De eikenprocessierups is er alweer: ‘Noord nu ook aan de beurt’

Een van ’s lands grootste zomerse plaaggeesten is weer actief: de eerste eikenprocessierupsen zijn deze week al uit hun eitjes gekropen. De gemeente heeft een strijdplan klaar om overlast van de jeukende rupshaartjes te bestrijden.

null Beeld ANP
Beeld ANP

De rupsen zijn op 1 april uit hun ei gekropen, ruim een week eerder dan verwacht. Alleen in 2014 kropen er nog eerder rupsen op de eikenbomen, meldt het Kenniscentrum Eikenprocessierups. Vermoedelijk heeft het mooie weer van de afgelopen dagen een rol gespeeld.

De uitgekomen eitjes geven nu nog geen reden tot paniek: de eerste overlast wordt pas begin mei verwacht, zegt Jaike Bijleveld, die namens de gemeente de regie voert in de strijd tegen de rups. “Nu al uitkomen is wel heel vroeg. We gaan pas inspecteren bij de derde of vierde vervelling.”

De eikenprocessierups – de naam zegt het al – komt alleen voor in eikenbomen. Ze verplaatsen zich vaak in groepen en komen samen in grote witte ballen op de stam of de takken. Na een paar keer vervellen ontwikkelt de rups zo'n 700.000 microscopische haartjes, die via de lucht terecht kunnen komen op mens en dier. Dat veroorzaakt een geïrriteerde en rode huid, een jeukende pijn of branderig gevoel. Ook ooginfecties en luchtwegklachten komen voor, zoals een loopneus, hoesten en kortademigheid. Sommige mensen reageren nog heftiger: zij moeten braken, worden duizelig, krijgen koorts en voelen zich ellendig.

Noord en West

De rups kan zich in elke eikenboom nestelen. In Amsterdam was de overlast vorig jaar het grootst in het Amsterdamse Bos, in Zuidoost en in Zuid. “Dit jaar krijgen ook de stadsdelen Noord, West en Nieuw-West te kampen met meer overlast,” verwacht Bijleveld. “De eikenprocessierups is een klimaatvolger die houdt van warm weer. In het zuiden van het land zien we dat de hoeveelheid rupsen stabiliseert, in het noorden moet dat nog gebeuren. In Amsterdam zien we dezelfde trend als landelijk: van zuid naar noord.”

Hoewel de rups nu nog ongevaarlijk is, heeft de gemeente haar strijdplan al klaar liggen. Wel hebben de rupsen het de komende tijd nog moeilijk, niet vanwege de verwachte kou, maar het weinige eten: de eikenbomen hebben nog geen blad. De kale takken maken de beesten ook kwetsbaar voor hun vijanden, zoals vogels, mieren en spinnen.

Op plekken waar veel overlast is, spuit de gemeente parasitaire aaltjes preventief in de eiken. Die dringen de rupsenlijfjes binnen en doden de rups van binnenuit. Als de rupsen beginnen te verharen en overlast geven, komt de ‘stofzuiger’ in actie. Die speciale machine op een hoogwerker zuigt de nesten naar binnen.

Verder wil de gemeente de natuurlijke bestrijding verder uitbreiden. Zo worden natuurlijke vijanden van de rups gelokt op plekken waar overlast wordt verwacht, bijvoorbeeld met een nestkastje voor de vogels en bloemrijk gras voor de sluipwesp.

De gemeente gaat dit jaar een real-time kaart bijhouden waar Amsterdammers straks melding kunnen maken van de rups. Handig voor de park- en bosbezoeker, die zo een veilige plek in het gras kan opzoeken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden