PlusTen Slotte

Erdwin Spits (1949 - 2021): Bon vivant, kraker, maar beslist geen hippie

Levensgenieter en taoïst Erdwin Spits kraakte in 1983 de boekenbakken in de Oudemanhuispoort. Hij bestierde zijn openluchtantiquariaat tot 2019, toen hij ziek werd. Vorige week overleed hij. ‘Hij was een vrije geest, een van de laatste der Mohikanen.’

Erdwin Spits beheerde jarenlang boekenstal De Gulden Piek bij de Oudemanhuispoort.  Beeld Catelijne Beijst
Erdwin Spits beheerde jarenlang boekenstal De Gulden Piek bij de Oudemanhuispoort.Beeld Catelijne Beijst

Het afscheid van Erdwin Spits in de Oudemanhuispoort afgelopen dinsdag was drukbezocht. Een week eerder koos hij er zelf voor zijn leven te beëindigen, omringd door zijn familie, hij werd 71 jaar. In de Amsterdamse binnenstad was hij een markante figuur. “Hij maakte eindeloze wandelingen door de stad, altijd voorovergebogen in een boek,” vertelt zijn zoon Ilja Spits. Hij maakte de kist van zijn vader zelf, van de houten bakken waarin Erdwin 36 jaar lang boeken uitstalde.

In 1983 kraakte hij acht boekenbakken in de Oudemanhuispoort naast de UvA, die van een oudere joodse man waren geweest, Do. Ilja Spits: “De laatste bak vernoemde hij naar Do, en dus moesten de andere bakken Re, Mi, Fa, Sol, La en Ti heten. Later werd het De Gulden Piek, hij verkocht uitsluitend boeken voor ronde bedragen en veel voor een gulden. Die piek werd nooit een euro.” Spits stond altijd in de poort, in weer en wind, tot hij in 2019 een hersenbloeding kreeg, en daarna kanker.

Dealers en junkies

In de jaren tachtig wemelde het op de Wallen van de dealers en de junkies, Spits werd een soort buurtregisseur. Kunstenaar Aja Waalwijk: “Amsterdam was een puinhoop, junkies verstopten zich op de duistere plekjes, zoals de Oudemanhuispoort, dat was toen geen koosjere plek. Erdwin werd er de neutraliserende factor, hij gaf inhoud aan de leefbaarheid van de buurt.”

John Goede, vriend, en collega marktkoopman Louis de Loos schaakten veel met Spits. “Bij iedere zet dronken we een slok en zo slingerden we dan na afloop samen richting Oost op de fiets naar huis,” aldus de Loos. Hoewel Spits een graag geziene gast was op de boot De Witte Raaf van Nederwietvader Kees Hoekert (wietplantjes voor een piek), was hij geen hippie: “Daarvoor was hij veel te intelligent,” lacht De Loos, die zelf al 35 jaar spullen uit India en Nepal verkoopt op het Waterlooplein. Het verlies van zijn vriend noemt hij ‘een gemis voor de stad.’ “Erdwin was een levensgenieter, hij schiep vrijplaatsen, daar zijn er steeds minder van in Amsterdam.”

Spits was eind jaren zeventig betrokken bij de oprichting van het gekraakte multimediacentrum ‘De Pleinwerker’, in de kelder van wat nu het Joods Historisch Museum is. Later opende hij met Katja van Hoften ‘zelfdoe’-galerie De Etna aan de Rapenburgerstraat, waar muziek- en poëzie-avonden werden georganiseerd.

Spits had Aziatische roots wat mede zijn interesse aanwakkerde voor de Tao. Hij vertaalde de Daodejing van Lao Zi uit het Engels, die enthousiast werd ontvangen door sinologen. “Hij was een vrije geest, een van de laatste der Mohikanen,” zegt kunstenaar Paul Schaaps. “Hij vond dat ‘ie tijdens zijn leven goed z’n best had gedaan ‘voor een pijnlijke en moeizame oude dag’,” aldus Schaaps. Niet lang voor zijn dood gaf Spits in het verpleeghuis nog een lezing over zijn vertaling van de Tao. Het werd zijn allerlaatste performance.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden