeg eet, geeft je lichaam een signaal af: een hongergevoel. Als je niet genoeg interacteert op sociaal gebied, geeft je lichaam ook een waarschuwingssignaal: somberte bijvoorbeeld. Je kunt wel zeggen dat scholieren sociaal ondervoed zijn en die proberen nu, nu het weer kan ‘bij te eten’. Eerst moeten ze op dat gebied verzadigd zijn, dan kunnen ze verder met leren. Het fundament waar je op bouwt, is bij deze pubers niet goed gelegd.”

Mindfullness

Schoolleiders zijn het met hem eens: de sociale en emotionele ontwikkeling van de jongste generaties heeft nu prioriteit. Volgens Pont, die door middelbare scholen wordt gevraagd om te helpen bij deze crisis, is het nu vooral zaak om ‘aangesloten te blijven’. “Sommige leerkrachten voelen zich machteloos, omdat ze het probleem niet kunnen oplossen. We kunnen het ook niet oplossen, maar we kunnen er wel voor die kinderen zijn en in gesprek blijven, zodat leerlingen hun strijd niet in eenzaamheid voeren.”

De VO-raad, de vereniging van scholen in het voortgezet onderwijs, benadrukt dat het geen zin heeft achterstanden in lessen in te halen als leerlingen niet goed in hun vel zitten, zegt een woordvoerder. “We zien gelukkig dat veel scholen NPO-gelden (extra geld dat beschikbaar is gesteld vanwege corona) inzetten om het welzijn van hun leerlingen te verbeteren.”

Ook op het Sint-Nicolaaslyceum in Zuid hebben ze dat gedaan. “Onderwijs is voor een groot deel opvoeding,” zegt rector-bestuurder Peter de Zoete. “We realiseren ons dat we in deze ingewikkelde tijden als team meer stil moeten staan bij de pedagogiek en leerlingen vanaf het begin moeten helpen met leren.”

Op het Nicolaas is geïnvesteerd in een pedagogisch programma waar ook ouders bij betrokken worden, krijgen leerlingen les in mindfulness en grijpen docenten terug op lessen over groepsdynamiek en studievaardigheden. De Zoete: “Je probeert te kijken: wat hebben die kinderen nodig en hoe kunnen we dat aanbieden, maar de zorgen blijven. We weten niet hoe lang leerlingen in deze onzekere situatie moeten blijven leren.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden