PlusAchtergrond

Deze verpleegkundigen voeren woensdag actie

Na de leraren is het morgen de beurt aan verpleegkundigen. Op 119 ziekenhuizen, poliklinieken en revalidatiecentra in het hele land gaan 150.000 verpleegkundigen staken voor een betere cao. Het is het grootste protest in de zorg ooit. Hebben zij een punt?

Sylvia Schröder, OLVG-WestBeeld Marc Driessen

Een verpleegkundige die net uit de school­banken komt, krijgt ten minste 2144 euro bruto per maand. 80 procent kan doorgroeien tot maximaal 3490 euro. De overige 20 procent ­specialiseert zich in bijvoorbeeld diabeteszorg of hartbewaking of is anders opgeleid, zoals een operatieassistent, en krijgt maximaal 3900 euro bruto. Ziekenhuismedewerkers kunnen hun maandloon volgens de vakbonden nog spekken met maximaal 200 euro door diensten te draaien in de nachten en weekenden.

“Het is geen vetpot,” beaamt Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan de universiteit van Tilburg. Toch denkt hij dat een hoger salaris – de vakbonden willen er 5 procent per jaar bij – weinig verschil zal maken. “We weten uit onderzoek dat werknemers een halfjaartje blij zijn met een loonsverhoging. Wanneer er vervolgens niets verandert op de werkvloer, keert de onvrede terug.”

Zwaarder en complexer

Waar het volgens hem écht om gaat, is de hoge werkdruk. Dat zit ’m in de onregelmatige diensten, maar ook in het enorme personeelstekort. In algemene ziekenhuizen ligt het ziekteverzuim op 5,5 procent (het landelijk gemiddelde is 4,3 procent). Ook het verloop in de zorgsector is groot: 16 procent stroomt binnen een jaar weer uit. Wilthagen: “De cijfers laten zien dat het werk de verpleegkundigen zwaar valt.”

Niet vreemd, zegt Wim Groot, hoogleraar ­gezondheidseconomie aan de Maastricht University. Volgens hem is het werk van verpleegkundigen de afgelopen decennia zwaarder en complexer geworden. Nederlanders leven langer, maar kampen ook langer met meerdere chronische aandoeningen tegelijkertijd. Dat stelt personeel voor hoofdbrekens om behandelingen en medicatie goed op elkaar af te stemmen. “Patiënten liggen bovendien steeds korter in het ziekenhuis. Uitzieken, waarbij je minder omkijken hebt naar de patiënt, gebeurt nu thuis. Dus bijna alle zorg in het ziekenhuis is intensief.”

Complexiteit

De patiënt zelf is er ook niet makkelijker op ­geworden, vult Wilthagen aan. “Zorgpersoneel heeft te maken met mondige patiënten en familieleden. Er is meer agressie. Daarnaast hebben ze te maken met dementerenden, nieuwkomers en mensen uit andere culturen, die op een an­dere manier verzorgd moeten worden. De complexiteit van de maatschappij zie je terug in het ziekenhuis. Daar moet je als verpleegkundige mee dealen.”

Uit een vertrouwelijk document van de vakbond blijkt dat de vakbonden bijna een miljard erbij willen, terwijl het bod van de werkgevers 200 miljoen lager is. De vakbonden spiegelen hun hoge looneis niet aan andere sectoren, maar vinden simpelweg dat het zware en belangrijke werk beter beloond moet worden.

Maar zo simpel werkt het niet, zegt gezondheidseconoom Groot. “Beloning hangt niet af van zwaarte of waardering. Een vuilnisman werkt harder dan ik en we kunnen niet zonder hem. Toch verdien ik meer. Dat heeft te maken met vraag en aanbod. Waar krapte in de markt is, zoals in de ict, stijgen de lonen. Behalve in een collectieve sector zoals de zorg. Hier stelt de overheid vast hoeveel de salarissen mogen stijgen. Liefst niet te veel, want dan gaat de premie omhoog of wordt het overheidstekort te groot.”

Slagroomdiensten

Er is wel een omweg, zegt hij: zzp’er worden. Zzp’ers krijgen niet alleen een hoger loon, maar draaien ook alleen de diensten waar ze zin in hebben, vaak die van negen tot vijf. Emeritus-hoogleraar publieke gezondheidszorg Guus Schrijvers noemt dat ‘de slagroomdiensten’. “De pijn van de verpleegkundigen zit in die onregelmatige diensten,” benadrukt hij. “Zorg voor betere toeslagen en minder werkdruk in de nacht en weekenden. Waarom zijn er in een grote stad ’s nachts drie huisartsenposten en drie spoed­eisendehulpafdelingen open?”

Zelf werktijden kiezen

Wilthagen vindt dat het personeelsbeleid in ziekenhuizen volledig op de schop moet. “Werken in een ziekenhuis is topsport. Bij topsport hoort ontspanning. Dus zorg voor roosters waarbij personeel zelf kan kiezen welke tijden zij het liefst werken. Dat is even gepuzzel, maar wel te doen.”

Ook pleit Wilthagen voor meer sabbaticals. “Het is dom om te denken dat een verpleegkundige 50 jaar hetzelfde werk wil doen. Als werkgever moet je méér bieden. Laat hen een tijdje extern werken om bijvoorbeeld competenties in het leidinggeven op te doen of zich te verdiepen in technologie en haal ze na een paar jaar weer terug.”

Kortom, de cao-strijd is volgens de hoogleraar veel complexer dan de loonsverhoging. “Maar dat past niet op een spandoek.”

Fatsoenlijke beloning

Het is essentieel dat ziekenhuispersoneel fatsoenlijk betaald krijgt. Dat zegt minister Bruins (Medische zorg). Bruins wil daarover snel een deal zien. “Mensen in de zorg doen verantwoordelijk werk. Daar mag, of beter gezegd, moét een fatsoenlijke beloning tegenover staan,” aldus de minister. Zijn ministerie stelt jaarlijks extra geld beschikbaar (dit jaar 1,7 miljard euro) om een marktconforme loonontwikkeling mogelijk te maken.

Ggz-medewerkers krijgen er de komende jaren ruim 8 procent bij. Ook voor personeel in verpleeg- en verzorgingshuizen en thuiszorg-organisaties is een akkoord bereikt. Het kán dus wel. Ik verwacht van betrokken partijen dat ze in het belang van medewerkers en patiënten snel tot elkaar komen.”

Edwin van der Aa

Ancla WijsBeeld Marc Driessen

 Ancla Wijs (55)

Verpleegkundige met de ­specialisatie verloskunde en ­gynaecologie, BovenIJ Ziekenhuis

“Ik ben in 1986 begonnen op verloskunde. In de tussentijd is mijn werk ­ontzettend veranderd. Destijds bevielen vrouwen nog heel vaak thuis, maar inmiddels gebeurt dat nog maar in 13 procent van de gevallen. Veel vrouwen willen in het ziekenhuis bevallen met pijnstilling. Ook werken we tegenwoordig op een afdeling waar ook de kinderafdeling en neonatologie onder vallen. Dat alles maakt het werk inhoudelijk complexer. We moeten veel meer weten. Dat geeft extra werkdruk. Mensen liggen ook korter in het ziekenhuis, wat zorg zwaarder maakt. Maar daar bovenop is het ook gewoon veel drukker omdat we collega’s missen. Er zijn vacatures die bij gebrek aan nieuwe krachten niet kunnen worden ingevuld. Maar we hebben ook collega’s die ziek thuis zitten. Die diensten vangen we met elkaar op.”

“Tijdens de actie draaien we morgen een zondagsdienst op bijna alle afdelingen van het BovenIJ, behalve die voor de acute zorg en oncologie. De actie gaat niet alleen over de structurele loonsverhoging. Wat ik ook heel belangrijk vind, zijn andere arbeidsvoorwaarden: het niet verder inkorten van loondoorbetaling bij ziekte. En ook de werkgeversbijdrage ziektekostenverzekering moet behouden blijven. Hoewel mijn actiebereidheid groot is, kan ik niet mee staken. De bevallingen gaan namelijk gewoon door. Actiedag of niet.” 

Marco van VeelenBeeld Marc Driessen

Marco van Veelen (52)

Recoveryverpleegkundige, Ziekenhuis Amstelland.

“Op de recoveryafdeling zorg ik voor patiënten die net uit een operatie komen. Je kijkt hoe het gaat met de vitale functies en je zorgt dat mensen zo min mogelijk pijn hebben. Daarna breng je ze naar de verpleegafdeling waar ze verder kunnen herstellen. Ik zit nu vijf jaar op deze afdeling, maar ik werk al 31 jaar, vanaf mijn 21ste, als verpleegkundige. Het vak is echt veranderd. Het aantal collega’s neemt af en de werkdruk neemt toe. Niet alleen omdat je meer werk met minder mensen moet doen, maar ook omdat er meer technische ontwikkelingen zijn die je moet bijhouden.”

“Je gaat weleens denken: goh, hoe zou het zijn als ik me zou omscholen? Kan ik ergens anders met minder werkdruk meer verdienen? Nou is dat misschien lastig voor mij, met mijn 52 jaar, maar jongere collega’s gaan ook zo denken. Als zij overstappen naar ander werk hebben wij, als wij het later nodig hebben, niet de zorg die de mensen nu hebben. Daar gaan de cao-onderhandelingen over: de toekomst van de zorg. Zorg dat mensen beter worden betaald, dan gaan er meer mensen in de zorg werken en neemt de werkdruk ook af.” 

Sylvia SchröderBeeld Marc Driessen

  Sylvia Schröder (49)

Dialyseverpleegkundige, OLVG

“Bij ons komen patiënten met nierziekten. Met de dialysemachines kunnen we de functie van de nieren nabootsen en het bloed zuiveren. Dat betekent dus dat patiënten jarenlang bij ons komen. Als iemand geen niertransplantatie wil of kan krijgen, kan dat zelfs een leven lang zijn. Patiënten zijn er drie tot vier keer in de week en zien je als een soort familie. De loyaliteit naar de patiënten toe is dus heel groot. Wij hebben op de afdeling 4,5 fte vacature op de 50 fte. Dat extra werk komt erbij. En het is al zo druk. Maar wat moet je doen? Je zegt niet tegen een patiënt: ga maar naar een ziekenhuis in Almere.”

“Daarbij hebben patiënten ook meer zorg nodig. Vroeger kwamen de meesten lopend de afdeling op, nu komen ze bijna allemaal in een rolstoel of achter een rollator binnen. De verzorgingshuizen sluiten, ouderen wonen langer zelfstandig thuis en dat merken wij in het ziekenhuis. Een patiënt heeft niet alleen meer nierfalen, maar ook hart-, of longproblemen. We worden nu ook bijgeschoold in psychiatrische problemen en de-escalatie bij agressie, want dat zijn ook zaken waar we vaker mee te maken krijgen. De patiënt is veel minder stabiel dan vroeger. Ik maak me dan ook zorgen om de zorg. Deze werkdruk is voor niemand goed.”

Malika Sevil

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden