‘Steeds minder kinderen weten over de Tweede Wereldoorlog.’

Plus Interview

Engelandvaarder Eddie Jonker (98): ‘Bang? Opgeven? Never’

‘Steeds minder kinderen weten over de Tweede Wereldoorlog.’ Beeld Harmen De Jong

Eddie Jonker (98) uit Amsterdam is een van de weinige nog levende Engelandvaarders, die tijdens de oorlog naar Engeland vluchtten om te helpen ons land te bevrijden. Donderdag 75 jaar geleden was D-day, waarmee die bevrijding begon.

In Nederland zijn nog drie Engelandvaarders in leven, denkt Eddie Jonker, die op 16 juli 99 jaar wordt. Als 23-jarige maakte hij in 1943 de oversteek met negen andere jongens. Maandag overhandigde Jonker het eerste exemplaar van het magazine Vrij!, gemaakt door het Nederlands Instituut voor Militaire Historie, aan minister Ank Bijleveld van Defensie.

Bijna een eeuw oud is Jonker, maar hij is nog heel kwiek voor zijn leeftijd. Lopen doet hij met een stok en zijn gehoor is niet meer zo best, maar als hij vertelt over vroeger beginnen zijn ogen te fonkelen.

Jonker werd geboren in Amsterdam, maar groeide op in Frankrijk en Hilversum. “Toen de oorlog uitbrak was mijn eerste gedachte: die rotmoffen horen hier niet. Met vrienden prikten we autobanden van de Duitsers lek, maar ik wist al vrij snel dat we daar de oorlog niet mee gingen winnen.”

Volle kracht

De vrienden besloten belangrijke documenten en mensen naar Engeland te helpen smokkelen. “Maar zoals altijd was er verraad en dus moesten we zelf vluchten. Mijn vriend Daan Otten en ik waren allebei goede zeilers, dus we kozen voor de route over zee. Ons bootje werd in het geheim zeewaardig gemaakt op een werf in Leidschendam. De zijkanten moesten worden opgehoogd, de motor kwam uit een Engelse auto, er was een extra buitenboordmotor, we hadden een drijfanker, een kompas, vier peddels, proviand en water voor twee dagen. Want zo lang moest de tocht duren.”

Het bootje van de Engelandvaarders ging aan boord van het schip Nooit Volmaakt van Kees Koole, die uiteindelijk 72 mensen naar Engeland hielp vluchten. Koole pikte de jongens op vlak voor aankomst bij het Haringvliet, waar het bootje voor anker was gegaan. “We kozen een nacht met nieuwe maan. Na middernacht mocht er van de Duitsers niet meer gevaren worden, zo konden wij, in het pikkedonker, met onze boot het water weer op. Er hing een lage mist, waardoor we nog minder opvielen.”

“Vanaf het Haringvliet naar zee was het 20 kilometer varen. Onderweg stuitten we op een Duits schip, maar door de mist werden we niet ontdekt. Daarna liepen we nog vast op een zandbank, maar gelukkig schoot het bootje weer los. We hoorden ook nog het geluid van motortorpedoboten, maar werden wéér niet ontdekt.”

Op de vraag of hij bang was en ooit aan opgeven dacht, veert Jonker op: “Bang?! Opgeven?! Never!”

Het was al vier uur ’s ochtends toen het bootje eindelijk de zee op kon varen, met volle kracht. Jonker vertelt verder: “Tot aan Engeland was het 150 kilometer op open zee. De motor brandde door en de reservemotor deed het maar kort. Omdat het windstil was moesten we peddelen. ’s Nachts stak er opeens een enorme storm op, met metershoge golven. We gooiden het anker uit, maar dreven toch terug naar Nederland. Toen de storm was gaan liggen, brandde de zon op onze huid, we kregen blaren van het roeien en het drinkwater raakte op. Om af te koelen gingen we zwemmen. Vijf van ons waren hevig zeeziek, kotsend hingen ze over de rand van de boot. Op de vierde dag kwam de wind terug en konden we eindelijk het zeil hijsen.”

Engelandvaardersmuseum

In de ochtend van 30 juli arriveerde het tiental bij de Britse kust, in de verte zagen ze oorlogsschepen liggen. Ze hesen de Nederlandse vlag en een van de schepen seinde een morsebericht, dat ze zelf dichterbij moesten komen. “We bleven liggen want de morse ging te snel, pas na een uur werden we opgepikt. Later bleek dat we midden in een mijnenveld lagen, we hebben veel geluk gehad.”

Jonker meldde zich voor dienst en na verhoren door de Britse veiligheidsdienst koos hij voor de RAF en kreeg hij een vliegopleiding in Canada. Vechten als piloot tegen die ‘rotmoffen’ heeft hij niet meer kunnen doen, zijn opleiding was nog niet afgelopen toen de geallieerden op D-day aan de bevrijding van West-Europa begonnen. Jonker: “Dat heb ik wel heel naar gevonden, maar aan de andere kant: misschien ben ik daarom nog wel hier.”

Kort na de oorlog was hij vlieginstructeur op vliegveld Soesterberg. “Ik heb ook nog gewerkt in Amsterdam bij een fijnhouthandel en in 1946 verhuisde ik naar Twente met een vriend, Erik Schiff, de kleinzoon van de oprichter van de Vredestein-bandenfabriek.”

In 1964 werd Jonker er directeur en opende hij nog zeven buitenlandse vestigingen. Enkele jaren geleden was hij een van de drijvende krachten achter het Engelandvaardersmuseum in Noordwijk aan Zee. “We ontvangen veel schoolklassen. Steeds minder kinderen weten over de Tweede Wereldoorlog, terwijl het een belangrijk verhaal is dat doorverteld moét worden.”

Nederlanders betrokken bij D-day

Donderdag, 6 juni, is het 75 jaar geleden dat geallieerde troepen in Normandië landden en een start werd gemaakt met de bevrijding van Europa. Nauwelijks bekend is dat er ook veel Nederlanders betrokken waren bij de gevechtsacties, voor, tijdens en na D-day. Onder hen waren veel Engelandvaarders. Ze waren vlieger, waarnemer, navigator of luchtschutter, voornamelijk ingedeeld bij het Nederlandse 320 Squadron. 

Op 10 juni 1944 waren 17 Mitchell bommenwerpers van het 320 Squadron betrokken bij het uitschakelen van het hoofdkwartier van de Duitse Panzergruppe West, een belangrijke staforganisatie; een cruciaal moment in aanloop naar de bevrijding. Alles over deze aanval en andere bevrijdingsverhalen staan op 75jaarvrij.nl, de digitale bevrij­dingskrant van het Neder­lands Instituut voor Militaire Historie, met podcasts, minidocumentaires en een interactieve kaart. Het 160 pagina’s tellende magazine Vrij! over de bevrijding van Nederland ligt nu in de boekhandel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden