Achtergrond

De kermis is nu immaterieel erfgoed: ‘Het wordt vanwege de regelgeving steeds moeilijker om in de stad te werken’

Zwieren en zwaaien: de kermis maakt nu officieel deel uit van het immaterieel erfgoed. De status moet ook helpen de kermis te beschermen tegen de toenemende regeldrift.

Patrick Meershoek
Kermis op de Dam. De kermis is van oudsher een typisch katholiek fenomeen.
 Beeld Michiel Wijnbergh
Kermis op de Dam. De kermis is van oudsher een typisch katholiek fenomeen.Beeld Michiel Wijnbergh

De botsautootjes, de suikerspin en de Tropical Trip met bijbehorende duizeligheid: het maakt allemaal officieel deel uit van de vaderlandse cultuur sinds de kermis eerder deze maand werd bijgeschreven in de inventaris van het immaterieel erfgoed. Dat gebeurde trouwens samen met de balsport beugelen, het repareren van overnaads gebouwde houten vletten en het ‘aaisykjen’, het zoeken van het eerste kievitsei. Daarover misschien een andere keer meer.

De vrolijke kermis wordt in de inventaris tamelijk plechtig omschreven als ‘reizend vermaak in de openbare ruimte van dorpen en steden dat veelal volgens een traditionele jaarkalender verloopt.’ Het kenniscentrum dat het predikaat immaterieel erfgoed verleent, stelt verder vast dat de kermiscultuur in stand wordt gehouden door drie groepen: de organisatoren van de kermis, het publiek en de kermisfamilies waar het vak van generatie op generatie wordt doorgegeven.

De nieuwe status moet helpen om de kermis in stand te houden, vertelt Karel Loeff. Hij verzorgde de aanvraag voor de status, samen met onder meer Nicole Vermolen, oud-voorzitter van de Bond van Nederlandse Kermisexploitanten Bovak en de katholieke kermisaalmoezenier Bernhard van Welzenes, die het kermisvolk geestelijk begeleidt. Loeff is directeur van de erfgoedvereniging Heemschut, maar ook een kermisfanaat die gelukzalig verhaalt over een recent ritje in zijn favoriete attractie, de Breakdance, op de kermis van Düsseldorf.

Nostalgie

“De kermis is een uniek fenomeen,” zegt Loeff. “Een verplicht onderdeel bij de aanvraag voor immaterieel erfgoed is een plan om dat erfgoed veilig te stellen voor de toekomst. Wij hebben een reeks voorstellen ingeleverd, waaronder een module kermisgeschiedenis voor kermiskinderen op hun rijdende school en een digitale folder voor gemeenten en organisatoren. Ook gaan we sociale media inzetten om de kermis als erfgoed onder de aandacht te brengen bij een breed publiek.”

De kermis moet zelf natuurlijk een handje helpen om de status van immaterieel erfgoed hoog te houden. Daarbij helpen de ontwikkelingen in de branche, vertelt Loeff. “We zien momenteel twee trends. Aan de ene kant worden de attracties steeds hoger, sneller en duurder. Aan de andere kant komt er steeds meer aandacht voor nostalgie in de vorm van klassieke attracties als de rupsbaan en de draaimolen. Er zijn zelfs kermissen, bijvoorbeeld in Rozendaal en Oisterwijk, die alleen maar nostalgische attracties aanbieden.”

Want wat lang niet alle bezoekers van de kermis beseffen, is dat zij niet alleen in het reuzenrad stappen, maar ook in een traditie die teruggaat tot de middeleeuwen. Loeff: “Het woord kermis is afgeleid van kerkmis. De inwijding van een nieuwe kerk ging vaak samen met een jaarmarkt met allerlei vormen van vertier. De kermisreizigers trokken van plaats naar plaats. Dat begon elk jaar met de voorjaarsmarkten en eindigde met de veemarkten in het najaar.”

Katholiek fenomeen

In de loop van de eeuwen ontwikkelde de kermis zich tot een bonte verzamelplaats van kunstenaars, handelaars, artsen, kwakzalvers en uitvinders. Uit de laatste categorie kwam waterbouwkundige Jan Adriaansz Leeghwater, die in 1606 de Amsterdamse kermis uitkoos om zijn nieuwste vinding te demonstreren, een voorloper van de duikerklok. Leeghwater nam een omgekeerde houten tobbe en verdween ermee onder water in de Boerenwetering. Het was een waar mirakel voor die tijd. Hij bleef maar liefst drie kwartier onder water in de zuurstofbubbel van zijn houten tobbe terwijl hij psalmen speelde op zijn schalmei en een peertje at.

De kermis is van oudsher een typisch katholiek fenomeen. In calvinistische streken werd doorgaans met zorg gekeken naar de uiteenlopende uitspattingen die bij het volksfeest leken te horen. In Amsterdam leidde dat in 1875 zelfs tot een verbod op de kermis vanwege het drankmisbruik en de vele vechtpartijen. Het duurde tot de viering van het veertigjarig jubileum van koningin Wilhelmina in 1938 dat de kermisklanten weer welkom waren in de hoofdstad.

Elektrische vrachtwagens

De spanning tussen stadsbestuur en kermisexploitanten is ook een traditie, vertelt Frans Stuy, die al meer dan dertig jaar de kermissen in Westerpark en Osdorp organiseert. “Het wordt vanwege de regelgeving steeds moeilijker om in de stad te werken. We komen met vrachtwagens. Ik heb een paar elektrische vrachtwagens, maar niet iedereen kan die investering doen. Vanwege de hittestress worden nu op pleinen bomen geplant. Dat gaat ten koste van de ruimte voor de kermis.”

En ook de Amsterdammers kijken tegenwoordig anders naar de kermis. “Er wordt geen enkele overlast meer geaccepteerd,” vindt Stuy. “Ik heb de tijd nog meegemaakt dat mijn vader op de Palmgracht stond. Als er water nodig was, mocht hij een waterslang aansluiten op een kraan bij die oude Jordanezen thuis. Ik kreeg als klein mannetje een slaapplek aangeboden. De mensen waren veel liever. Nu wordt er bij het minste of geringste een melding gedaan bij de gemeente.”

Stuy hoopt dat de nieuwe status van immaterieel erfgoed Amsterdam en de Amsterdammers aan het denken zet. “Ik ben er ontzettend blij mee. De branche heeft een paar moeilijke jaren achter de rug met corona. Tien procent van de exploitanten is gestopt. Er wordt nu gelukkig weer een goede boterham verdiend en dit is de kers op de taart. De kermis wordt vaak gezien als een evenement. Nu kan ik tegen ambtenaren zeggen: ho ho, we zijn geen evenement, we zijn immaterieel erfgoed.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden