Defensie graaft Brits gevechtsvliegtuig op: 'Piloot had geen kans'

Defensie heeft in het Westelijk Havengebied een Brits jachtvliegtuig opgegraven dat in december 1944 werd neergehaald. 'Het is een aardig maanlandschap geworden.'

Beeld Lin Woldendorp

Bijna alle munitie die RAF-piloot Nicolai Roy Schwartz (23) en navigator Robert Walter Donaldson (22) eind 1944 aan boord hadden, is teruggevonden, onder een dikke laag klei in de Amsterdamse haven. Toen hun jachtvliegtuig op weg naar nazi-Duitsland werd neergehaald, hadden ze blijkbaar geen schot gelost. "Dat raakt me wel," zegt Patrick van der Stoop van de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD). "Ze hebben geen kans gehad."

Majoor Bart Aalberts, stafofficier vliegtuig­berging van Defensie, heeft dan al uitgebreid stilgestaan bij het lot van de twee jonge vliegers op hun eerste missie - deels nog een training, nota bene.

De nachtjager van de Luftwaffe die de crash van hun tweemotorige Mosquito heeft geclaimd, vloog weliswaar een tragere Messer­schmitt, maar was zeer ervaren en had veel Britse bommenwerpers neergehaald. "Het lijkt erop dat ze de pech hebben gehad een heel ervaren tegenstander te treffen."

Onder vier meter grond
Een gespecialiseerd Defensieteam heeft in het Westelijk Havengebied afgelopen week een braakliggend terrein ondersteboven gekeerd op zoek naar brokstukken van het jachtvliegtuig. "Het is een aardig maanlandschap geworden."

In de jaren zestig is het gebied opgehoogd met vier meter grond. Daaronder zijn nu onder meer een vliegtuigmotor, propellerdelen en een kanon gevonden.

Stoffelijke resten zijn niet gevonden. Dat lag ook niet voor de hand. Navigator Donaldson werd na de crash gevonden door de bezetter. Piloot Schwartz werd in 1948 gevonden door een onderzoeksgroep van de RAF. Ze liggen begraven op De Nieuwe Ooster. In 1948 werd ook een groot deel van de cockpit al geborgen.

Boven Nederland werd een groot deel van de luchtoorlog tussen de geallieerden en nazi-Duitsland uitgevochten. Er zijn zo'n 6000 vliegtuigen neergestort, zegt Aalberts.
Zo'n 85 procent van de wrakken is geruimd, maar nog altijd wordt twee tot drie keer per jaar een vliegtuig geborgen. Meestal is de reden het gevaar dat niet ontplofte explosieven opleveren. Ook bij dit vliegtuigwrak is dat het geval. EOD'er Van der Stoop noemt het een soort granaatjes: "Klein, maar niet ongevaarlijk."

Persoonlijke eigendommen
Het terrein waar de Mosquito is gevonden, is in erfpacht uitgegeven voor de bouw van een opslagloods. De gemeente wil het zonder explosieven of metalen in de bodem opleveren.

Daarmee lijkt het bijna een opruimoperatie, maar Defensie voelt het ook als een plicht om te blijven zoeken naar resten. Soms worden persoonlijke eigendommen gevonden, zoals aanstekers of sigarettenkokers.

"Voor dit toestel staan geen vermisten te boek," zegt kapitein Geert Jonker van de Bergings- en Identificatiedienst Koninklijke Landmacht. "Maar onze ervaring is: in de meeste gevallen vind je toch nog stoffelijke resten, zelfs als er geen vermisten zijn. Je kunt je wel voorstellen wat voor krachten vrijkomen als een vliegtuig zich met 700 kilometer per uur in de grond boort. Dus je kunt er nooit helemaal zeker van zijn dat de RAF in 1948 alles heeft gevonden. Het is exact de reden dat wij hier zijn."

Een propellerblad van het neergeschoten gevechtsvliegtuig. Beeld Bart van Zoelen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden