Fietsbruggen over het IJ honderden miljoenen duurder als ook de ov-bus erover moet

De aanleg van twee bruggen over het IJ wordt duurder en duurder. De wens van de gemeente om de bruggen niet alleen voor fietsers maar ook voor ov-bussen geschikt te maken, betekent bijna een verdubbeling van de kosten.

Nederland, Amsterdam, 05-09-2021. Pont van het GVB, noordzijde van de stad in de zomer. Gefotografeerd vanaf het water. Copyright: ANP/ Hollandse Hoogte/ Sabine Joosten Beeld Hollandse Hoogte / Sabine Joosten
Nederland, Amsterdam, 05-09-2021. Pont van het GVB, noordzijde van de stad in de zomer. Gefotografeerd vanaf het water. Copyright: ANP/ Hollandse Hoogte/ Sabine JoostenBeeld Hollandse Hoogte / Sabine Joosten

Dat blijkt uit een brief die verantwoordelijk wethouder Marieke van Doorninck schrijft aan de gemeenteraad. Zij stelt daarin dat de aanleg van twee bruggen over het IJ en een voetgangerspassage onder CS van groot belang is en dat bewoners en belanghebbenden tot eind oktober hun mening kunnen geven over de plannen.

Volgens Van Doorninck kost de aanleg van de Oostbrug, van het Azartplein naar de Johan van Hasseltweg, tussen de 325 en 515 miljoen euro. Als de brug alleen geschikt zou zijn voor fietsers en voetgangers zouden de kosten aanzienlijk lager zijn: tussen de 195 en 260 miljoen euro.

Voor de Westbrug (van de Haparandadam naar het NDSM-terrein) bedragen de bouwkosten tussen de 345 en 545 miljoen euro. Voor een brug die niet hoeft te zijn toegerust voor ov-bussen zouden de kosten tussen de 215 en 285 miljoen euro bedragen.

Voor beide bruggen geldt dat hier nog de nodige kosten bij zullen komen, schrijft Van Doorninck. ‘Noodzakelijke aanpassingen van gebiedsontwikkeling in het Hamerkwartier en de NDSM-werf alsmede benodigde aansluitingen op het fiets- en ov-netwerk bijvoorbeeld in het Oostelijk Havengebied moeten in het vervolg worden uitgewerkt.’

Minder pontreizigers

Jaarlijks varen zo’n 160.000 schepen door het IJ en zo’n 70.000 mensen nemen dagelijks de pont voor de oversteek. Die drukte op en rond het IJ neemt de komende jaren alleen maar toe en de noodzaak om Amsterdam in volle breedte te verbinden is dus onverminderd groot, zegt Van Doorninck. “Al meer dan een eeuw wordt nagedacht over vaste oeververbindingen over het IJ. Het is nu voor het eerst dat er een voorstel ligt voor twee bruggen en een tunnel waar zowel het rijk, de gemeente en de andere betrokken partijen zich in kunnen vinden. De komende periode hoop ik van zoveel mogelijk Amsterdammers te horen hoe zij naar deze plannen kijken.”

Uit berekeningen blijkt dat twee bruggen niet alleen de verschillende delen van de stad beter met elkaar verbinden en de reistijd sterk zal teruglopen, maar ook dat de drukte op de pontveren zal afnemen. Naar schatting 30 tot 45 procent van de fietsers zal de ponten dan niet meer gebruiken.

Wanneer de twee bruggen beide worden gebouwd, zullen daar in 2040 dagelijks tussen de 36.000 en 79.500 fietsers gebruik van gaan maken. Omdat door de commissie D’Hooghe is geadviseerd om de Oostbrug als eerste te maken, is voor deze brug ook onderzocht hoeveel fietsers er in 2030 per etmaal van gebruik zullen maken: tussen de 18.500 en 29.000.

De commissie D’Hooghe was ingesteld door de gemeente en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat om een einde te maken aan de onenigheid over de bruggen over het IJ. De plannen van het vorige college voor een brug vanaf Java-eiland strandden op ‘nautische bezwaren’ van de provincie en het ministerie, die vreesden voor te grote belemmeringen voor de scheepvaart.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden