Plus

Gershwin Bonevacia is de nieuwe stadsdichter

Gershwin Bonevacia (26) is de nieuwe, achtste stadsdichter van Amsterdam. Hij is vandaag officieel benoemd. Bonevacia volgt K. Schippers op, die nog een goede raad voor hem heeft: 'Trek je nergens iets van aan.'

Gershwin Bonevacia (l) en zijn voorganger als stadsdichter, K. Schippers. Beeld Marc Driessen

De astronaut is een dichter geworden. Gershwin Bonevacia wilde als jongen niets liever dan het heelal verkennen. Hij is niet de nieuwe André Kuipers geworden, maar wel de nieuwe stadsdichter van Amsterdam. En verkennen gaat hij ook, want in Amsterdam is een heelal aan verhalen te vinden.

Bijna was het misgegaan, want de e-mail van de SLAA (de Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam, die samen met Het Parool het ambt van de stadsdichter ondersteunt) kwam tussen zijn spamberichten terecht.

"Ik zag het e-mailtje pas de volgende ochtend," zegt Gershwin Bonevacia. Hij zit in De Balie aan een tafel met de scheidend stadsdichter K.Schippers. "Ik dacht: is die mail van de SLAA, waarin ze me vroegen de nieuwe stadsdichter te worden, echt voor mij? Ik heb het verzoek twee keer gelezen en toen vroeg ik me nog af of ze wel de juiste persoon hadden aangeschreven."

Bonevacia zegde toe. Hij is de meest onbekende dichter die het ambt op zich heeft genomen. Vorig jaar verscheen bij uitgeverij Galilee zijn debuutbundel Ik heb een fiets gekocht.

"Ik ben fulltime schrijver, dichter. Ik schrijf heel veel in opdracht voor bedrijven. Ik draag die teksten voor als ik congressen open, en bijeenkomsten en symposia. Soms schrijf ik heel commercieel, als het over bijvoorbeeld de nieuwe hypotheekaftrekregeling bij de ING gaat. Maar daarna sta ik dan ergens in de stad voor de gemeente Amsterdam een tekst over de sociale cohesie in de buurt voor te dragen. Het is heel divers. Daarnaast geef ik twee dagen les aan de Hogeschool van Amsterdam. Ik heb een theatervoorstelling geschreven, en ik ben bezig met een libretto voor de Nationale Opera & Ballet."

Een brug slaan
De stad ligt helemaal open voor Gershwin Bonevacia. Hoe laat K.Schippers (82) de stad achter? "In mijn laatste gedicht, dat in december in Het Parool stond, ging het over een gestorven stadsdichter. Rob Anker. Van de zeven zijn er toch al vier gestorven..."

Bonevacia lacht een beetje ongemakkelijk. Alsof het stadsdichterschap een vloek is. (Naast Anker zijn ook Adriaan Jaeggi, Menno Wigman en F. Starik al niet meer onder ons.)

"Maar," zo vervolgt K. Schippers, "je laat het eigenlijk niet achter. Er is zo ontzettend veel te zien en te ontdekken in de stad. Toen ik het ging doen, nam ik me voor: ik neem een foto uit mijn eigen collectie en ik probeer met een gedicht daarbij een brug te slaan met de krant. Een gedicht gaat over een afgebroken huis, in de Frans van Mierisstraat. Ik zag hoog aan de muur, dat moest de badkamer zijn geweest, nog een rekje hangen waar een plastic beker met een tandenborstel in zat. Dat is natuurlijk ontzettend leuk. Voor mij was het ook heel veel buiten zijn. En ik schreef over mensen die ik heb gekend en die zijn gestorven. Armando, Wim Brands."

Gershwin Bonevacia heeft aandachtig geluisterd. "Ik heb er heel erg veel zin in, als ik dit zo hoor; ik ben helemaal vrij om te doen wat ik wil. Wat ik met de stad Amsterdam heb? Ik ben er niet geboren, maar ben hier op veertienjarige leeftijd terechtgekomen toen mijn ouders teruggingen naar Curaçao. Ik woon hier sindsdien, heb filosofie gestudeerd. De stad heeft me volwassen gemaakt, ik ben hier voor het eerst verliefd geworden, heb in de stad heel veel eerste keren meegemaakt. Ik ben in Amsterdam begonnen met schrijven en voordragen. Ik ben hier dichter geworden."

Leus op een vuilniswagen
Hij heeft al nagedacht over de invulling van zijn functie. "Ik ben zelf relatief jong vergeleken met de andere stadsdichters. Wat ik dan ook wil doen, is een brug slaan tussen klassieke poëzie en wat men nu poëzie vindt, en dat gesprek aangaan. Er zijn inmiddels veel verschillende aftakkingen van de klassieke poëzie: spoken word, rap, theatervoorstellingen op een poëtische manier geschreven... Al die verschillende gedachtegangen die zo'n poëtisch element dragen, wil ik bij elkaar brengen."

Ook wil hij de verschillende leeftijdsgroepen, personen met verschillende achtergronden bij elkaar brengen en de poëzie toegankelijker maken voor iedereen. Dat de Amsterdammer poëzie ziet en hoort op plekken waar hij dat niet verwacht. "Een poëtische leus op een vuilniswagen bijvoorbeeld. Dat is iets wat de stad net iets esthetischer maakt."

Heeft K. Schippers ook proberen te verbinden? "Toen Cruijff stierf, heb ik wel meteen een gedicht opgestuurd. En ik ben op heel veel verschillende plekken in de stad geweest. In Noord op het Dick Hilleniuspad, bij het Stenen Hoofd, de Valeriuskliniek. Ik heb ook geregeld over de Tweede Wereldoorlog geschreven. Ik ben van 1936. Ik schreef de regel: 'Toen ik werd geboren, leefden ze nog allemaal.' Voetbal en de oorlog komen veel terug in die stadsgedichten. Niet dat je dat van plan bent, maar zo gaat het blijkbaar. En het doet ertoe voor de stad, daar heb ik me door laten leiden. Ik had daar nooit zo over geschreven als ik niet de stadsdichter was."

Museumpleinletters
Bonevacia knikt. "Ik ga er heel open in en laat het op me af komen. Maar ik ga echt proberen de stad te dienen, de stad serieus te nemen en naar de verschillende verhalen te luisteren."

K. Schippers: "Dienen, dat gevoel had ik ook. Je bent bij Amsterdam in dienst."

Bonevacia: "Exact, exact. Mijn eerste gedicht gaat over hoe we Amsterdam zouden noemen als Amsterdam niet Amsterdam zou heten."

K. Schippers: "Leuk onderwerp. Kom je tot een slotsom?"
Bonevacia (lacht): "Nee."

K. Schippers: "Hou het dan maar zo."

Na een stilte: "Ik vond dat je ook oog moest hebben voor dingen die gebeuren. Het weg­halen van die letters I amsterdam op het Museumplein, het sluiten van het Slotervaartziekenhuis."

"Ik denk dat ik wel echt ga luisteren naar de hartslag van de stad," zegt Bonevacia. "Ik kan natuurlijk heel erg betrokken zijn door wat er bijvoorbeeld gebeurt met Ajax, terwijl in de islamitische cultuur iets gaande is. Dat wil ik dan niet missen."

Tot slot, heeft de zevende stadsdichter nog goede raad voor de achtste stadsdichter?

K. Schippers: "Ik zou zeggen: trek je nergens iets van aan. Je bent zo vrij als wat. Zoek het op, er is in Amsterdam nog veel meer te vinden dan je zou vermoeden."

Gershwin Bonevacia wordt woensdagavond om 19.00 uur in café Kapitein Zeppos geïnaugureerd.

Bonevacia's eerste stadsgedicht: Ook als het regent

Ook als het regent

Ze hebben een stad naar ons vernoemd.
Door de bergen getrokken, maar ongevaard gebleven.
Kan niet helemaal beschrijven hoe we samen de stad heten,
of het licht temmen.
Wel dat we dansen, als kruisende straten in 1891.

Het schild gedekt door een keizerlijke kroon.
Alsof we blauw dragen. Van de daken schreeuwen.
Hoe draag je blauw zo oranje?
Het maakt de gordijnen niet uit of we ons voor duister schamen,
de zon schijnt nog altijd de regen te herdenken.

Ik heb veel van horen zeggen,
mijn achtertuin is ook een verhaal.
Dat we dieven zijn van mémorable, geen naam heugen.
Dat we ons herkennen in de muren. Dat ons gelach geheimen
afluistert, die alleen zichtbaar zijn als we niet kijken.

Dat het klopt, onze naam, ook als we niet weten waar vandaan.
Ver vandaan nog steeds representen.
Dat het een begrip is, maar geen grip.
Alle kanten en alle goden. Dat het mooi is,
ook als het regent.

Dat we nog steeds bestaan in relatie.
Alle realiteiten zijn constructief.
Het maakt in feite niet uit hoe we de stad heten,
we kunnen licht temmen, van de daken schreeuwen.
Er is een stad naar ons vernoemd.

Gershwin Bonevacia

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden