PlusInterview

De mythe van een stad waar alles kon: Amsterdam in de jaren zestig

De Maagdenhuisbezetting, de rookbom bij het huwelijk van Beatrix en Claus en de Telegraafrellen. Amsterdam was in de jaren zestig voor even het magische en revolutionaire centrum. In zijn boek Alles! En wel nu! ontkracht historicus Piet de Rooy de mythes.

19 maart 1966: een politieman wordt achtervolgd over een Amsterdamse gracht nadat hij heeft geprobeerd zijn pet terug te krijgen die door de menigte provo’s is afgepakt.Beeld Spaarnestad /Hollandse Hoogte

Studerende in Utrecht groeide bij Piet de Rooy het verlangen ‘het leven wat spannender en de studie wat indringender te maken’, dus verhuisde hij in 1966 naar Amsterdam. In ‘de hoofdstad van de culturele revolutie’ aanschouwde hij op het Spui de happenings van antirookmagiër Robert Jasper Grootveld. En hij werd in het Concert­gebouw overrompeld door Frank Zappa en The Mothers of Invention. Terwijl De Rooy de politiearchieven doorspitte over het Palingoproer van 1886 kwamen buiten op straat jongeren in opstand, bestormden bouwvakkers het Telegraafgebouw en bezetten medestudenten het Maagdenhuis. Op een algemene vergadering in het Historisch Seminarium op de Herengracht vernamen staf en studenten via een krakend ­radiootje de in het bezette Maagdenhuis opgestelde eisen, live overgebracht via Radio De Vrije Maagd.

Het is een van de smakelijke anekdotes in zijn boek Alles! En wel nu! Een geschiedenis van de jaren zestig. Het is een nieuwe lezing van een woelig tijdperk. De Rooy, waarschuwend: “Maar mijn boek drijft in hoofdzaak niet op ­herinneringen, laat staan nostalgie.”

Was u zich er destijds als student van bewust dat u onderdeel was van de geschiedenis die geschreven werd?

“Dat soort bewustzijn had ik op die leeftijd nog niet. Ik had wel het idee dat het spannende ­tijden waren, dat er iets nieuws aan het gebeuren was. Niet dat ik daar actief onderdeel van uitmaakte.”

In uw boek stelt u dat ons collectieve beeld van de jaren zestig is gekleurd door een gelegenheidscoalitie van rebelse jongeren en zelfbewuste journalisten.

“Provo wist met groot succes de media te bespelen. De aandacht die de rebellen kregen, stijfde hen in hun zelfoverschatting. Omgekeerd kwam alle opschudding als geroepen voor aanstormende journalisten, op zoek naar meer autonomie en een eigen geluid. De jongens van provo konden nog geen steen optillen of het stond in de krant. Het beeld van Amsterdam als magisch centrum dat zich in ons collectief bewustzijn heeft genesteld, is in het decennium zelf ontworpen.”

Maar er zijn toch echte, fundamentele veranderingen doorgevoerd?

“De aandacht ging vooral uit naar de acties van de rebelse jeugd. Waardoor achteraf het zicht werd belemmerd op grotere en belangrijkere maatschappelijke ontwikkelingen, die ook ­langer doorwerkten. Zoals de polarisatie van de politiek, de ontkerkelijking en de explosie van erotiek.”

U serveert ook het idee af van ‘the sixties’ als een hermetisch afgesloten decennium.

“De tijdgeest houdt zich niet aan een overzichtelijke chronologie. De ‘jaren zestig’ begonnen niet precies op 1 januari 1960 en eindigden evenmin stipt in 1970. Ik ben niet de eerste die dat beweert. De Engelse historicus Arthur Marwick koos in zijn standaardwerk The Sixties voor de periode 1958-1974 als één geheel. Het waren wel de jaren van enorme tempoversnellingen, van veranderingen die al veel eerder waren ingezet. Het eerste proefschrift over ontkerkelijking dateert van voor de oorlog.”

Maar de komst van de pil zorgde toch voor een seksuele revolutie?

“Centrale kreet in de jaren zestig was dat ‘paring en baring’ werden losgekoppeld. Of zoals Joke Smit zei: ‘De mensen worden gescheiden van de konijnen.’ Maar het geboortecijfer daalde al rond 1880 met een klap toen mensen op grote schaal geboortebeperking ­gingen toepassen. De pil heeft waarschijnlijk wel seks op jongere leeftijd gestimuleerd.”

Waren die snel doorgevoerde vernieuwingen deels te danken aan de tolerante houding van de elite?

“De tolerante houding van de Nederlandse elite was niet uniek. Arthur Marwick heeft in zijn boek al aangetoond dat in tal van landen de houding van het establishment redelijk afgewogen was. Zelfs als we aannemen dat de Nederlandse elite redelijk reageerde, blijft hun rol onduidelijk. Hadden ze de hand in de opborrelende opstandigheid, of kwamen ze de opstandelingen tegemoet om erger te voor­komen?”

En dus moesten de rebellen naarstig op zoek naar echte tegenstanders?

“Prosper Ego, voorzitter van het Oud-Strijders Legioen, en de Gorkumse burgemeester L.R.J. van Rappard werden gekoesterd. Zij waren opposanten die in de media fel ageerden tegen de ‘infantiele pummels’ op het Spui. Provo ­vereerde Van Rappard in 1965 met een bezoek, bekladde zijn stadhuis en riep hem uit tot ‘superprovo’.”

Wat heeft de erfenis van de jaren zestig ons opgeleverd?

“Pim Fortuyn gaf in zijn Autobiografie van een babyboomer al een interessante interpretatie van de jaren zestig. Het ging volgens hem mis toen de opstandige jongens en meisjes, na het openbreken van het patriarchale gezag, zich als de nieuwe regenten gingen gedragen. Ik denk daar iets anders over. We hadden in de jaren zestig de hoop dat de samenleving maakbaar was, aangenamer zou worden. De flexibiliteit en communicatieve vaardigheden die werden bevorderd, bleken vooral van belang voor de economie. Het klassieke proletariaat is omgezet in een leger van flexwerkers met onzekere arbeidscontracten. Burgers zijn bovenal consumenten geworden. Dat het bedrijfsleven de ­grote winnaar is van de destijds ingezette revolte, is in zekere zin best tragisch.”

Piet de Rooy, Alles! En wel nu! Een geschiedenis van de jaren zestig, Wereldbibliotheek, 224 blz, €20,00

Piet de Rooy

Als historicus is Piet de Rooy (1944) gespecialiseerd in de eigentijdse geschiedenis van Nederland. De onderwerpen waarover hij heeft gepubliceerd, zijn divers. Onder zijn redactie verscheen ook een studie over de geschiedenis van de Amsterdamse politie. Bij zijn afscheidsrede in 2009 als hoogleraar Nederlandse geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam vroeg hij zich af of Nederlanders door de eeuwen wel zo tolerant zijn geweest als wordt aan­genomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden