Amsterdammer helpt Amsterdammer

Dhoeman hoopt zijn oude dag te slijten in Suriname: ‘Ik wil niet wachten tot ik dood ben’

Roy Dhoeman is Nederland ontzettend dankbaar voor de afgelopen veertig jaar, maar zijn laatste dag wil hij in zijn vaderland Suriname slijten. Voor de terugreis heeft hij een bijdrage nodig. Kosten: 500 euro.

Rond zijn achttiende besloot Dhoemans vader naar Nederland te vertrekken, in de hoop een stabiel inkomen te vergaren. Beeld Eva Plevier
Rond zijn achttiende besloot Dhoemans vader naar Nederland te vertrekken, in de hoop een stabiel inkomen te vergaren.Beeld Eva Plevier

Ruim twee keer zoveel jaar heeft Roy Dhoeman (59) in Amsterdam doorgebracht als op zijn geboortegrond in Suriname. “Maar elke dag droomde ik van een bestaan daar. Op het moment dat mijn vader 41 jaar geleden besloot dat ik mee moest naar Nederland wist ik dat ik ooit zou terugkeren.” De goedlachse Dhoeman vertelt over zijn twee dochters, hoeveel plezier in het leven zij hem hebben gebracht maar tegelijkertijd ook de reden zijn waarom hij niet al eerder is teruggegaan. “Inmiddels hebben ze hun eigen gezin en hebben ze mij hun zegen gegeven.” Vanachter zijn mondkapje klinkt gegrinnik.

Dhoeman bewoont een appartement in de Dapperbuurt maar staat zijn bezoek vandaag te woord in buurtcentrum de Meevaart waar hij als vrijwilligerscoördinator bijna elke dag te vinden is. “Dit voelt als thuis, en mijn collega’s zijn als familie. De Meevaart is uitgegroeid tot een ontzettend belangrijke plek voor mij.” Dat deze warme gevoelens wederzijds zijn blijkt wanneer het gesprek telkens wordt onderbroken door vrolijke begroetingen en prangende vragen. “Als ik vertrek, zal het afscheid van de Meevaart me zwaar vallen. Ik zal moeten huilen. Maar het is nu belangrijk dat ik voor mezelf kies.”

Zorgzaam

Als hij zichzelf in één woord zou moeten beschrijven, kiest Dhoeman voor zorgzaam. “Mijn leven heeft grotendeels in het teken gestaan van het helpen van anderen.” Als oudste in een gezin van zeven kinderen werd het verantwoordelijkheidsbesef hem met de paplepel ingegoten. Zeker toen zijn moeder kanker kreeg, rustte het huishouden op de schouders van de destijds negenjarige Dhoeman. Hij ging niet meer naar school en zorgde voor zijn broertjes en zusjes. “Het was soms pittig, maar nooit te zwaar. We leefden in een houten huisje, getimmerd door mijn vader, op het platteland van Suriname. De vrijheid die ik toen heb ervaren, daar verlang ik dagelijks naar.”

Rond zijn achttiende besloot Dhoemans vader naar Nederland te vertrekken, in de hoop een stabiel inkomen te vergaren. Niet veel later volgden Dhoemans moeder en zijn broertjes en zusjes. Hij bleef achter in zijn geliefde Suriname, maar een paar maanden later werd Dhoeman verzocht ook naar Amsterdam te komen. “Het ging niet goed met mijn moeder en mijn vader moest hard werken. Ik was nodig voor het dagelijkse reilen en zeilen.” Een halfjaar na aankomst overleed zijn moeder. Het was een zware tijd, zijn moeder was een ongelooflijk belangrijk voor hem en hun band was sterk.

In de jaren die volgden, trouwde Dhoeman en kreeg hij twee dochters. Hij werkte achtereenvolgens in de schoonmaakbranche, als postbode en bij het cateringbedrijf van KLM. “Een fijne tijd, maar bij een grote ontslagronde moesten ze me laten gaan.”

In die tijd scheidde Dhoeman van zijn vrouw en moest hij zijn dure huurhuis verlaten. Hij verbleef veel bij vrienden en familie en het Passantenhotel (zie kader). De stress en onzekerheden eisten hun tol: in 2014 kreeg Dhoeman een hartinfarct. Het revalidatieproces was lang en intensief, maar toen het wat beter ging, besloot hij een opleiding bij de Meevaart te volgen. Van het een kwam het ander en Dhoeman hervond zijn zin in het leven.

Remigratieproject

Toch knaagde het. Nu hij zo rakelings langs de dood is gescheerd, is zijn wens om terug te keren heviger dan ooit. “Ik heb altijd gezegd dat ze me in Suriname moeten begraven, maar ik wil niet wachten met teruggaan tot ik dood ben.” Uitkeringsgerechtigden met een wens terug te keren naar hun geboorteland kunnen gebruik maken van een remigratieproject van de overheid. Ze verhuizen en behouden een deel van hun uitkering.

Door een administratiefout van Dhoemans vader ten tijde van de emigratie komt Dhoeman niet aanmerking voor de regeling. “Ik heb respect voor de wet- en regelgeving, maar hier kan ik niets aan doen. Ik blijf hoop houden dat iemand uit de politiek iets voor me kan betekenen.” Tot die tijd gaat Dhoeman het op eigen houtje proberen. Een bijdrage aan het vliegticket en een spaarpotje voor ’t begin zijn hard nodig. “Suriname is voor mij het paradijs, en daar wil ik dolgraag naartoe terugkeren.”

Passantenhotel

Een verblijf in het Passantenhotel van hulpverleningsorganisatie HVO-Querido is van tijdelijke aard. Mensen mogen uiterlijk een halfjaar in het pand aan de Tweede Boerhaavestraat verblijven en het is de bedoeling dat gasten na deze periode op eigen kracht op zoek gaan naar een andere woonplek. Het Passantenhotel is met name bedoeld voor daklozen die redelijk zelfstandig zijn en een band hebben met de stad. Ze moeten over voldoende geld beschikken om hun overnachting vooruit te betalen. In het hotel ligt de nadruk op dienstverlening en medewerkers gaan met de gasten in gesprek over hun toekomst.

De wens van vorige week

‘Iedereen verdient goed onderwijs en gelijke kansen’

Vorige week vroeg Adesuwa Osaibovo hulp bij de aanschaf van een laptop voor haar opleiding. Edith de Leeuw doneert.

Sinds twee jaar woont Adesuwa Osaibovo (43) samen met haar vierjarige zoon Godswill in Tuindorp-Oostzaan. Daarvoor woonde ze met Godswills vader in Zuidoost, maar toen die in de problemen raakte met justitie verloren ze hun huis. Bijna drie jaar zwierven Osaibovo en haar zoontje door de stad. Het continu verhuizen deed hem geen goed, dus is Osaibovo nog dagelijks dankbaar voor hun huidige plekje.

De uit Nigeria afkomstige Osaibovo woonde lange tijd in Spanje. Toen ze Godswills vader ontmoette, reisde ze hem achterna naar Amsterdam. Osaibovo is nog steeds blij met die beslissing, ondanks dat de relatie is gestrand. Ze houdt van kinderen en wil pedagogisch medewerker worden. Een nieuwe laptop zou haar helpen haar doelen te bereiken.

Edith de Leeuw (59) heeft voor die aankoop een geldbedrag beschikbaar gemaakt, dat de hoogleraar Methoden en technieken onlangs ontving omdat ze de Monroe Sirken Award, een oeuvreprijs, kreeg. “Onderwijs heeft in mijn loopbaan lang een belangrijke plek ingenomen en ik ben van mening dat iedereen goed onderwijs verdient en gelijke kansen. Zo’n praktisch iets als een laptop zou Adesuwa niet in de weg moeten staan haar dromen na te jagen. Ik vind het ongelooflijk moedig van haar dat ze opnieuw een leven opbouwt en zich niet uit het veld laat slaan. Adesuwa verdient alle ondersteuning die ze kan krijgen en ik wil daarom graag voor haar een goede laptop kopen.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden