Tess van Zalinge: 'Ik ben met enkele mede­werkers teruggegaan en heb 200 kilo aan prachtige stoffen van de brandstapel gered.'

PlusAchtergrond

Couturier Tess van Zalinge gebruikte voor haar show designerstoffen die anders vernietigd zouden worden: ‘Fantástisch, weer een pareltje van Celine’

Tess van Zalinge: 'Ik ben met enkele mede­werkers teruggegaan en heb 200 kilo aan prachtige stoffen van de brandstapel gered.'Beeld Annie van Noortwijk

Tess van Zalinge blinkt uit in haar liefde voor Hollandse streekdrachten en het ambachtelijke. Onlangs gaf ze een coutureshow in het Amsterdam Museum aan de Amstel, vanaf dinsdag zijn haar ontwerpen te zien op de Salone del Mobile in Milaan.

Fiona Hering

Het was haar eerste show sinds 2,5 jaar en Tess van Zalinge was bloedzenuwachtig. Alsof ze weer in de coulissen stond tijdens Amsterdam Fashionweek, waar ze zes jaar geleden haar eerste collectie toonde.

Magische locatie, dat Amsterdam Museum aan de Amstel, magische collectie ook, die eveneens bijzonder was begonnen. Anderhalf jaar geleden won Van Zalinge (33) namelijk in Kiev een design award voor aanstormend talent, waarna ze een zomerstudie naar keuze mocht volgen. Dat werd een graphic designcursus in Florence. Prato, zo’n 20 kilometer verderop, is een stoffenwalhalla. Met hulp van de Nederlandse ambassade vond ze er een fabrikant die duurzame stoffen weeft voor onder meer Chanel, Armani en Saint Laurent.

“Het overschot mag de fabrikant soms aan ­studenten doneren, maar vaak wordt het vernietigd,” vertelt Van Zalinge in haar atelier in een voormalig schoolgebouw aan de Maurits­kade. “In oktober ben ik met enkele mede­werkers teruggegaan en heb ik 200 kilo aan prachtige stoffen van de brandstapel gered, waaronder prachtige Chanel bouclés. Dagenlang hebben we op een hete zolder gebuffeld. Fantástisch, dan trok iemand weer een Celine pareltje onder een stapel vandaan. Normaal werk ik vanuit emotie of vanuit technieken die ik interessant vind. Dan ga ik research doen, daarna schetsen maken en er dan stoffen bij zoeken. Nu begon de collectie bij de stoffen, een heel tof proces.”

Haar couturecollectie, natuurlijk genaamd, is dus geheel gemaakt van deze chique stoffen. Nog een extra reden om er niets van verloren te laten gaan. In een volumineuze rok werd het Nederlandse landschap nagebootst in patchwork, weer gemaakt van restmateriaal van het rest­materiaal uit Prato. Het snijafval werd versnipperd en samen met circulair bioplastic in ornamentenmallen gegoten om er 3D-accessoires en broches van te maken. “We zijn de techniek nu verder aan het ontwikkelen met 3D-bloemen die we op stoffen kunnen appliqueren.”

Workaholic

Haar collecties zijn ambachtelijk en arbeids­intensief, daartoe werkt ze samen met studenten van de Meesteropleiding Coupeur. Eén ­ontwerp is momenteel te zien in het Centraal Museum in Utrecht op de tentoonstelling Utrecht lokaal: van pasvorm tot polygon, gecureerd door digitaal modecollectief Studio PMS.

“Zij ontwikkelden een digitale look als aan­vulling op mijn collectie, die heb ík weer in het echt gemaakt, met geborduurde 3D-bloemen. Zo hebben zij mij weer nieuwe dingen leren omarmen. Mensen vinden mijn ontwerpen vaak romantisch, zelf zie ik dat niet echt. Neem het off-shoulder korset, ik vind dat een futuristische vorm van een historisch korset: een zachte bodywarmerversie in Chanel bouclé.’

Ze woonde vijf jaar in het Ramses Shaffy Huis voor kunstenaars. “Na die periode moet je plaatsmaken voor de jonge generatie.” Inmiddels woont ze met haar vriend en met mopshondje Teun (5) in Oost aan het water. “Ik heb Teun ook genomen om mezelf in bescherming te nemen, ik ben een workaholic. Hij zorgt ervoor dat ik af en toe een rondje Oosterpark doe, anders verlies ik mezelf volledig in mijn werk en vergeet ik zelfs te eten.’

Samenwerkingen

Dinsdag is de opening van de Salone del Mobile in Milaan, waarvoor ze werd uitgenodigd voor een opstelling bij Nicole Uniquole. Daarna moet haar webshop eindelijk live gaan. Unieke stuks en replica’s (het korset is er bijvoorbeeld in de maten 36, 38 en 40, maar elke maat wel in een andere stof of kleur). Het korset komt op 600 tot 800 euro, de jurk met 3D-bloemen is uniek en kost rond de 6000 euro. Dat geldt ook voor de gele tulen jurk, waarvoor honderden ruches werden gemaakt, die er daarna met de hand werden opgezet. Een monikkenwerk.

Na haar cum laude afstuderen aan het Amfi werkte Van Zalinge vier jaar freelance voor uiteenlopende bedrijven – van Viktor & Rolf tot de Hema – maakte ze yogakleding, tassen en mannenondergoed, ‘overal een beetje proeven en kijken’. Sinds 2016 presenteert ze eenmaal per jaar een couturecollectie, daarbij doet ze creatieve samenwerkingen. Zo ontwikkelde ze voor G-Star een bietenextract waarmee denim op duurzame wijze roze kan worden geverfd. Voor het Eurovisie Songfestival in 2021 maakte ze Edsilia Rombleys blauwe finalepak. Voor het Wereld Natuur Fonds ontwikkelde ze onlangs een duurzaam T-shirt in verband met het jaar van de tijger.

Spakenburg

Haar ontwerpen zijn aangekocht door het ­Centraal Museum Utrecht en het Amsterdam Museum. In de Alte Pinakothek, zeg maar het Rijksmuseum van München, stond haar jacquardgebreide sweaterdress met een afbeelding van het meisje met de parel (gemaakt in samenwerking met het Textielmuseum in Tilburg) naast het schilderij van Vermeer.

Daarnaast wordt haar kleding veel geleend door stilisten, zo ook voor het recente Cannes Film Festival, onder meer voor Maan. Laatst droeg de zangeres het bodywarmerkorset, met een broek, tas en schoenen. Die laatste zijn een samenwerking met Sophie Tiné uit Utrecht. “Zij heeft van kapotte houten klompen uit de toeristenindustrie sneakersandalen gemaakt. Daar hebben wij weer schoenaccessoires bij gemaakt.”

“Ik ben altijd bezig met het verwerken van streekdrachten in mijn collecties. Wat ik daarmee heb? Tijdens mijn studie moest ik er verplicht onderzoek naar doen. Ik weet het nog goed: ik trok het lootje met de Spakenburgse kraplap. Moest ik er als hippe modestudent ook nog heen, totaal geen zin in die oude stoffige meuk natuurlijk. Maar ik heb daar een dag doorgebracht met een vrouw die al haar hele leven in streekdracht liep. Hoe ze de stuks opvouwde, de betekenis van de symbolen, dat haar moeder ­bepaalde onderdelen had gemaakt, zij de rest. Ik zat echt met een brok in mijn keel in de bus op weg naar huis.”

“Ik vond het vooral bijzonder hoe die gesloten vrouw communiceerde via haar kleding. Het handwerk, álles heeft een verhaal. Ik ben daarna vaak te vinden geweest in het Openlucht­museum Arnhem, daar hebben ze ook een streekdrachtbibliotheek. Het Klederdracht­museum aan de Herengracht heeft helaas de pandemie niet overleefd. Als er één onderdeel telkens terugkomt in mijn ontwerpen, dan is het wel de kraplap: altijd dat harde, gesteven ­materiaal en die grote ronde vormen. En ook mijn handmatige plissétechniek komt uit streekdracht voort.”

Waar ziet ze zichzelf over vijf jaar? “Dan hoop ik een gezond bedrijf te hebben in Kopenhagen. De Deense cultuur trekt me, en ook de merken die er vandaan komen: Cecilie Bahnsen, Ganni, Mother of Pearl heeft er vaak geshowd. Mijn ­collecties zijn niet Scandinavisch minimalistisch, maar het volumineuze silhouet komt wel overeen. Nóg een droom: een keer koffie­drinken met mijn allergrootste voorbeeld Stella McCartney. Dream big!

Tess van Zalinge: 'Als er één onderdeel telkens terugkomt in mijn ontwerpen, dan is het wel de kraplap: altijd dat harde, gesteven ­materiaal en die grote ronde vormen.' Beeld
Tess van Zalinge: 'Als er één onderdeel telkens terugkomt in mijn ontwerpen, dan is het wel de kraplap: altijd dat harde, gesteven ­materiaal en die grote ronde vormen.'

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden