Plus Reportage

Een rondje blunders en dode bomen in het Oosterpark

Vijftien geïnteresseerden deden mee aan de wandeling van zaterdagochtend. In het midden (met tas) Ernst Sonneveldt, voorzitter van Stichting Herstel Oosterpark. Beeld Jean-Pierre Jans

Stichting Herstel Oosterpark organiseerde zaterdag een wandeling om te laten zien wat er allemaal mis is sinds de renovatie van het park. ‘Het is een halve actiewandeling. Ik vertel ook nog iets over de geschiedenis van dit park.’

Een groep mensen staat even voor 11 uur in de muziekkoepel te schuilen. Ze moeten deze zaterdagochtend de regen in om aan de Oosterparkwandeling te beginnen. Beter kan eigenlijk niet, want de wandeling, georganiseerd door Stichting Herstel Oosterpark, is niet echt voor de ‘leuk’.

De vijftien wandelaars die zijn komen opdagen willen namelijk weleens horen wat er allemaal mis is met het park. De stichting heeft deze Oosterparkwandeling georganiseerd om uitleg te geven over, en vragen te beantwoorden over het vorige week gepresenteerde Zwartboek Verdubbeling Oosterpark: van Amsterdams park tot hoteltuin.

Stommiteiten

In dat rapport wordt gewezen op de slechte staat van het park na de renovatie van 2015. Er is ­sprake van grote bomensterfte, de waterhuis­houding (met name de afwatering) is dramatisch en de grond blijkt op verschillende plaatsen sterk verontreinigd. Bij metingen bij een kinderopvang die aan het park grenst, zou zijn gebleken dat de hoeveelheid schadelijke stoffen (zware metalen) in de grond 4,5 keer zo hoog is als toegestaan.

Arend Wakker, bestuurslid van de stichting, leidt rond. “Het is een halve actiewandeling, want ik vertel ook nog iets over de geschiedenis van dit park.” Maar de toon is meteen gezet, als hij vertelt over een stommiteit van de gemeente. Staand bij een grasveld, niet ver van het pierenbadje, vertelt Wakker dat hier in 1866 de Oosterbegraafplaats werd gebouwd. “Maar die moest na 25 jaar alweer plaatsmaken voor het in 1892 geopende Oosterpark. Dat doe je toch niet?”

Dode deel

Hoofdschuddend loopt hij verder. “We lopen nu door het nieuwe, dode deel naar het mooie, levende deel van het park.” Wakker doelt met dat dode deel op de zijde waar een aantal hotels is gevestigd. Die worden nu tot het Oosterpark gerekend, en om die hotels de ruimte te geven en uitzicht op het park, zijn er veel bomen gekapt. Daardoor is volgens Wakker die zijde een soort hoteltuin, en is er van het oorspronkelijke park niets meer over. Uit de ironische ondertoon, die Wakker de hele wandeling heel fijn laat doorklinken in zijn relaas, mag worden opgemaakt dat de beslissing van de gemeente die ­hotels tot het park te rekenen ook dwaas is.

In het oude deel wijst hij op bosjes, grasvelden en zichtlijnen die het park hier doen lijken op een bospark in de Engelse landschapsstijl. De euforie is van korte duur als hij wijst op de blunders die bij de renovatie zijn begaan. “Het park is aan de randen een meter hoger dan in het midden.” Hij wijst naar het asfalt. “Waar breng je dus de goten aan voor als het regent en het water naar beneden komt?” Hij wijst naar de grasveldzijde. “Daar natuurlijk! Aan de verkeerde kant. En het zijn ook nog siergoten! Vond de architect kennelijk mooi.” Hij stampt met zijn voet in het niet afgevoerde water. “De drainage is een ramp. Degelijke afvoergoten, die willen we!”

Vervuilde grond

Overal wijst Wakker ook dode bomen aan. Hij wijst op het gras dat door rijplaten, neergelegd voor festivals, zeer te lijden heeft, en spreekt over de vervuilde grond die bij de renovatie zomaar is hergebruikt. Hij wijst naar het grasveld. “Hier is de grondwaterstand heel hoog. Wat denken jullie, zou dat iets met de drainage te maken hebben?”

Ernst Sonneveldt, de voorzitter van Stichting Herstel Oosterpark, die ook meeloopt: “We willen dat de gemeente voor dinsdag 12.00 uur toezegt dat binnen een week gestart wordt met grond- en bodemonderzoek. Als we voor die tijd geen bericht hebben gehad, krijgt het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam woensdagochtend een dagvaarding in de bus en een strafvordering aan wethouder Ivens en burgemeester Halsema.”

Geen reactie

We zijn weer bij de hotelzijde van het park ­aangekomen. Wakker: “Ik kan natuurlijk niets ­bewijzen, maar het is wel merkwaardig dat er na de renovatie zo veel bomen en struiken zijn ­gestorven en nog steeds doodgaan.” Hij wijst op de ­vele dode bomen die er op een rij staan. “The ­killing fields,” zegt een van de wandelaars.

Dan kijkt hij naar het gebouw waar een kinderopvang is gevestigd. “Een meter van de crèche is de grond erg vervuild.” Sonneveldt: “Het gaat voornamelijk om loodverontreiniging. De waarde is ruim vier keer zo hoog als zou mogen. Het gevolg is dat het IQ van kinderen in hun ontwikkeling kan worden geschaad, dat komt dan tot uiting als ze 12 jaar zijn.”

Wakker bedankt de wandelaars voor hun aandacht en sluit af. Hij vindt het jammer dat niemand van de gemeente is komen opdagen. Sonneveldt wil daar nog wel iets over zeggen. “Zal ik nog iets krankzinnigs vertellen? We hebben geen een reactie gehad vanuit de gemeente op het zwartboek. Ik herhaal: geen een reactie. Terwijl ik van wetenschappers de vraag heb gekregen waarom het park niet is gesloten met deze waarden. Nu zijn we het dus helemaal zat. Daarom willen we die toezegging over dat grond- en bodemonderzoek. Er móet iets gebeuren.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden