Achtergrond

Een verbod op het beledigen van Mohammed: kansloos, respectloos of interessant?

Beeld Hollandse Hoogte / ANP

De oproep tot het verbieden van het beledigen van de profeet Mohammed van Yassin Elforkani, imam van de Blauw Moskee in Nieuw-West, heeft hevige reacties opgeroepen. Is het een kansloos en respectloos voorstel of een voorzet voor een goede discussie?

In zijn vrijdagpreek ging imam Elforkani in op de gespannen situatie in Frankrijk na een aantal terreuraanslagen die onder meer gekoppeld worden aan de Mohammed-cartoons van Charlie Hebdo. Zijn voorstel om het beledigen van de profeet via wetgeving in te perken kon buiten de moskee op behoorlijk wat kritiek rekenen. Zo noemde Tweede Kamerlid van de VVD Jeroen van Wijngaarden het plan ‘ongepast en respectloos’ in radioprogramma Dit is de Dag.

Politicoloog en voormalig PvdA-Kamerlid Keklik Yücel deelt die lezing. “Elforkani legitimeert zo de claim van de aanslagplegers, die barbaren, dat je een profeet, een religie niet mag bespotten. Wint zoiets aan draagvlak, dan is dat een begin van verval van onze hard bevochten verworven waarden.”

Bovendien slaat het wat haar betreft de plank volledig mis. “Als iemand voor de vrijheid van meningsuiting moet zijn, dan is hij het wel. Vrijheid van godsdienst is namelijk vrijheid van meningsuiting. De meeste moslims willen vreedzaam leven, maar op deze manier frustreer je het onnodig. Maak de onderwerpen juist bespreekbaar, maak duidelijk dat het een spotprent is, niet gericht op een groep mensen, maar op een idee of een maatschappelijke kwestie. En sta juist op tegen de barbarij die de tekeningen oproepen.”

Kansloze missie

Cultureel antropoloog en islamkenner Martijn de Koning denkt dat het aanpassen van de wet een kansloze missie is, maar hij noemt de oproep wel interessant. “Want wat voor vrijheid van meningsuiting willen we eigenlijk? Eén waarbij iedereen maar kan roepen wat ie wil? Want dan is het onvermijdelijk dat minderheidsgroepen worden gedemoniseerd, waardoor ze uit het debat worden geduwd. Wil je dat deze mensen hier toch toegang tot krijgen, dan kunnen bepaalde dingen niet gezegd worden, dan moet je andere beperkingen opleggen. Hoe paradoxaal ook.”

Dat mensen de uitspraak van Elforkani zien als zwichten voor terreur, kan hij zich wel voorstellen, gezien de recente gebeurtenissen in Frankrijk. “Maar Elforkani heeft zich altijd uitgesproken tegen extremistisch geweld en in die zin zie ik het idee ook juist als kritiek op de aanslagplegers. Hij kiest voor het debat en wetgeving en zegt daarmee: zoiets los je niet op met geweld.”

Respect voor elkaars religie

Abdou Menebhi, voorzitter van het Euro-Mediterraan Centrum Migratie en Ontwikkeling, vindt dat we ons bewust moeten zijn van wat een karikatuur die de profeet beledigt bij sommige moslims teweeg kan brengen. “Een politicus die een karikatuur nog eens verspreidt, helpt dan ook niet. Dat stimuleert haat zaaien alleen maar.” 

Een wet gaat extremisme echter niet tegen, zegt hij. “We zijn voor vrijheid van meningsuiting, dus kritiek verbieden gaat te ver. Respect voor elkaars religie is het belangrijkste, en dat bereik je door een dialoog te voeren, niet met een wet.”

Of het haalbaar is, een wet tegen het beledigen van de profeet Mohammed, is maar de vraag. Het is in Nederland strafbaar om een groep mensen te beledigen vanwege hun godsdienst, benadrukt strafrechtdocent Klaas Rozemond. Maar dat gaat niet over het beledigen van een profeet. “Hij is een niet meer bestaand religieus persoon, net als Jezus of Boeddha. Het beledigen van deze figuren mag.” Dat zou je via wetgeving kunnen veranderen, het gebeurde volgens hem eerder in Oostenrijk en Turkije. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens bepaalde dat het beledigen van de profeet Mohammed niet onder vrije meningsuiting valt. De kans dat zoiets in Nederland strafbaar wordt gesteld, acht hij echter heel erg klein.

Geen verbod op godslastering 

Dat zegt ook Janneke Gerards, hoogleraar fundamentele rechten aan de Universiteit Utrecht. “Het lijkt me sterk dat je hiervoor een politieke meerderheid krijgt. In de eerste plaats omdat in 2014 juist het verbod op godslastering is geschrapt, omdat het verbod niet meer bij deze tijd past.” 

“Strandt een nieuw voorstel voor een verbod niet in het parlement, dan is er waarschijnlijk wel een rechter die het in strijd verklaart met het gelijkheidsbeginsel. Waarom wel een verbod tegen het beledigen van een bepaalde profeet, maar niet van een ander godsdienstig figuur?”

verwijs naar HHW p20

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden