Fraude met parkeren voor gehandicapten blijft ongrijpbaar

Fraude met de gehandicaptenparkeerkaart komt op beperkte schaal voor. Toch blijft de onzekerheid bestaan, want de gemeente onderzocht niet of de vergunninghouders ook altijd de gebruikers zijn van de auto’s met een ontheffing.

Parkeerplaats voor gehandicapten op de Keizersgracht.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Er zijn geen aanwijzingen voor grootschalig misbruik van de diverse parkeerregelingen voor automobilisten met een beperking. Dat schrijft wethouder Sharon Dijksma (Verkeer) in een brief aan de raad. In totaal zijn er ongeveer 30.000 vergunningen verstrekt, die gehandicaptenparkeerkaarten worden genoemd, in verschillende varianten. Er zijn speciale parkeervergunningen voor gehandicapte bestuurders (6351), voor bestuurders van een mindervalide passagier (5105) en een grote groep van bezoekersvergunningen voor mensen met een beperking van buiten Amsterdam (17579).

Sinds enkele jaren zijn veel vraagtekens gerezen over misbruik van gehandicaptenparkeervergunningen, onder meer na een affaire waarbij gemeenteambtenaren de vergunningen voor veel geld onderhands verkochten.

Toch komt uit nieuw onderzoek naar voren dat de meeste vergunningen die op kenteken worden verstrekt, in orde zijn. In 2 procent van de gevallen bleken de vergunninghouders van een parkeerplaats op kenteken te zijn overleden, en bleef de parkeerruimte dus ongebruikt. In 6 procent van de gevallen zit er een verschil tussen de postcode van de vergunninghouder en de postcode die in de kentekenadministratie staat. Dit kan een signaal van fraude zijn, maar ook van een te laat doorgegeven verhuizing of verkoop van de auto in kwestie.

Extra handhavingsacties

Wel worden algemene gehandicaptenparkeerplaatsen in de stad regelmatig in gebruik genomen door automobilisten die geen vergunning hebben. Dit geldt voor een derde van de auto’s die wordt gescand op deze locaties, in 2019 ging het om 986 boetes en 1526 weggesleepte auto’s. Er komen extra handhavingsacties om dit percentage naar beneden te krijgen.

Met de bezoekersvergunning, voor mensen met een beperking die in de stad moeten zijn, wordt wel stevig gesjoemeld. 6 procent van deze vergunninghouders meldt meerdere keren per week bezoek aan, soms met allerlei verschillende kentekens. Deze groep is verantwoordelijk voor bijna de helft van het gebruik van de bezoekersregeling. ‘Het lijkt aannemelijk dat de veelvuldig gebruikte vergunningen niet altijd worden gebruikt voor het vervoer van de vergunninghouder,’ schrijft Dijksma.

Maar de onduidelijkheid over wie nu precies achter het stuur zit van een auto met een gehandicaptenparkeerkaart, zoals een familielid of een huisgenoot van de mindervalide vergunninghouder in kwestie, blijft bestaan. Volgens de wethouder is de fysieke aanwezigheid van de vergunninghouder bij de voertuigen in kwestie niet gecontroleerd omdat dit zeer moeilijk vast te stellen is en veel impact heeft op de gebruikers van de regeling. Dijksma zegt dat er ‘verregaande maatregelen nodig zijn om op de fysieke aanwezigheid van vergunninghouders te controleren.’   

Dijksma introduceert diverse maatregelen om de onduidelijkheid rond het gebruik van de gehandicaptenparkeerkaart weg te nemen, onder meer door het maximaal aantal bezoekersuren te beperken, wat excessief gebruik moet voorkomen. Ook wordt het makkelijker voor de parkeerdiensten om een verstrekte gehandicaptenparkeerkaart weer in te trekken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden