PlusAchtergrond

De wanhoopsdaad van een jonge Eritrese vluchteling: ‘Henok wilde niemand tot last zijn’

De 24-jarige Eritrese vluchteling Henok Zeru Germai maakte vorige maand een einde aan zijn leven door een sprong van de Nesciobrug. Zijn verwachting van een nieuw bestaan in Nederland was niet uitgekomen. ‘Je zag de pijn in zijn ogen.’

Bewoners van Spark Village legden bloemen en kaarsjes  onder aan de Nesciobrug.  
 Beeld Joris van Gennip
Bewoners van Spark Village legden bloemen en kaarsjes onder aan de Nesciobrug.Beeld Joris van Gennip

Net als veel jonge vluchtelingen had Henok Zeru Germai dromen over zijn leven in Europa. Hij wilde heftruckchauffeur worden. Zijn verwachtingen van dat nieuwe leven waren hoog, zeggen zijn Eritrese vrienden.

Toch sprak hij niet vaak over zijn toekomst, en over zijn verleden nog minder. Henok was vrij gesloten. Hoe zijn vlucht vanuit Hagaz, een stad in het midden van Eritrea, naar Europa was verlopen en wat hij allemaal had meegemaakt, is niet bekend. Wel staat in zijn dossier dat hij vanuit Italië in juli 2017 door de UNHCR, de VN-vluchtelingenorganisatie, naar Nederland is gestuurd.

Amsterdam werd zijn nieuwe woonplaats. In januari 2018 betrok Henok, die van een uitkering leefde, een van de containerwoningen op de H.J.E. Wenckebachweg, een complex voor Nederlandse jongeren en vluchtelingen met een verblijfsstatus. Enthousiast begon hij aan zijn inburgeringstraject. Hij wilde naar school, een opleiding volgen en daarna werken.

Kleine studio

Hij voelde zich niet echt thuis in het complex in Oost dat een jaar later moest wijken voor een nieuwbouwwijk. In december 2018 kreeg hij een nieuw onderkomen in een soortgelijk wooncomplex, Spark Village, van woningcorporatie Rochdale en studentenhuisvester Duwo voor jongeren van 18 tot en met 27 jaar. Een complex van 240 containerwoningen: 120 voor statushouders, 80 voor studenten en 40 voor werkende Nederlandse jongeren.

Henok betrok een kleine studio in blok A. “Zijn deur stond altijd open en uit zijn kamer klonk vaak Eritrese muziek. Hij stond dan in de deuropening een sigaretje te roken en begroette iedereen met een lach,” zegt Zahra Khazai, junior onderzoeker bij de VU, die een paar deuren verder woonde en als buddy aan hem was gekoppeld.

“Hij was heel verlegen en sprak ook niet goed Nederlands. Met handen en voeten spraken we met elkaar. Ik probeerde hem mee te slepen naar activiteiten als een barbecue, een spelletjesavond of gewoon even buiten zitten in de zon,” zegt Khazai.

Ups en downs

Het leek goed te gaan met Henok. Hij kreeg een Eritrese vriendin en schoffelde in de moestuinen en plantte bloemen in de binnentuin. “Hij kwam spontaan helpen. Hij vond dat leuk werk,” zeggen de studenten Kay de Vries en Jasper den Duijf, de ‘community builders’ bij de stichting Academie van de Stad op Spark Village.

Henok probeerde zijn leven op te bouwen en kreeg begin 2020 een stageplek bij het sociaal leer- en werkbedrijf Pantar in Zuidoost. Hij raakte enthousiast over het vak elektra. Maar halverwege dat jaar zagen de studenten en Eritrese jongeren van het complex hem ook veranderen. Zijn relatie ging uit en Henok stopte intussen met de Nederlandse les die toch al niet zo goed verliep. Hij kreeg last van depressies, had veel ups en downs en werd stiller en geslotener. Tegelijkertijd had hij veel stress over zijn financiën en het betalen van zijn rekeningen.

Den Duijf, student computationele wetenschappen: “We vroegen wel of hij mee wilde doen met badminton, darten of pannenkoeken bakken. Hij zei dan dat hij dat wel wilde, maar kwam vaak niet opdagen.”

Terug naar zijn moeder

Ook Jop Voet van Rochdale, die Spark Village onder zijn beheer heeft, zag dat het slechter met Henok ging. “Hij werd steeds wantrouwender en klampte zich aan mensen vast,” zegt Voet.

Bewoner Ablel van Spark Village, eveneens Eritrees, hoorde Henok vaak over zijn moeder praten, die hij in Hagaz had achtergelaten. “Hij wilde naar zijn moeder terug. Zij had veel pijn en lichamelijke kwalen en hij had zo’n spijt dat hij niets voor haar kon doen. Hij belde met haar en voelde zich zo schuldig. Dat werd nog erger toen hij hoorde dat zijn jongere broertje was verdronken.”

“Daarnaast waren zijn verwachtingen van Nederland niet uitgekomen. Hij leefde al zes jaar afgescheiden van zijn familie en had spijt van zijn vlucht. Hij zag zijn leven niet veranderen. Wat ging hij doen? Niets! Dat speelde door zijn hoofd,” zegt Ablel.

Het leek aanvankelijk goed met Henok te gaan in Nederland. ‘Hij begroette iedereen met een lach.’ Beeld
Het leek aanvankelijk goed met Henok te gaan in Nederland. ‘Hij begroette iedereen met een lach.’

Khazai zag Henok vaak alleen in zijn studio van 24 vierkante meter zitten. “Hij dronk bier en begon wiet te roken. Je zag de pijn in zijn ogen, zijn glimlach verdween.”

Henok kreeg last van psychische problemen en werd tijdens dieptepunten een paar keer met een psycholance –een ambulance voor mensen met psychiatrische problemen – opgehaald en naar de crisisdienst gebracht. In zijn dossier staat dat er veel hulpverlening betrokken was bij Henok, waaronder de GGD, Arkin en Mentrum.

Leven met een trauma

Volgens Khazai, die 2,5 jaar bij Vluchtelingenwerk Nederland heeft gewerkt, was Henok erg eenzaam, zoals veel Eritrese jongeren. “De Eritreeërs zijn een vergeten groep. Vanuit de overheid wordt te weinig gedaan aan hun integratie, terwijl ze wel graag iets willen bereiken hier. Ze komen niet altijd voor zichzelf op en hebben veel wantrouwen door hun verleden. Ze hebben hun opleiding vaak niet kunnen afmaken of zijn analfabeet. Vaak komen ze in werk terecht dat niet passend is bij hun ambities. Ik zag tijdens mijn werk bij Vluchtelingenwerk veel jongeren als Henok.”

Voet: “Hij was aan het vechten voor een plek in Nederland maar had ook duidelijk hulp, traumazorg, nodig.”

De Vries, student Humanistiek: “Veel Eritreeërs moeten leven met een trauma, maar het is vaak moeilijk voor hen om er met ons over te spreken. Henok wilde ook niemand tot last zijn. We zagen wel dat de geboden zorg niet hielp.”

Eind december vorig jaar sprong Henok uit een woning vanaf de derde etage bij vrienden in de stad. Henok, die nauwelijks iets aan de val overhield, kon zich er naderhand niets meer van herinneren.

Eind februari werd het hem opnieuw te veel. Maandag 22 februari, een dag voor zijn sprong van de brug, zag Ablel hem in de huiskamer van het wooncomplex staan. “Hij stond doodstil, als een standbeeld, en staarde voor zich uit. Ik probeerde hem af te leiden, maar dat lukte niet. Hij was in de war.”

Herdenking

In de ochtend van 23 februari belde Henok voor hulp naar de Stichting Ykeallo, die jonge statushouders uit Oost-Afrika een nieuw leven helpt op te bouwen, met wie hij frequent contact had. “Hij zei dat het niet goed met hem ging,” zegt Voet. Henok wachtte de hulp niet af. Hij liep naar de Nesciobrug en klom rond het middaguur over de reling. Deze val overleefde hij niet.

Khazai denkt dat hij uit ‘hulpeloosheid en machteloosheid’ is gesprongen. “Het is hem waarschijnlijk te veel geworden.”

Voet is er nog steeds ondersteboven van en schreef een gedicht voor hem.

Zo’n tachtig bewoners van Spark Village hebben een herdenking gehouden en bloemen en kaarsjes gelegd onder aan de brug. Een hoekje in de huiskamer werd ingericht met een foto van Henok. Ook werd een crowdfundingsactie op touw gezet en is inmiddels 11.000 euro ingezameld om het lichaam van Henok terug te vliegen naar Eritrea. Ablel: “Zodat hij in Eritrea kan worden begraven en zijn moeder afscheid van hem kan nemen.”

Denk je aan zelfmoord of maak je je zorgen om iemand? Praten over zelfmoord helpt en kan anoniem via de chat op www.113.nl of telefonisch op 113 of 0800-0113.

Reddingsvest

Er is een statushouder in het water verdronken

Niet in de Middellandse Zee

Nee, hij is hier op Nederlandse bodem gezonken

De brandweer heeft nog gereanimeerd

Maar hij is niet meer gered

Voor deze sprong geen reddingsvest

Zielloos alleen en hopend op beter

Niet in de taal thuis, schreeuwend om hulp

Door een aantal van ons begrepen

Ow, had ie Ons maar begrepen

Tegen de wantrouw in

Van ons de liefde

En van de zorg, verplichte hulp gekregen

Voor het verdriet dat hij heeft gedragen

Het beloofde land, de druk van het moeten slagen

Nog zo jong en zielsalleen

Hij kwam voor een droom

Hij kwam in een falend systeem

Hij komt niet meer terug, hij heeft het niet gered

Zijn laatste sprong zonder reddingsvest

Jop Voet

Jop Voet is wijkbeheerder van het Rochdale-wooncomplex waar Henok Zeru Germai woonde. Hij schreef het gedicht als eerbetoon aan de Eritreeër, die op 23 februari verdronk in Amsterdam. Het stond eerder op 6 maart op Het Hoogste Woord in deze krant.

‘De jongeren zijn eenzaam, gesloten en wantrouwig’

Zelfmoord onder Eritrese jonge­ren is volgens Mirjam van Reisen, hoogleraar Internationale Relaties aan de Universiteit Tilburg en ­Eritreadeskundige, ‘disproportioneel hoog’. “Zelfmoord onder ­Eritreeërs is een taboe. Dat maakt het des te ernstiger als iemand wel zelfmoord pleegt.” Van Reisen ziet het veel, Eritrese jongeren als Henok Zeru Germai, die eenzaam, gesloten en wantrouwend zijn.

Het aantal vluchtelingen met een verblijfsstatus uit ­Eritrea en Ethiopië in Amsterdam is de afgelopen jaren sterk gestegen. In januari 2020 waren dat er 1471, in 2015 nog ongeveer 250. Ze vormen 20 procent van het totale aantal.

Van de statushouders uit Ethiopië heeft 83 procent de Eritrese nationaliteit. De meesten zijn tussen de 18 en 26 jaar (28 procent) of tussen 27 en 44 jaar (48 procent). Het merendeel is man (62 procent) en alleenstaand (53 procent). Zeven van de tien leven van een bijstandsuitkering. Meer dan andere statushouders in de stad maken ze gebruik van ­inkomens- en zorgvoorzieningen voor onder meer levens­onderhoud, armoedebestrijding, bijzondere bijstand en ambulante zorg.

Gruwelijkheden

“Eritrese jongeren vluchten voor de nationale dienstplicht in hun land waaraan ze in het laatste jaar van hun middelbare school moeten beginnen,” aldus Van Reisen. “Tijdens die dienstplicht komen ze in kampen terecht, waar ze mensonterende situaties en gruwelijkheden meemaken. Ze worden in de landbouw, infrastructuur en huizenbouw te werk gesteld en worden willekeurig gestraft in ondergrondse gevangenissen. Het is een vorm van slavernij waar geen einde aan komt.”

Als de jongeren, vaak via een tocht door Soedan en Libië, een weg naar Europa zoeken, krijgen ze te maken met mishandeling, marteling, afpersing, verkrachting en financiële uitbuiting.

“Ze komen met mensenhandelaren in aanraking die hun voor duizenden euro’s afpersen. Ze komen na alle gruwelijkheden uiteindelijk verschrikkelijk getraumatiseerd in Europa aan.” Die trauma’s worden vaak niet onderkend door de hulpverlening, temeer daar de Eritreeërs erg gesloten zijn over wat ze hebben meegemaakt en in Nederland te maken krijgen met de invloed van de Eritrese regering. “Er werken vertegenwoordigers van de Eritrese president bij de ambassade, in de hulpverlening en als tolk; die rapporteren aan hun thuisland. Daarom zijn veel statushouders achterdochtig en wantrouwig geworden. Ze hebben daarbij ook angst om hun achtergebleven familie in Eritrea die vaak in het thuisland wordt gestraft. Dat kan uiteindelijk leiden tot een enorme wanhoop.”

Lange arm van Eritrea

Wat eraan kan worden gedaan? “Veel Eritrese jongeren kampen met psychische problemen of schulden omdat de criminele afpersing hier gewoon doorgaat,” zegt Van Reisen, die op verzoek van de Tweede Kamer in 2017 een rapport over ‘de lange arm’ van de Eritrese regering in Nederland schreef.

“Ik ken deze mensen bij naam en toenaam. Zolang deze invloed niet aangepakt wordt, kunnen wij de Eritrese jongeren niet bevrijden van de terroriserende druk of afdoende hulp bieden bij posttraumatische stress. De jongeren kunnen daardoor niet aan hun nieuwe leven beginnen. Je kunt er nog zoveel zorg tegenover zetten, maar dat is dweilen met de kraan open.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden