Plus

Francis Fukuyama is nog altijd de man met de glazen bol

Vrijdagavond presenteert Francis Fukuyama (66) in Amsterdam zijn nieuwste boek: Identiteit. Na zijn Het einde van de geschiedenis uit 1992 heeft de Amerikaan nog niets aan populariteit ingeboet.

Francis Fukuyama: 'Waar je links populisme zou verwachten, hebben we rechts populisme gekregen' Beeld Getty Images

Een beetje hadden ze het al verwacht bij De Balie: op de komst van Francis Fukuyama is het bescheiden zaaltje van het debatcentrum aan het Kleine-Gartmanplantsoen niet berekend en dus werd uitgeweken naar de Lutherse Kerk, de fors bemeten aula van de UvA. Zeshonderd zitplaatsen. Binnen een half uur waren de kaartjes op.

"Het is ongelooflijk," zegt directeur Yoeri Albrecht van De Balie. "De Aula is ook te klein. Ik word al weken bestookt door mensen die er nog bij willen. We hebben honderden belangstellenden moeten teleurstellen."

Wanneer heeft hij dat eerder meegemaakt?

Albrecht: "Bij Salman Rushdie misschien en bij David Byrne, de zanger van de Talking Heads. Maar dan houdt het wel zo'n beetje op."

De filosoof als rockster. Francis Fukuyama in zijn rode parka.

Waarom is de man die na de val van de Berlijnse Muur en de ineenstorting van de Sovjet-Unie de wereld veroverde met zijn betoog dat we onontkoombaar zouden eindigen als liberale democratieën, nog altijd zo immens populair? Is het nostalgie? Hij had er met zijn voorspelling toch niet veel verder naast kunnen zitten?

Albrecht: "Hij weet de tijdgeest te pakken. In 1989 was hij de eerste die zag dat de wereld zoals wij hem kenden, niet terug zou komen. En dat laat hij ons nu weer zien. De wereld is in paniek, de democratische rechtsstaat wordt bedreigd door autoritaire regimes. Fukuyama is de man van wie we denken: als er iemand een glazen bol heeft, is hij het. Hij weet waar het heen gaat."

Klaterend applaus
Maandag was Fukuyama, bezig aan een grand tour door Europa, te gast op de Leibniz Universiteit in Hannover. Ze lijken er nog niet helemaal bekomen van de verbazing. De grote filosoof. Hier? In hun provinciestadje met zijn eenvoudige universiteit?

Als hij plaatsneemt achter de tafel, voor zijn bijdrage aan de Literarischer Salon, klatert het applaus van de tribune. "Herzlich Willkommen, Herr Fukuyama."

Ook in Duitsland is het een gekkenhuis. Zeven interviews per dag. Na Hannover, Berlijn en Hamburg. Een optreden van drie kwartier in de befaamde filosofische talkshow Precht op de zender ZDF, een ontmoeting met vicekanselier Olaf Scholz. En dat allemaal in twee dagen.

Groter belang vergeten
"Er ist ein Superstar," zegt Yulian Ide van Hoffmann und Campe Verlag, de Duitse uitgever van zijn werk, tevreden. "Nog nooit heb ik het meegemaakt: zeven maanden voor verschijning van het boek kwamen de interviewverzoeken al binnen. Hij is onze Michelle Obama."

Dit weekend is Fukuyama een paar dagen in Nederland en België met optredens in Amsterdam, Gent en Nijmegen. Zondag verschijnt hij op tv, in Buitenhof. Maar tussendoor eerst nog naar Oostenrijk en na afloop snel verder naar Italië, naar Milaan en Rome.

Wat bezielt de man, toch ook alweer 66 jaar?

Hij heeft een missie, zegt hij na afloop van zijn optreden in Hannover: linkse politici duidelijk maken dat populistisch rechts er met hun buit vandoor gaat. Bewegingen als #MeToo en Black Lives Matter zijn zozeer bezig geweest met hun eigen gelijk dat ze het grotere belang uit het oog zijn verloren: het ontwikkelen van een gemeenschappelijke identiteit. Het lijkt alleen nog te draaien om de vraag wie je bent en tot welke groep je behoort.

Kattenluikje
De strijd van vrouwen, etnische en seksuele minderheden mag goed zijn voor hun emancipatie, vindt Fukuyama, maar wat linkse politici echt zouden moeten doen is ijveren voor economische gelijkheid en nadenken over wat mensen samenbindt.

Dat doen ze niet en ondertussen is hun (beperkte) retoriek overgenomen door nationalistische en religieuze fanatici, die zich opeens voordoen als bedreigde minderheden: boze witte mannen die hun frustratie omzetten in xenofobie en racisme, evenzeer als islamisten die in Syrië ten strijde trekken voor IS.

Zij die niet gehoord meenden te worden krijgen eindelijk de erkenning voor wie ze, soms terecht, denken te zijn. Autoritaire en populistische regimes spinnen er garen bij.

Fukuyama: "Waar je links populisme zou verwachten, hebben we rechts populisme gekregen."

Maar hoe zat het dan met het einde van de geschiedenis en de komst van het paradijs van de liberale democratie, waarin wij elkaar respecteren en de markt ons allemaal in gelijke mate voorziet van ons rechtmatige portie welvaart?

Fukuyama wijst in Hannover op het kattenluikje in het laatste deel van zijn Einde van de geschiedenis. Daarin beschrijft hij hoe zijn gedroom­de maatschappij van rationele gelijkwaardigheid ook wel erg saai en ambitieloos dreigt te worden. Wat is het nog waard om voor te vechten en te sterven? Liever een spannende brexit dan kiezen voor de veiligheid van de EU.

In zijn 25 jaar oude betoog komt Donald Trump al voorbij: 'een ontzettend ambitieuze man wiens verlangen naar erkenning veilig was gekanaliseerd in een carrière in het bedrijfsleven'. Wie kon bevroeden 'dat hij 25 jaar later geen genoegen zou nemen met zakelijk succes en roem, dat hij de politiek in zou gaan en tot president zou worden verkozen'.

In Hannover is dat het moment waarop de zaal begint te grinniken.

Orakel en optimist
Zulke figuren zijn er in het verleden vaker geweest, schrijft Fukuyama. 'Caesar, Hitler en Mao, wier bewind rampzalige militaire en economische gevolgen had voor hun hele samenleving. Om zichzelf te promoten speelden zij in op het ressentiment van gewone mensen, die het gevoel hadden dat hun natie, godsdienst of levenswijze niet gerespecteerd werd.'

"Fukuyama," zegt journalist en zelfverklaard Fukuyamafan Caspar Thomas, "is een man die zijn grote ongelijk op grote wijze weet recht te zetten. Daarin schuilt de fascinatie. Hij was destijds een sensatie en is dat nog steeds."

Een orakel.

Hij is een optimist, zegt Fukuyama. Geen zorgen: die liberale democratie van hem gaat er alsnog komen, verzekert hij in Hannover, terwijl zich een lange rij vormt voor een handtekening. Oud en grijs naast jonge studenten, die nog niet waren geboren toen hij al furore maakte.

Fukuyama: "Het wordt tijd dat links het debat gaat voeren over identiteit. Rechts luistert toch niet naar wat ik te zeggen heb."

Politicoloog, filosoof, socioloog

Yoshihiro Francis Fukuyama werd op 27 oktober 1952 geboren in Chicago als derde generatie Japanse Amerikaan. Zijn grootvader ontvluchtte in 1905 de Russisch-Japanse oorlog, zijn moeder werd geboren in het Japanse Kyoto. Hij groeide als enig kind op in Manhattan, waar hij weinig contact had met de Japan­se gemeenschap. Hij heeft ook nooit Japans geleerd.

Begonnen als Kremlinwatcher op het Amerikaanse State Department werd Fukuyama lange tijd gerekend tot de neocons, de Amerikaanse neoconservatieven die in de jaren tachtig hun hoogtijdagen hadden onder Ronald Reagan. Hij keerde zich van hen af na de Amerikaanse inval in Irak in 2003 en de financiële crisis van 2008. Hij is, zegt hij, sindsdien 'een behoorlijk eind naar links ­opgeschoven'.

Zijn boek Het einde van de geschiedenis en de laatste mens (1992) geldt als een van de belangrijkste naoorlogse boeken. Daarin betoogt Fukuyama, politicoloog, filosoof en socioloog, dat het einde van de Koude Oorlog meteen ook het einde van de ­ideologische strijd tussen de wereld­beschouwingen zou inluiden.

Uiteindelijk zou de liberale democratie, ondersteund door de vrije markt, overblijven als het meest rationele systeem.

In 2011 en 2014 verschenen de twee delen van zijn standaardwerk De oorsprong van de politiek. Hij is momenteel verbonden aan Stanford University.

Autoritaire leiders

Zonder Donald Trump was Francis Fukuyama nooit begonnen aan Identiteit, schrijft hij op de eerste bladzijde van zijn nieuwe boek. Een leugenaar, een charlatan, een man, zo ongeschikt voor het ambt van president van de Verenigde Staten van Amerika, dat hij zich afvroeg: wat is er mis met onze westerse demo­cratie dat we hem, tegen alle verwachtingen in, toch in het zadel hebben geholpen?

Trump is de enige niet die het autoritaire leiderschap en het populistisch nationalisme heeft omarmd, aldus Fukuyama. In Rusland is Vladimir Poetin aan de macht, in Turkije Recep Tayyip Erdogan en in Hongarije Viktor Orbán, om er een paar te noemen.

Zij vormen volgens de Amerikaanse politicoloog een bedreiging voor de democratische rechtsstaat met zijn instituties die de individuele burger moeten beschermen tegen de willekeur van de macht.

In Identiteit doet Fukuyama een diepe duik in de politieke en filosofische geschiedenis en komt weer boven met de term 'thymos': het deel van de ziel dat hunkert naar erkenning van de waardigheid.

Het is volgens de Amerikaanse politicoloog de ultieme drijfveer van mensen: de behoefte om als superieur te worden gezien ('megalo­thymia') of de behoefte om door anderen als gelijkwaardig te worden gezien ('isothymia'). Samen vormen ze de giftige cocktail waarop het rechtse populisme drijft: eigen identiteit eerst.

In Identiteit roept Fukuyama op te zoeken naar gedeelde ervaringen en uit te stijgen boven individuen en groepen van individuen. Hij pleit voor de ontwikkeling van een 'nationale identiteit': een gedeelde cultuur met een strenge inburgering voor nieuwkomers, maar zonder het ouderwetse nationalisme, dat het ene individu boven het andere stelt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden