Nieuws

Dak- en thuisloze in Amsterdam steeds vaker zonder hap eten en een warme douche weer de kou in

De inloophuizen voor dak- en thuislozen in Amsterdam zitten propvol, waardoor hulpverleners mensen terug de straat op moeten sturen. En dat terwijl de problemen van daklozen juist zijn toegenomen. De Regenboog Groep wil drie nieuwe inloophuizen: in Noord, Nieuw-West en Zuidoost.

Hanneloes Pen
Bij inloophuis Amoc aan de Stadhouderskade worden mensen met psychische en psychiatrische problemen opgevangen. Er is ook een beperkte nachtopvang. Beeld Dingena Mol
Bij inloophuis Amoc aan de Stadhouderskade worden mensen met psychische en psychiatrische problemen opgevangen. Er is ook een beperkte nachtopvang.Beeld Dingena Mol

Zo’n 450 dak- en thuislozen vinden op een koude dag als vandaag een warm plekje in een van de acht inloophuizen in de stad. Maar ook wordt tientallen mensen per dag een plek geweigerd, omdat de inloophuizen, die overdag open zijn, al snel volstromen. De Regenboog Groep ziet de rijen voor de deur zienderogen toenemen en spreekt van een ‘schrijnende situatie’.

“De mensen staan ’s morgens vroeg doodmoe, koud en hongerig bij ons op de stoep om hier even bij te komen. Die wil je niet de straat op sturen. Toch moeten we dat doen als een inloophuis vol is. Maar dat druist tegen het gevoel van onze hulpverleners in,” zegt Janneke van Loo, manager van de inloophuizen van de Regenboog Groep.

Stadsdelen zonder inloophuis

De Regenboog Groep heeft momenteel acht inloophuizen, verspreid door de stad, waar jaarlijks vijfduizend dak- en thuislozen overdag aankloppen voor een hap eten, een warme douche en nieuwe kleding. Zij kunnen niet meer de hele dag binnen opgevangen worden. Van Loo: “We vragen mensen halverwege de dag plaats te maken voor mensen die buiten staan. Dat maakt de sfeer er binnen niet beter op, maar de meesten snappen het wel.”

De organisatie pleit voor drie nieuwe inloophuizen, in de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost, waar nu nog geen inloophuizen zijn gevestigd. “Het zijn grote stedelijke gebieden met diverse problemen. We schatten dat elk stadsdeel zo’n 650 daklozen telt. Tachtig procent van hen slaapt op straat, in een kelderbox, bootje of auto of bij een kennis op de bank. Wij willen dichter naar hen toe. Een groot deel van hen komt namelijk niet naar een inloophuis elders in de stad toe. Zij voelen zich thuis in hun stadsdeel.”

De organisatie is inmiddels in gesprek met stadsdeel Zuidoost. Het mes snijdt volgens Van Loo aan twee kanten. “De daklozen verblijven nu vaak in de H-buurt en bij winkelcentra. Daar vinden vaak opstootjes plaats. Met een inloophuis verminder je de overlast.”

Psychische problemen

In de overvolle inloophuizen komen de hulpverleners nu onvoldoende toe aan het bieden van hulp, het geven van aandacht of het voeren van een goed gesprek, zegt Van Loo. En juist dat is nodig. De Regenboog Groep ziet namelijk dat de laatste vijf jaar de problemen onder de groep dak- en thuislozen zijn toegenomen. Vooral mensen uit Polen, Bulgarije, Roemenië en de Balkanlanden kampen met psychische en psychiatrische problemen.

Bij inloophuis Amoc aan de Stadhouderskade, waar deze groep met specialistische hulp wordt opgevangen, staan elke ochtend mensen tevergeefs te wachten. “Velen zijn behoorlijk de weg kwijt, gebruiken alcohol en zijn er fysiek slecht aan toe: kapotte voeten en slecht verzorgde lijven. Ze zijn niet meer in staat te werken. Anderen zien we gewoon tegen een muur staan praten. De toegang tot medische zorg is voor deze dikwijls onverzekerde groep daklozen beperkt,” aldus Van Loo.

Seizoensarbeid

Vijf jaar geleden kwam een derde van de Amsterdamse dak- en thuislozen uit de EU, thans is dat de helft. “Ze zijn uit hun eigen land vertrokken en naar Nederland gekomen om het hier te maken. Ze komen met het plan om hier te werken en een bestaan op te bouwen. Een deel redde het in eigen land al niet en hier ook niet.”

Dat de inloophuizen overvol raken, wordt daarnaast veroorzaakt door de huisvestingsproblemen in de stad, aldus Van Loo. “Daklozen uit de voormalige Oostbloklanden worden vaak ingezet voor seizoensarbeid. Ze werken bijvoorbeeld in de kassen. Hun werkgever biedt hen dan tijdelijk onderdak aan. Maar als het werk gedaan is, staan ze op straat. Andere daklozen gaan via projecten van De Regenboog Groep aan de slag bij supermarkten als Jumbo en Albert Heijn of bij café Luxembourg. Maar werk volhouden is voor hen soms ook een probleem. Als ze geen geld verdienen, kunnen ze de dikwijls dure woningen in de stad niet betalen.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden