Amsterdam Bewaar

Gedenksteen voor Armeense genocide in Amsterdam

Het onderste gedeelte van het monument.
Het onderste gedeelte van het monument. © Vahan Avakian

Op de buitenmuur van de Armeens-Apostolische Kerk op de Krom Boomssloot wordt op 21 april een gedenksteen onthuld 'ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de Armeense Genocide in het Ottomaanse Rijk in 1915.'

De gedenksteen is voor de Armeense gemeenschap een langgekoesterde wens, zegt Vahan Avakian, initiatiefnemer en voorzitter van de culturele stichting Sint Grigor Narekatsi.

"Er is vrijwel geen Armeense familie zonder slachtoffers van de genocide. Maar een graf bezoeken kan niet: de slachtoffers zijn in massagraven verdwenen. Het monument geeft een kans hen te herdenken," zegt Avakian. Tussen de 800.000 en 1,5 miljoen Armeniërs zouden in 1915 de dood hebben gevonden toen zij in oorlogstijd door het Ottomaanse Rijk werden gedeporteerd naar de Syrische woestijn.

Een monument in Amsterdam was een van de hoofddoelstellingen van de stichting. In januari was de vergunning rond, een maand eerder kwam het geld. Met een crowdfundactie werd binnen een maand tijd de 13.000 euro verzameld die nodig was voor het maken en vervoeren van het monument.

Het monument, dat uit drie delen bestaat, is in Armenië door een lokale kunstenaar gemaakt en is een uit steen gehouwen Armeense stèle, ofwel kruissteen. Het heeft in het midden een kruis, daaromheen versieringen, en een Armeens en Nederlands onderschrift.

Bulgarije
Inmiddels is het monument in losse delen per boot vervoerd naar Bulgarije en eind deze week moet het in Amsterdam aankomen. De onthulling is op zaterdag 21 april, drie dagen voor de officiële herdenking van de genocide. "We wilden niet dat deze onthulling de officiële herdenking zou overschaduwen. Zo kan iedereen die geïnteresseerd is erheen, maar kunnen zij ook in eigen kring herdenken."

Provocaties zijn nooit uit te sluiten in een stad met een grote Turkse gemeenschap

Vahan Avakian

Het is niet het eerste gedenkteken voor de genocide in Nederland. Maar wel het meest prominente. "In Almelo en in Assen zijn al monumenten, maar die zijn beide grotendeels aan het oog onttrokken. Dat in Almelo staat op het besloten terrein van een kerk. Het monument in Assen staat op het terrein van een kerkhof, ook niet erg zichtbaar."

Zichtbaar wordt de gedenksteen op de hoek van de Keizerstraat en de Krom Boomsloot op een steenworp afstand van de Nieuwmarkt beslist. Het formaat draagt daaraan bij: eenmaal gemonteerd is de kruissteen drie meter hoog.

Avakian verwacht veel belangstelling, vanuit de Armeense gemeenschap, maar ook van daarbuiten. Hij heeft uitnodigingen naar Tweede Kamerleden gestuurd, en ook de meeste fractieleiders van de Amsterdamse gemeenteraad zijn uitgenodigd. "Ook komt een delegatie uit Armenië naar Amsterdam, waaronder de minister van Diaspora."  

Erkenning
Volgens Aviakan is het monument tevens belangrijk voor de erkenning van de genocide. Pas deze februari besloot de Tweede Kamer officieel van een genocide te spreken. Turkije doet dat steevast niet. De erfgenaam van het Ottomaanse Rijk spreekt van een oorlog waarbij evenveel of misschien wel meer Turkse slachtoffers zijn gevallen. 

Dat zorgt geregeld voor spanning en animositeit. Toen de Tweede Kamer de genocide erkende, werden vijf Kamerleden met een Turkse achtergrond in Turkse media landverraders genoemd. Ook noemt de partijleider van Denk Tunahan Kuzu de erkenning 'niet acceptabel'.  

Avakian maakt zich echter geen zorgen om provocaties vanuit Turkse hoek. "Provocaties zijn nooit uit te sluiten in een stad met een grote Turkse gemeenschap, maar we verwachten geen problemen," zegt Avakian. De fractievoorzitter van Denk heeft geen uitnodiging voor de onthulling ontvangen. "We willen geen slapende honden wakker maken."

De Armeense genocide

Op 24 april 1915 arresteerden de Jonge Turken, de toenmalige machthebbers van het Ottomaanse rijk, op bevel van minister van Binnenlandse Zaken Talaat Pasja de belangrijkste Armeense intellectuelen en leiders van het land. Ze werden gedeporteerd en later vermoord. 

Daaropvolgend werden in de rest van het Ottomaanse rijk honderdduizenden Armeniërs uit hun huizen gehaald en gedeporteerd naar onder meer de Syrische woestijn. Velen werden onderweg vermoord of stierven door uitdroging of uitputting. De schattingen van het aantal slachtoffers variëren volgens Armeense autoriteiten van 800.000 tot anderhalf miljoen, circa de helft van de twee miljoen Armeniërs in het Ottomaanse rijk. Volgens Turkije ligt dat aantal vele malen lager.