PlusAchtergrond

De eerste Pride in 1996: bloot mocht, maar geen seks

De eerste Amsterdam Pride in 1996. Beeld Robert Rizzo/Spaarnestad/HH
De eerste Amsterdam Pride in 1996.Beeld Robert Rizzo/Spaarnestad/HH

De autoriteiten keken in 1996 met enige zorg uit naar de eerste Canal Parade. De politie liet vooraf weten: niet te veel bloot en geen seksuele activiteit.

Geen ontblote geslachtsdelen, geen seks met mensen of dieren, geen masturbatie en geen seksuele handelingen waarbij kinderen betrokken zijn: in de aanloop naar de eerste Amsterdam Pride in augustus 1996 maakte de Amsterdamse politie duidelijk waar de grenzen lagen voor de deelnemers aan de feestelijke parade door de grachten. In een vertrouwelijke notitie van vijf kantjes voor de organisatie gaf commissaris Dries Zee, in die jaren ook de Amsterdamse Sinterklaas, tot in detail aan op welk moment door de sterke arm zou worden ingegrepen.

Uit de notitie: “Op 2, 3 en 4 augustus 1996 is in ieder geval in het openbaar niet toegestaan: zichzelf of een ander bevredigen, al dan niet met hulpmiddelen, dan wel andere seksuele gedragingen verrichten die bij het publiek tot aanmerkelijke onrust kunnen leiden.” In het tweede deel van het stuk werd uitgebreid geciteerd uit de artikelen uit het wetboek van strafrecht die van toepassing zijn op de verstoring van de openbare orde en de eerbaarheid, waarbij niet werd vergeten ook te wijzen op de bijbehorende celstraffen en geldboetes.

Ergernis

De organisatoren van de Pride namen met stijgende verbazing kennis van de bepalingen in de notitie, maar er zat weinig anders op dan de deelnemers aan de parade om hun medewerking te vragen. “Ik heb de voorwaarden van de politie keurig overgenomen in een zedelijkheidsverklaring en alle deelnemers gevraagd die te ondertekenen,” vertelt Siep de Haan van het organiserende Gay Business Amsterdam. “Het wekte hier en daar wel wat ergernis, maar uiteindelijk heeft niemand zich teruggetrokken. Ook de vertegenwoordigers van de leerscene niet.”

De bezorgdheid van de politie kwam niet uit de lucht vallen. Twee jaar eerder waren tijdens de afsluitende parade van Europride enkele praalwagens uit de stoet gehaald. Niet helemaal zonder reden, vond De Haan die als toeschouwer langs de kant stond. “Ik zag dingen die ik nog nooit eerder had gezien. Vrouwen die met dildo’s in de weer waren en dat soort zaken. En allemaal zonder balkje. Dat gebeurde natuurlijk ook wel op feesten en in de clubs, maar dit was midden op de Dam, op klaarlichte dag, met kinderen in het publiek.”

Wasteland

De expliciete seks van Europride was ook in het verkeerde keelgat geschoten bij het stadsbestuur, dat onder aanvoering van de net aangetreden burgemeester Schelto Patijn een beschavingsoffensief had ingezet. Dat richtte zich onder meer op de verkoop van pornografische ansichtkaarten in de souvenirwinkels, maar ook op de prostitutie op straat. Wethouder Guusje ter Horst en stadsdeelvoorzitter Els Iping gingen intussen met een kapmes door de jungle van de binnenstad om de openbare ruimte weer een ordentelijk aanzien te geven.

Het imago van Amsterdam was op dat moment dat van een stad waar alles kon. Internationaal opzien baarden de losbandige Wastelandfeesten die vanaf 1994 in de Reguliersdwarsstraat werden gegeven. De fetisjfeesten in club Richter en café Blitz trokken een bont publiek van schaars geklede homo’s en hetero’s met een onstuimig libido, en in hun kielzog journalisten uit binnen- en buitenland die verslag wilden doen van de nieuwste opwindende ontwikkelingen in het Amsterdamse uitgaansleven.

De eerste Amsterdam Pride 1996. Beeld Robert Rizzo/Spaarnestad/HH
De eerste Amsterdam Pride 1996.Beeld Robert Rizzo/Spaarnestad/HH

Het bijzondere van de Wastelandfeesten was dat zij zich in alle openheid afspeelden, vertelt René Meeuwessen, in de jaren negentig bedrijfsleider van Richter. “Ik kende de fetisjfeesten uit Londen. Daar had je Rubberball. En de muziek was doorgaans niet onze smaak. Wij draaiden house.” De openbaarheid van de feesten werd versterkt door een luchtbrug van hout en ijzer tussen de twee cafés, waarop ook van alles gebeurde. Na vier edities mocht de brug op last van de politie niet meer worden gebruikt.

Meeuwessen blikt terug op de jaren negentig als het staartje van de jaren van grote vrijheid en creativiteit in de stad. “Het uitgangspunt was: laten we kijken wat mogelijk is. De mensen waren minder moralistisch en niet zo snel gechoqueerd. Het kwam allemaal recht uit het hart.” Er worden dertig jaar later nog steeds Wastelandfeesten georganiseerd, bij voorbeeld in Berlijn. “Daar hangt nog echt de sfeer die wij hier in de jaren negentig hadden. Het gevoel van veel vrijheid en weinig regels. Daar mag het er nog wild aan toegaan.”

In 1996 was Meeuwessen betrokken bij de Canal Parade, als mede-eigenaar van de Trash-feesten die door Dylan Dubois werd georganiseerd. Ook voor deze boot moest de zedelijkheidsverklaring worden ondertekend. “Ik vond sommige elementen ronduit beledigend. Geen seks in de nabijheid van kinderen. Wie verzint zoiets?” In de ogen van Meeuwessen vormde de oprukkende regelgeving in het algemeen het startsein voor de vertrutting in de stad. “Het imago moest worden opgepoetst. Dat is ten koste gegaan van de vrijheid en de creativiteit.”

Verpreutsen

Ook Siep de Haan ziet de verandering. “Het heeft ook te maken met de verscherpte tegenstellingen in de samenleving. Toen was het: leve de vrijheid. Nu is het: wie kunnen we afbranden? En we zijn ook aan het verpreutsen met z’n allen. Zelfs iets onschuldigs als het naaktstrand staat tegenwoordig ter discussie.” Ook de regeldruk is enorm toegenomen, zegt De Haan. “Wij organiseerden de Amsterdam Pride op basis van één A4'tje. Ik geloof dat onze opvolgers tegenwoordig iets van 250 vergunningen nodig hebben.”

De strenge eisen van de politie leidden trouwens niet tot grote problemen tijdens die eerste Amsterdam Pride. De Haan herinnert zich dat hij gedurende de parade een paar keer werd aangeklampt door de politie met de boodschap dat er ondanks de afspraken toch een blote piemel te zien was. “Daar tilden we niet al te zwaar aan. Het was ondoenlijk om een optocht van zes kilometer in de gaten te houden. Of het bleek een deelnemer te zijn met een sok om zijn piemel. Dat schaarden wij onder bloot met een knipoog. Dat moest kunnen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden