Amsterdam Bewaar

Een verloren jeugd tussen zwakzinnigen

Remzi Cavdar, thuis in Zaandam
Remzi Cavdar, thuis in Zaandam © Dingena Mol

Tot zijn veertiende zat Remzi Cavdar (20) in instellingen voor zwakbegaafden. Hij bleek echter niet verstandelijk gehandicapt te zijn, maar zelfs bovenmatig intelligent.

 
Dat hij niet gek is geworden, dat hij nu hier zit, in de keuken van het huis in Zaandam waar hij op kamers woont - het is een wonder

Nee, gewóón voelt hij zich eigenlijk nooit. Als hij in de trein zit, tussen Zaandam en Amsterdam, ziet hij ze om zich heen: normale mensen. Ze lezen een krant, klooien op hun mobiele telefoon. Ze gaan naar hun werk of ze komen van school. Zo gewoon, zo normaal is Remzi Cavdar niet. Hij is anders. 'Ik denk dan vaak: jullie moesten eens weten wat ik allemaal heb meegemaakt, waar ik ben opgegroeid.'

Een jonge student is hij. Goed verzorgd uiterlijk. Twintig jaar. De blik in zijn ogen is een beetje verlegen, maar onmiskenbaar snugger. Remzi is voorkomend en geïnteresseerd. Als een ouder iemand op zoek is naar een zitplaats, staat Remzi op.

Jaar in, jaar uit
Wie hem ontmoet, kan zich bijna niet voorstellen dat deze jongen van Turkse afkomst het grootste deel van zijn jeugd heeft doorgebracht tussen zwakzinnigen; verstandelijk gehandicapten die hun uitwerpselen tegen de wanden plamuurden en schreeuwden of, misschien wel erger, niets zeiden: in zichzelf gekeerd, de hele dag. En Remzi, die zat er tussen, de godganse dag. Jaar in jaar uit.

Dat hij niet gek is geworden, dat hij nu hier zit, in de keuken van het huis in Zaandam waar hij op kamers woont, en gewoon kan praten over zijn jeugd - het is een wonder.

Herinneringen heeft hij niet aan de tijd vóór de tehuizen. Maar de feiten zijn inmiddels vaak genoeg de revue gepasseerd. Twee jaar jong pas was Remzi toen zijn vader, eigenaar van een logistiek bedrijfje, in Portugal werd veroordeeld wegens drugssmokkel. Hij kreeg tien jaar cel opgelegd, waarvan hij er uiteindelijk zeven heeft moeten uitzitten.

Geïsoleerd
Remzi en zijn moeder, nog niet zo lang in Nederland, kwamen er alleen voor te staan. Het hakte erin. Zo- zeer zelfs dat er uiteindelijk iets knapte in het hoofd van zijn moeder, zegt Remzi. 'Ze kon het niet aan en raakte hoe langer hoe meer geïsoleerd. Ze kwam niet meer naar buiten en verzorgde mij niet meer.'

De situatie duurde lang: pas toen Remzi vier jaar was, grepen hulpverleners in. Wat ze aantroffen, was een volledig uit de hand gelopen situatie, een nachtmerrie. Buren hadden geen weet van het gezin dat naast hen woonde: Remzi en zijn moeder kwamen letterlijk nooit buiten. De jongen bleek ondervoed te zijn en had geen speelgoed. Zijn ontwikkeling was volledig tot stilstand gekomen. Tot zijn tweede levensjaar had het consultatiebureau steeds een gezonde en vrolijke dreumes gezien, maar twee jaar later had Remzi het niveau van een baby van zes maanden. 'Ik lag alleen maar en brabbelde af en toe wat.'

Remzi werd getest en weer getest. De uitslagen liepen sterk uiteen, maar hij kreeg desalniettemin het stempel zwakbegaafd. Zijn moeder, zwaar in de psychische problemen, kon niet meer voor hem zorgen. Een tehuis werd het voor Remzi. En nog één. En nog één.

Hij kan er nijdig over worden, de diagnose van de hulpverlening. Want zwakbegaafd was hij niet. Hij gebruikt nu woorden als 'disharmonisch intelligentieprofiel' om te verklaren wat er mis was in die jaren. Want er was iets mis, dat zeker, zegt Remzi, maar dat lag allemaal aan de situatie waarin hij opgroeide. Met zijn intelligentie had het niets te maken. Een kind neemt natuurlijk het gedrag van zijn moeder over, vertelt hij.

Water en suiker
Nu, zestien jaar later, kan Remzi het onder woorden brengen. De 'zwakbegaafde' jongen van destijds is bekend met het jargon. 'Traumatisch mutisme, zo heet dat. Mijn moeder sprak niet, geen woord. Ze bewoog zich bijna niet meer. De gevangenisstraf van mijn vader raakte haar enorm. En ik nam het gedrag van mijn moeder over. Ik denk dat ik het als kind heel erg verdrietig voor haar vond. Ik kon wel lopen, maar ik deed het niet, want zij deed het ook niet. Op het laatst kon ik het echt niet meer, want ik kreeg alleen water en suiker.'

De diagnose zwakbegaafd bleek het vonnis te zijn voor een straf waaraan Remzi zijn hele jeugd zou verliezen. Opgroeien in een gekkenhuis, hij draagt het een leven lang met zich mee. Niet dat hij zich er ogenblikkelijk van bewust was dat hij op de verkeerde plek terecht was gekomen. 'Ik had er geen oordeel over. Ik denk dat ik een jaar of elf was toen ik me realiseerde dat ik niet zo was als de kinderen om me heen.'

Prikkelarme omgeving
Met dat besef werd het er niet beter op voor Remzi. Hij wilde wel, maar hij mocht niet. 'De moedeloosheid was het ergste. Ik zou gedijen in een prikkelarme omgeving, zeiden ze.' De keurige jongen schiet ervan uit zijn slof. 'Zo fokking saai!' Hij schrikt ervan en meteen corrigeert hij zijn woorden. 'Misschien kun je beter 'ontiegelijk saai' opschrijven.'

Het is een lang verhaal van verhuizingen van instelling naar instelling. Hoeveel het er zijn geweest? Remzi weet het niet meer. Minstens dertien, schat hij, maar de wil om te tellen heeft hij niet meer. Ook was hij nog een tijdje thuis, nadat zijn vader was vrijgekomen, maar dat werkte ook niet. 'Zet drie gekken bij elkaar...'

Reddende engel
Uiteindelijk was er hulp: van een medewerkster van een zorginstelling. Zijn reddende engel, zegt hij zelf. Er volgde een nieuwe intelligentietest. Score: 108, gemiddeld intelligent. Gevolgd door een tweede test, waaruit zelfs een bovenmatig intelligentieniveau van 118 bleek. Een rechter oordeelde dat Remzi weg moest bij de zwakzinnigen, maar het duurde nog anderhalf jaar voor er een plekje was gevonden: een woongroep voor jongeren met gedragsproblemen.

Hoe meer je hoort van Remzi, hoe vreemder het wordt. Zo veel narigheid en uitzichtloosheid en toch zit hij er, in die keuken in Zaandam. Een zachtaardige, introverte jongen, hij heeft iets eenzaams.

Trots
Fluitend doorloopt hij desalniettemin zijn mbo-opleiding en volgend jaar wil hij informatica gaan studeren. Hij heeft, zoals hij zelf zegt, geen al te uitbundig sociaal leven. Een vriendin? Kinderen? Remzi kan zich er nog niet zo veel bij voorstellen. Als je hem vraagt naar zijn computer, komt hij echt los. De kast wordt opengemaakt en trots laat hij zien hoe hij het apparaat zelf heeft opgebouwd.

Over een rechtszaak heeft hij lang en diep nagedacht, maar hij heeft die toch doorgezet toen bleek dat de instelling waar hij zat, de gemaakte fouten niet wil erkennen.

Hij is verkeerd behandeld en dat moeten ze toegeven, zegt Remzi. 'Het gaat me vooral om erkenning, het gaat me om een schadevergoeding voor mijn verloren jaren.' Wat hij eigenlijk wil? 'Rust. Ik wil rust.'


Lees vandaag (1-3) meer in Het Parool: 'Er is zoveel misgegaan'