PlusReportage

De wijkverpleegkundige helpt nu ook met douchen en aankleden

Beschermingsmaterialen of niet: de wijkverpleging gaat nog steeds bij hulpbehoevenden langs. Het babbeltje is belangrijker dan ooit. ‘Er heerst veel eenzaamheid en angst.’

Verpleegkundige Amber Nouse bezoekt de 77-jarige Harm, oud-bouwvakker.Beeld Dingena Mol

De 79-jarige Mien zit op het afgesproken tijdstip, stipt om acht uur ’s ochtends, klaar. Vroeger kon ze weleens boos worden als een verpleger of verzorger te laat kwam. “Ik kan een felle tante zijn. Maar nu besef ik wat de verpleging allemaal doet,” zegt ze in haar aanleunwoning in West.

Mien kan niet meer zelfstandig ademhalen en doet dat daarom door een canule, een opening in de hals. Ze heeft dagelijks verzorging nodig, anders is er kans op een longontsteking.

Terwijl de verslaggever op afstand blijft, doet verpleegkundige Amber Nouse (29) van Thuiszorg Cordaan bij het binnentreden van de woning een wegwerpmondkapje om. Het zal vandaag de enige keer zijn dat ze mondbescherming draagt, waar een schrijnend tekort aan is. Voor de overige acht cliënten die ze ziet, heeft ze niets.

“Natuurlijk bestaat het risico dat ik het virus krijg,” zegt Nouse. “Maar de mensen hebben ons hard nodig. En dan doe je het gewoon.” Tussen alle verpleegkundige handelingen door is er even tijd voor een ‘sociaal praatje’ en informeert ze hoe Mien de dag doorkomt. Een buurvrouw komt ondertussen een pannenkoek brengen. “Heerlijk,” zegt Mien. “Van Tafeltje Dekje (een maaltijdservice voor ouderen, red.) kreeg ik laatst een gehaktbal. Ik zei: ‘Geef je me er een tennisracket bij?’”

Zo min mogelijk contact

Nouse moet na een minuut of twintig door naar de volgende cliënt. “Humor is erg belangrijk. Dat houdt de mensen op de been.”

Haar werk is sinds het uitbreken van het coronavirus veranderd. Waar ze als verpleegkundige medicijnen toediende, wonden verzorgde en andere medisch noodzakelijke zorg deed, helpt ze mensen nu ook met douchen en aankleden. Ze zet soms koffie, controleert of de vuilnisbak vol is en kijkt even in de ijskast of er wel genoeg eten is – doorgaans het werk van verzorgenden. “Het is belangrijk dat er zo min mogelijk fysieke contactmomenten zijn om de kans op besmetting te voorkomen.”

Haar volgende bezoek is bij de 77-jarige Harm, oud-bouwvakker. Voor zijn aanleunwoning is met krijt een groot hart getekend. ‘Lieve bewoners. Wij denken aan jullie. Liefs van de buren.’

Nouse helpt Harm met wassen en aankleden. “Een kattenwasje aan de wasbak,” zegt ze. “Vroeger werd er driemaal per week gedoucht, in deze tijd nog één keer.”

Harms ambulant begeleider mag sinds kort niet meer komen en dus maakt Nouse voor hem een boterham klaar. Boter is niet in huis en als beleg vindt ze alleen nog een pot appelstroop. “Het lijkt wel oorlog,” zegt Harm. “Straks moet ik nog mijn oude schoenen opeten.”

Als de verpleegkundige handelingen zijn verricht en een afwasje is gedaan, moet Nouse weer vertrekken. Harm: “Ga je alweer weg? Wat jammer.” Er valt nog een grap en dan zit het erop. “Er is zoveel emotie door het virus. Een kleinkind dat niet mag komen, geeft veel verdriet. Dagbesteding is gesloten. Het brengt veel eenzaamheid met zich mee. Wij zijn soms het enige aanspreekpunt. Je kunt niet zomaar even door naar een andere cliënt.”

Nouse heeft een druk schema. De een wordt geholpen met prikken voor diabetes, de ander wordt gezwachteld en bij weer een volgende worden bloedwaardes gemeten. Tussen alle bezoeken door, hangt een huisarts of ziekenhuis aan de lijn. Een collega springt intussen bij. Flexibiliteit is hard nodig in deze tijd van lange, drukke dagen.

Veel bewondering

Bij de 60-jarige Willem moet een wond in de buik worden verzorgd. Nouse gaat bewust niet tegenover maar naast hem zitten, omdat ze geen mondkapje draagt. Op tafel staat een bosje rode tulpen dat Willem van de buurvrouw heeft gekregen. “Om me te ondersteunen,” zegt hij.

Willem stond voor het uitbreken van het virus op de lijst voor een galblaasoperatie, maar die gaat nu even niet door. Hij snapt het en houdt het nog wel even uit.

Nouse en Willem maken er met elkaar een gezellig twintig minuten van. “Ik vind het fijn dat ze langskomt. Maar ze neemt nooit eens gebak mee,” grapt hij. Als Nouse de deur van de woning achter zich dichttrekt, zegt ze: “Ik heb zoveel bewondering voor deze mensen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden