PlusAchtergrond

Gouden Koetsexpositie: voor zowel monarchisten als activisten

Symbool voor monarchisten, republikeinen en antikoloniale activisten: in het Amsterdam Museum worden alle aspecten van de Gouden Koets belicht.

Het is niet ondenkbaar dat het dat het rijtuig definitief in een museum belandt. Beeld Nina Schollaardt
Het is niet ondenkbaar dat het dat het rijtuig definitief in een museum belandt.Beeld Nina Schollaardt

De verhuizing van het rijtuig van de Koninklijke Stallen in Den Haag naar de binnenplaats van het Amsterdam Museum was spannend, maar een peulenschil in vergelijking met de voorbereidingen van de tentoonstelling over de Gouden Koets. Een jaar lang heeft een team van elf specialisten uit verschillende disciplines gewerkt aan een expositie die recht doet aan alle verschillende perspectieven op het koninklijke vervoersmiddel, voor de zekerheid bijgestaan door een klankbordgroep van nog eens twintig deskundigen op het terrein van erfgoed, monarchie, koloniale geschiedenis en diversiteit.

“Ik luister,” zei de koning bij het in bruikleen afstaan van de net gerestaureerde Gouden Koets over de discussie die al jaren woedt over het gebruik ervan. Aanleiding voor het debat is het paneel Hulde der Koloniën dat schilder Nicolaas van der Waal in 1898 maakte voor het geschenk van de Amsterdamse bevolking voor de nieuwe koningin Wilhelmina. Het schilderij toont een witte vrouw op een zetel aan wie mensen van kleur, sommigen geknield, producten uit de koloniën aanbieden. In het museum hangt een foto van een deelnemer aan de Black Lives Matter-demonstratie van vorig jaar. Ze draagt een mondkapje en een bordje: ‘Fuck Gouden Koets’.

Een altaar

Het antikoloniale protest krijgt royaal ruimte in de tentoonstelling. Indrukwekkend is de zaal over de wereldtentoonstelling van 1883 in Amsterdam, waar de 1,5 miljoen bezoekers tegen betaling in een tent een blik konden werpen op enkele tientallen Surinamers. Tegenover de portretten van de geëxposeerde mannen en vrouwen hangt een modern werk van de Amsterdamse kunstenaar Nelson Carrilho, wiens overgrootmoeder Elisabeth Moendi deel uitmaakte van de attractie. Carrilho maakte een altaar voor zijn voorouder met onder meer een beeld dat de onderwerping aan het kolonialisme en de bevrijding ervan uitdrukt.

Dat meerstemmige perspectief maakt de tentoonstelling aantrekkelijk voor monarchisten én activisten. Er wordt uitgebreid stilgestaan bij de Gouden Koets als middelpunt van de ceremoniële pracht en praal van het koningshuis. Ook de vervaardiging van het rijtuig door de Amsterdamse fabrikant Spijker – kosten 70.000 gulden, omgerekend naar nu 1,2 miljoen euro – komt uitgebreid aan bod, waarbij het borduurwerk aan de binnenkant van de koets niet wordt vergeten. Vijftien miljoen steekjes waren daarvoor nodig, monnikenwerk van anonieme vrouwen onder wie de meisjes uit het Burgerweeshuis, tegenwoordig het Amsterdam Museum.

Maar ruime aandacht is er ook voor de weerstand die de Gouden Koets van meet af aan heeft opgeroepen. Bij de presentatie in 1898 in het Paleis voor Volksvlijt sprak dominee Johannes de Vossen over een symbool van verbinding: “Die koets staat hier omdat mannen, anders door diepgaande verschillen gescheiden, elkaar broederlijk de hand hebben gereikt – uit liefde voor Oranje.” Het koninklijk huis was zeker populair in Amsterdam, maar ten tijde van de inzameling voor het geschenk van de Amsterdamse bevolking ging ook een pamflet rond van de bekende socialist Louis Hermans tegen wat deze spottend de gouden kwartjeswagen noemde.

Dopen en trouwpartijen

Het geschenk van de Amsterdamse bevolking bleef een paar jaar ongebruikt. De Gouden Koets kwam voor het eerst in actie bij het huwelijk in 1901 van Wilhelmina met Hendrik. Sindsdien werd het rijtuig ingezet bij huldigingen en belangrijke gebeurtenissen zoals dopen en trouwpartijen. Sinds 1903 is de koets te zien tijdens Prinsjesdag, de opening van het parlementaire jaar. Als symbool van het koningsschap werd de Gouden Koets ook een dierbaar mikpunt van protest. Een enkele keer letterlijk: in 1966 waren het de rookbommen van Provo, in 2002 een waterverfbom van een man met onduidelijke bedoelingen en in 2010 een theelichtje van een verwarde geest.

Dat was allemaal klein bier in vergelijking met de storm die daarna is opgestoken over het koloniale karakter van de Gouden Koets en die nog in volle hevigheid woedt. Het is niet ondenkbaar dat het protest en de gevoeligheid daarvoor bij de koning ertoe leidt dat het rijtuig voorgoed van de weg wordt gehaald en definitief in een museum belandt. De bezoekers van de tentoonstelling kunnen na afloop van de expositie aangeven wat zij vinden dat er met het rijtuig moet gebeuren. Om zoveel mogelijk onderdanen te bereiken, gaat een kleine mobiele expositie het land in. Zonder Gouden Koets, die blijft tot en met februari in Amsterdam.

De Gouden Koets is vanaf donderdag te zien in het Amsterdam Museum. Voor het reserveren van kaarten: www.goudenkoets.nl. De expositie loopt tot en met 27 februari 2022.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden