PlusAchtergrond

De stad heeft dorst: droogte gaat Amsterdam miljarden kosten

Droog voorjaar, periodes met plensbuien, nu weer tropische temperaturen. Hoewel Amsterdam niet zichtbaar lijdt onder het watergebrek dat het oosten en zuiden van het land teistert, voorzien experts dat er voor miljarden maatregelen nodig zijn.

Beeld Getty Images

Er dreigde een record. Nog nooit was het voorjaar zo droog als in 2020 en toen moest de zomer nog komen. “Het is met een sisser afgelopen,” zegt Maarten Kuiper van ingenieursbureau Wareco. Of beter gezegd – hij corrigeert zichzelf meteen: dat tijdens de zomer dit jaar af en toe een bui viel, heeft erger voorkomen. Want we moeten niet denken dat de droogte dit jaar in Amsterdam geen schade heeft aangericht.

“Ik ben ervan overtuigd dat de droogte ook dit jaar heeft gezorgd voor extra bodemdaling,” zegt Kuiper. Elke lange droge periode versnelt de daling van de bodem die toch al optreedt. “Het speelt vooral op de veengronden in Amsterdam-Noord en Zuidoost.” Ook voor de vele oudere woningen in de stad die rusten op houten palen geldt dat ze kwetsbaar zijn voor droogte. Veel van deze funderingen hebben al in het voorjaar waarschijnlijk langer droog gestaan dan gebruikelijk en daardoor gaan ze minder lang mee.

Peilbuizen

Kuiper is stedelijk grondwaterspecialist. Hij bestudeert de loop van het water in de ondergrond van steden. Zijn bedrijf Wareco gebruikt daarvoor door het hele land duizenden peilbuizen waarmee het heel precies de grondwaterstand kan aflezen. Uit de gegevens blijkt dat de droogte eind juni al nijpend was geworden. Bijna net zo nijpend als in 2018, toen pas in augustus wat regen viel. Op het nippertje bleef daardoor 1976 in de boeken als het droogste jaar ooit. Dit jaar was in de Amsterdamse bodem begin juli het dieptepunt van 2018 al zo’n beetje bereikt. “Het grondwater kwam toen net zo laag als de laagste waarde in 2018.”

De zomer van 2018 heeft de droogte op de agenda gezet als beproeving voor de toekomst. In de zomers valt minder regen, en als er eens een bui valt, is die kort en hevig waardoor er weinig vocht doordringt tot de bodem. Ook worden de zomers heter. Er verdampt dan des te meer water. En hoewel de Randstad in een natte delta altijd nog beter af is dan de hoge zandgronden in het oosten en zuiden van Nederland, moet ook Amsterdam zich instellen op zomers waarin de stad weken achtereen langzaamaan droogkookt.

Veendijken

Ook rond Amsterdam waren de gevolgen groot, twee jaar geleden. Ten zuiden van de stad werden de kwetsbare veendijken extra geïnspecteerd. In de laaggelegen Watergraafsmeer werd voor het eerst in jaren het water niet meer weggepompt maar ingelaten, 6 miljoen liter per dag. Dat was nodig om in de polder het water op peil te houden en het droogvallen van funderingen te voorkomen. De gemeente was 3,5 miljoen euro kwijt aan de droogte van 2018, onder meer voor het vervangen van planten die waren bezweken.

De schrik zit er sindsdien goed in. Meer droogte in de toekomst kan vele gevolgen hebben. Grondwater dat zo diep wegzakt dat jonge bomen het niet meer kunnen bereiken. Struiken en heesters die het in de dorre grond niet meer bolwerken. Houten funderingspalen die droog komen te staan, wegrotten en geen stabiliteit meer bieden aan de huizen die erop steunen – een schadepost die tot halverwege deze eeuw in de miljarden kan lopen.

De scenario’s voorzien nog meer: zout water rukt vanaf de Noordzee op richting natuur­gebieden rond de stad, zoals het Naardermeer. De binnenvaart kan stilvallen door het lage water­peil op de grote rivieren. De hitte voelt des te drukkender als het ook nog eens kurkdroog is in de stad, zonder verdamping vanuit planten en de ondergrond die enige verkoeling geeft. Komt er nog genoeg drinkwater uit de kraan? Houden de dijken het? In de zomer van 2003 brak bij Wilnis nog een veenkade als gevolg van wekenlange uitdroging. Liefst 1500 inwoners moesten midden in de nacht hun huis uit.

Met bakken

Klimaatverandering maakt dat het rond Amsterdam alleen maar droger wordt. Althans, in het voorjaar en de zomer. Door het jaar heen verwacht het KNMI hier op de lange termijn juist meer neerslag. En als er dan een bui over de stad trekt, komt het meteen met bakken uit de ­hemel. Hoe in de loop van deze eeuw de zomers uitvallen, is ook voor het KNMI nog een vraag­teken. In sommige scenario’s blijven ze ongeveer zo droog als tegenwoordig, maar het KNMI houdt er sterk rekening mee dat het ’s zomers in Amsterdam nog 30 procent droger wordt.

Wat betekent dat in de stad voor het grond­water, het drinkwater, de natuur en de bescherming door de dijken? Ondanks de regen in juli behoort 2020 nog steeds tot de droogste jaren. De meeste planten komen momenteel niets tekort, maar dieper in de ondergrond is de droogte nog goed te merken. Eind juli kwam het neerslagtekort boven de 200 millimeter, bijna twee keer zo hoog als normaal. Alleen in de record­jaren 1976 en 2018 was het rond deze tijd van het jaar nóg droger.

1. GRONDWATER

Voor het grondwater is erger voorkomen door de regen van juli. Volgens Maarten Kuiper van ingenieursbureau Wareco staat het nu grofweg 20 centimeter hoger dan aan het einde van het droge voorjaar. En dat is maar goed ook, want toen berekende Kuiper dat het grondwaterpeil deze zomer bij aanhoudende droogte tientallen centimeters lager zou uitvallen dan in 2018.

Een droge ondergrond kan leiden tot bodemdaling en paalrot. “Bodemdaling zie je bijna meteen,” zegt Kuiper. Veen, dat al eeuwenlang drassig is, droogt uit en klinkt in. “De bestrating of een tuinpad verzakt, in de kruipruimte knapt een leiding. Daar heb je meteen last van. Schade aan het huis ontstaat vooral als de funderingspalen ontbreken en de bodem aan de ene kant van het huis meer zakt dan aan de andere kant.”

Paalrot is meer een sluimerend probleem. Elke keer als de houten paalkoppen onder het huis droog komen te staan, heeft een schimmel vrij spel. Het nog tientallen jaren duren voordat het huis dat rust op de palen verzakt, maar naarmate er vaker droge periodes zijn, verloopt het verval sneller. “Dan uit de schade zich misschien niet pas over vijftig jaar, maar al over twintig jaar.” En dan zijn de funderingspalen ook echt kapot. “Als je scheuren ziet, ben je al te laat.”

Meerdere millimeters

Dit verklaart waarom er in 2018 niet meteen een hausse aan meldingen over paalrot is geweest. Wareco merkte wel dat verzakkingen van woningen zonder palen vaker voorkwamen, maar dan vooral in het Gelderse rivierengebied, waar ze tot die zomer een zeldzaamheid waren. In het westen van het land zijn dalende bodems van alle tijden, haast Kuiper zich te zeggen. 

Wel treden de problemen door droogte eerder op, ook in Amsterdam. Een droge zomer kan zomaar zorgen voor een extra bodemdaling van meerdere milli­meters, blijkt uit onderzoek dat Wareco heeft gedaan naar de gevolgen in 2018, onder meer in twee ­buurten in Amsterdam-Noord. “De bodem is meetbaar extra gezakt.”

Het risico op bodemdaling treedt vooral op in wijken die niet zijn op­gehoogd met een extra zandlaag. “Dan kan je denken aan delen van Sloten, Duivendrecht en Noord.” Als het gaat om paalrot, ziet hij de gevolgen vooral binnen de Ring. “Grofweg overal in woningen van voor 1970, toen nog houten palen werden gebruikt.” Wel is het risico groter in drukke, volle wijken als De Pijp en de Rivierenbuurt. “In een wijk met minder oppervlaktewater is de kans groter dat het grondwater in droge periodes ver wegzakt.” Verder noemt hij de parken, die niet zijn opgehoogd, en de straten daaromheen.

“Onze funderingsonderzoekers zien bijna dagelijks dat funderingen in een slechte staat zijn. Het is een sluimerend maar groeiend probleem,” zegt Kuiper. Het kan jaren duren voordat schade optreedt door paalrot, maar het prijskaartje is dan niet mals. “De schade treedt verspreid door de stad op, maar alles bij elkaar opgeteld gaat het om een groot bedrag,” zegt Kuiper. “Het kan zomaar 30.000 tot 80.000 euro per pand zijn.”

Onder de grond

Ook het Kenniscentrum Aanpak Funderingsproblematiek (KCAF) onderstreept de hoge kosten die gemoeid zijn met droogte. “Een funderingsprobleem is vaak een grondwaterprobleem,” zegt Ruud van Workum. In de slappe Hollandse ondergrond lopen de kosten van bodemdaling en paalrot snel in de papieren. “De boodschap dat je eventjes 50.000 euro onder de grond moet stoppen, komt vaak hard aan.”

Amsterdammers hebben dan wel het voordeel dat de huizenprijzen extreem zijn gestegen, waardoor een tweede hypotheek eerder mogelijk is. Maar een oplossing samen met de hele straat is per definitie de voor­deligste aanpak. “En dan is er altijd wel iemand met net een scheiding achter de rug die dat geld niet heeft. Of oudere bewoners zeggen: nou, het zal mijn tijd wel duren.”

Met onderzoekers van onder meer Deltares, Arcadis en de Hogeschool van Amsterdam probeert KCAF met de website Klimaatschadeschatter.nl een prijskaartje te hangen aan de klimaat­verandering. Dat valt voor droogte nog niet mee, de schattingen lopen wijd uiteen. Zeker is wel dat de kosten hoog oplopen. Voor Amsterdam wordt de schade van de toe­nemende droogte tot 2050 geschat op 110 miljoen tot 1,9 miljard euro, 150 tot 2300 euro per Amsterdammer.

Van het totaalbedrag komt 26 tot 76 miljoen voor rekening van verzakkende wegen en het riool. Het leeuwendeel van de schade wordt verwacht bij de funderingen. In veen­gebieden lopen de kosten veel verder op. In Waterland gaat het om maar liefst 11.000 tot 46.000 euro per inwoner. Als de klimaatverandering versneld doorzet, kan dat tot 2050 zelfs oplopen naar 16.000 tot 62.000 euro.

De schade die ontstaat als droogte leidt tot verzakkingen, komt vooral bij huiseigenaren terecht. Net als de fundering is het grondwater onder de woning de verantwoordelijkheid van de huizenbezitter, de gemeente heeft alleen een zorgtaak in de openbare ruimte. Dat maakt het knap ingewikkeld, want grondwater onder het huis en onder de rest van de wijk lopen in elkaar over. “We monitoren het op 1500 plekken, maar je kunt het eigenlijk niet beheren, want het fluctueert enorm,” zegt Waternetdirecteur Roelof Kruize. “We zien wel dat het naar beneden gaat bij droogte, maar soms staat het dan aan de ene kant van de straat te hoog en aan de andere kant te laag.”

“Het is verstandig als eigenaren zelf in de gaten houden hoe hun fundering erbij staat,” adviseert hij. Wel probeert Waternet in de stad zoveel mogelijk regenwater door te sluizen naar het grondwater. “Als we het riool vervangen, kijken we of er drainage nodig is.” Een nieuw soort riool kan tekorten in het grondwater automatisch aanvullen en dus meteen meer water vasthouden.

2. NATUUR

 Uitgedrukt in geld blijft de schade die de droogte veroorzaakt aan het groen ver achter bij de gevolgen voor bebouwing. In de zomer van 2018 moest de gemeente 1,4 miljoen euro uittrekken voor het vervangen van dode planten en bomen. Ook was de stad bijna een half miljoen euro extra kwijt aan sproeiwater. Door de droogte verliezen bomen hun bladeren of ze worden extra kwetsbaar voor ziektes en plagen. Inmiddels zoekt de gemeente met de Hogeschool van Amsterdam en de Wageningen Universiteit naar boomsoorten die beter bestand zijn tegen droogte.

Toch maakt boomconsulent van de gemeente Hans Kaljee zich over de volwassen bomen niet veel zorgen. “Bomen die al vijf tot tien jaar staan in de stad hebben bijna geen last van de droogte. Of het nu extreem droog is of nat, volwassen bomen kunnen al dat soort omstandigheden goed verdragen.” Ook voor het gras in de parken geldt dat het maanden kan duren voordat de wortels worden aangetast. In een droge zomer slaat het wel geel uit, maar met de eerste regenbuien herstelt het zich gewoon weer.

Verkoeling

Dat ligt anders voor jonge bomen en struiken. “De eerste twee of drie jaar moeten we ze er echt doorheen helpen. Daar zagen we in 2018 de grootste uitval, bij jonge bomen. En bij struiken zoals taxussen en heesters. Die zagen we midden in de zomer gewoon wegzakken.”

Groen is nog om een andere reden iets om bij stil te staan in droge zomers. Want juist de verdamping van vocht uit het oppervlaktewater en het groen zorgt op hete dagen nog voor enige verkoeling, zegt Jeroen Kluck, die voor de Hogeschool van Amsterdam onderzoek doet naar de door klimaatverandering oplopende hitte in de stad. “Als het heel droog is, stopt die verdamping vanuit het groen op een gegeven moment.” Dat kan een groot verschil maken. “We gaan ervan uit dat 10 procent meer groen, een halve graad extra verkoeling oplevert.”

Buiten de stad wordt het groen op een andere manier bedreigd door de droogte. In de natuur van het Naardermeer en de plassen op de grens van Noord-Holland en Utrecht dreigt tijdens droge zomers verzilting: zout water probeert de ruimte in te nemen die vrijkomt doordat rivieren en regen minder aanvoeren. Behalve voor de natuur is dat ook schadelijk voor de landbouw en de drinkwaterproductie van Waternet vanuit dit gebied. Op het Amsterdam-Rijn­kanaal bij het Flevopark houdt een gordijn van luchtbelletjes daarom de ‘zouttong’ tegen. Want zo heet het vanaf de Noordzee oprukkende brakke water met een vies woord.

Hittekaart AmsterdamBeeld -

Het zoute water is zwaarder, legt hydroloog Maartje Faasse van Waternet uit. Ze vergelijkt het graag met limonadesiroop. Om zulke dikke siroop goed te mengen, is een krachtige straal kraanwater nodig. Zo gaat het ook in de Hollandse delta, waar in droge periodes het zoute water oprukt. “Er is behoorlijk wat zoet water nodig om tegendruk te geven aan het zout.” In grote delen van het jaar is dat geen enkel probleem, maar in het droge seizoen komt er minder rivierwater uit het Europese achterland.

Het ‘bellenscherm’ in het Amsterdam-Rijnkanaal helpt de stroming van het water daarom een handje. De constructie moeten we ons voorstellen als een tuinslang met gaatjes over de hele breedte van het kanaal. De luchtbelletjes die vrijkomen, zorgen ervoor dat het zout van de kanaal­bodem opwervelt, waarna het wordt meegevoerd met de stroming van het water richting het Noordzeekanaal.

Noodpompen

In de droge seizoenen wordt bij Muiden extra zoet water ingelaten vanuit het IJsselmeer. In 2018 werden daarvoor zelfs noodpompen geplaatst en getest; ze waren nog net niet nodig toen er toch weer regen viel. Sindsdien is het waterpeil van het IJsselmeer in de zomer verhoogd, waardoor hier meer zoet water voorradig is, als buffer voor het droge seizoen. Het Nederlandse uitgangspunt voor de waterhuishouding dat rivierwater zo snel mogelijk moet worden afgevoerd naar zee wordt langzaam maar zeker vervangen door een gevarieerdere aanpak.

In het westen van het land is het goed mogelijk om zoet water vanuit het IJsselmeer door te sluizen naar gebieden die te droog worden – het water stroomt immers als vanzelf naar het laagste punt. Op de hoger gelegen zandgronden in het zuiden en het oosten van het land is zo’n verdeeloperatie al veel ingewikkelder uit te voeren, legt Faasse uit. “Hier liggen we gewoon aan het infuus van de rivier.”

3. DRINKWATER

Rantsoenering van drinkwater is nog nooit nodig geweest in Amsterdam, wat te danken is aan het hoogteverschil met het binnenland. Waterleidingbedrijf Vitens in het oosten kwam dit voorjaar al met een sproeiverbod en riep zijn klanten op hun waterverbruik te matigen. Zelfs in 2018 was er in het westen voldoende voorraad en dus vond Waternet het ook in het heetst van de zomer niet nodig om Amsterdammers te vragen hun tuin niet te sproeien.

Zwembaden

Het grote verschil is dat het drink­water in het oosten van het land niet uit oppervlaktewater maar uit het grondwater wordt gewonnen, legt Waternetdirecteur Roelof Kruize uit. De natuur put uit dat grondwater, maar er worden ook akkers mee besproeid en zwembaden gevuld. “Vitens zag dat de watervraag 60 procent hoger werd dan gemiddeld. In de stad wordt ’s zomers eigenlijk maar weinig extra water verbruikt.”

In droge periodes is Waternet vooral druk met de waterkwaliteit, omdat verontreinigingen in hogere concentratie voorkomen, zegt droogtecoördinator Eva de Bruin. “We hebben gewoon voldoende water.”

Wel onderzoekt Waternet de mogelijkheden om naast de Waterleidingduinen en de Bethunepolder bij Maarssen een derde bron aan te boren voor drinkwater. Met zuiverende membranen die ook in het Midden-Oosten worden gebruikt, wil Waternet drinkwater maken uit brak kwelwater dat opwelt in de polders. De eerste installatie staat bij de Horstermeerpolder langs de Vecht. Daarmee is het drinkwateraanbod meteen beter berekend op de groei van de stad, legt Kruize uit. “En we hebben minder IJsselmeerwater nodig.”

4. DIJKEN

Droogte of niet, over de dijken maakt Waternetdirecteur Roelof Kruize zich geen zorgen. In de droge zomer van 2003 zag waterschap Amstel, Gooi en Vecht – dat met de gemeente Amsterdam samenwerkt in Waternet – nog een veendijk wegschuiven bij Wilnis. Er moesten toen 1500 bewoners worden geëvacueerd. “We hebben sindsdien veel maatregelen genomen. Een tweede Wilnis zie ik niet gebeuren. We gaan bij dit soort dijken meteen kijken bij scheuren en we inspecteren extra als het neerslagtekort boven de 200 millimeter komt.”

Waternet experimenteert sinds vorig jaar ook met drones die dit soort inspecties kunnen overnemen, om te beginnen bij vier dijken in de regio. Het veen is hier dan wel ingepakt door een laag klei of zand, de dijken blijven gevoelig voor droogte. De drone komt er meerdere keren per jaar. Op beelden vanuit de lucht kan de computer patronen herkennen die erop duiden dat de dijk onder de droogte te lijden heeft.

Groen is gezond

Een warmtecamera kan bijvoorbeeld scheuren opmerken. “In de vroege ochtend komt warmte vanuit de ondergrond omhoog, dus dan wordt het in scheuren warmer dan in de rest van de dijk,” zegt Lennaert Zonneveld. “In de middag is het in een scheur juist koeler.” Ook door op dronebeelden de kleuren te analyseren kunnen de inspecteurs een inschatting maken van de droogte. “Hoe groener het beeld, des te gezonder is de vegetatie.”

5. DE STAD ALS SPONS

De Hogeschool van Amsterdam broedt op oplossingen voor de toekomst en onderzoekt de ‘waterbergende weg’. Dat is te zien als een straat met ondergronds een ingebouwd slootje. Daardoor stroomt het regenwater zelfs bij stortbuien snel weg, maar een deel wordt langer vastgehouden en juist heel geleidelijk afgevoerd. “In Amsterdam en heel Nederland zijn we van oudsher heel erg gericht op het afvoeren van water, maar we moeten het vasthouden en vertraagd afvoeren,” zegt HvA-onderzoeker Tedje Veldkamp.

De komende jaren doet Veldkamp onderzoek naar de mogelijkheden van zo’n waterreservoir onder straten. De ruimte die dit ondergronds inneemt, is nog iets om bij stil te staan, want vanwege de overgang op duurzame energie moet op dezelfde locatie ook nog plek gevonden worden voor extra kabels en leidingen. En kunnen zulke waterbergende wegen wel het gebruikelijke zware verkeer verwerken, of heeft de sta­biliteit van het wegdek eronder te ­lijden?

Lens flare sunlight and clear blue sky DroogteBeeld Getty Images

Hoe dan ook moet de stad meer een spons worden die zich volzuigt als het regent en water vasthoudt tijdens droge periodes. Vandaar ook de oproepen om tegels weg te halen uit de achtertuin. Dan gutst het water niet meteen naar het riool na een stevige bui. En vandaar ook de subsidies voor groene daken. Langs de Wibaut­straat is eerder deze zomer zelfs een ‘blauw-groen’ dak geopend. Er staan planten en dit dak van de HvA biedt ruimte aan duizenden liters regenwater.

Dreigende stortbui

Het onder de daktuin verstopte reservoir vult zich na een regenbui. In droge periodes kunnen de planten zelf water uit het reservoir halen,zegt Cees-Anton van den Dool van MetroPolder Company, het bedrijf dat het dak heeft aangelegd. Op groene daken staan vaak sedumplanten die nauwelijks vocht nodig hebben, maar hier houden heel gewone planten het minstens drie weken vol. Bijkomend voordeel is dat het dak kan anticiperen op een dreigende stortbui. Door daags voordat het buiig wordt het reservoir te legen in het riool, heeft het dak des te meer ruimte voor het regenwater. Daarmee wordt tijdens de bui het riool ontlast.

Zonnepanelen

Dit gaat over buien die heel plaatselijk zijn en zich zelden voordoen. Als het alleen gaat on het voorkomen van wateroverlast is het een dure grap om dit soort daken aan te leggen. De combinatie met een daktuin levert meer voordelen op. Zo doen de zonnepanelen op het dak het beter als ze door de planten niet zo warm worden. Door verdamping vanuit het groen heeft de HvA een behaaglijke buitenruimte en door de isolerende werking van de tuin en het water­reservoir hoeft de airconditioning in het pand minder hard te werken.

Wethouder Laurens Ivens opende het dak en onderstreepte de noodzaak om niet alleen klimaatverandering te voorkomen, maar de stad ook klaar te maken voor zomers die warmer en droger uitvallen. En dat kan dus door water langer vast te houden in de stad. “We behandelen water als afval,” zegt Van den Dool. “Maar water is een grondstof, geen afval.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden