PlusAchtergrond

Coronamaatregelen voor mensen met een beperking: ‘Ik weet de weg niet meer’

Terrassen op de stoep, andere in- en uitgangen bij het ov en geen voelbare geleidelijnen. Bij de aanpassingen rond corona is te weinig rekening gehouden met mensen met een beperking. ‘Ik kan nu niet zonder begeleiding naar de winkel.’

Beeld Rosa Snijders

“Bij de tram stapte ik vroeger voorin in, bij de bestuur­der. Die instapplek was vaak aangegeven met voelbare tegels en een duidelijk merkteken tussen de rails,” zegt Berry den Brinker, onderzoeker aan de VU Amsterdam. Hij is visueel beperkt. “Nu moet ik zelf uitvinden waar de deur is. Die kan ik niet zien en bij elke tram is het weer anders.”

De coronaprotocollen schrijven nu nog voor dat reizigers niet meer bij de bestuurder mogen instappen. Op het eerste gezicht een kleine aanpassing, maar mensen met een beperking worden hierdoor buitenspel gezet. Het is de zoveelste aanpassing waarbij met hen geen rekening is gehouden.

Den Brinker tikt vaak met zijn stok tegen de zijkant van de tram om te voorkomen dat de tram wegrijdt voor hij de ingang heeft gevonden. “Dat zijn dingen waar niet over is nagedacht. Net als de verruiming van het terrasbeleid. Ik weet mijn weg wel in de buurt, maar door alle regels staan er ineens tafels en stoelen op de stoep.”

Buitengesloten

Den Brinker vindt het kwalijk dat niemand heeft gedacht: hoe gaan mensen met een beperking om met veranderingen in de openbare ruimte? Hij doet al jaren onderzoek naar de fysieke toegankelijkheid in de openbare ruimte en verbaast zich nog steeds over hoe mensen met een beperking worden buitengesloten. “Voor de coronamaatregelen in werking traden, was het al lastig. Nu maak ik me nog meer zorgen.”

Ook het College voor de Rechten van de Mens sloeg hierom alarm. Vorige week riep het college op de coronaprotocollen aan te passen en rekening te houden met mensen met een beperking. Het College houdt toezicht op de uitvoering van het VN-verdrag Handicap. Daarin staat dat mensen met een beperking ook zelfstandig moeten kunnen deelnemen aan de samenleving. Ook in tijden van corona moet dat worden nageleefd, zegt Nacha Rakraki, woordvoerder van het College. “Om discriminatie van mensen met een beperking te voorkomen.”

Eenzamer dan voor de crisis

Dat het verdrag niet wordt nageleefd, merkt de 39-jarige Jennifer Brouwer ook aan den lijve. De administratief medewerker uit Nieuw-West heeft MS en is slechtziend. “Ik kom nu heel weinig buiten. Ik moet voorzichtig zijn vanwege mijn gezondheid en mijn zicht is niet goed. Laatst was ik wel even op het Osdorpplein, omdat ik iets nodig had. Daar staat alleen met pijlen en kruizen aangeven waar ik wel en niet mag komen. Zonder begeleiding van mijn vriend kan ik daar dus niet zijn. Ik ben mijn autonomie kwijt.”

Toch vindt Brouwer dat ze activiteiten – zoals even naar de winkel gaan – moet blijven ondernemen. “Anders kom ik nog verder buiten de maatschappij te staan.”

Het is een zorgwekkende situatie: uit onderzoek van Ieder(in), de landelijke belangenorganisatie voor mensen met een beperking, blijkt dat 45 procent van de tweeduizend ondervraagden zich eenzamer voelt sinds de crisis. De woordvoerder van de organisatie, Renée Tuijnman, vindt het ernstig om te zien hoe mensen met een beperking niet betrokken worden bij de nieuwe protocollen. “Zij hebben ook een stem. Deze aanpassingen hebben een enorme impact om het leven van mensen. Sommigen kunnen van de ene op de andere dag de deur niet uit.”

Rolstoel

Behalve fysieke aanpassingen is ook de 1,5 meterregel een knelpunt. “Sommigen zitten in een rolstoel die niet goed wendbaar is. Zij kunnen niet even snel uitwijken op de smalle stoepen en zijn ook bang om het virus te krijgen. Wat als anderen te dichtbij komen? We kennen mensen die hierdoor al maanden in isolatie zitten.”

Tuijnman: “Mensen met een handicap zijn ook onderdeel van de samenleving. Betrek ze bij het maken van protocollen. Zij weten zelf het beste welke problemen ze tegenkomen. Zo hoef je niet achteraf dingen aan te passen of mensen buiten te sluiten. Dat scheelt tijd, moeite en ongemak.”

‘De communicatie is erg visueel’ 

“We begrijpen dat de herinrichting van de openbare ruimte lastig is voor mensen met een beperking,” aldus wethouder Sharon Dijksma. “Overal in de samenleving komen afscheidingen, waarschuwingen, nieuwe huisregels en eenrichtingsverkeer. De communicatie hierover is erg visueel. Dat is een obstakel voor mensen met een visuele beperking.”

De gemeente doet ‘haar uiterste best om de mobiliteit van deze groep Amsterdammers zo goed mogelijk te faciliteren’. “We monitoren de situatie en kijken waar verbeteringen kunnen worden aangebracht.”

Ook het GVB en brancheorganisatie OV-NL, Openbaar vervoer Nederland, weten dat het niet altijd goed gaat. Maar het is geen onwil, zegt een woordvoerder van het GVB. “De situatie is voor iedereen nieuw. We trainen onze medewerkers om extra alert te zijn.”

OV-NL laat weten dat er in de protocollen wel aan de minder validen is gedacht, maar ‘de uitvoering ligt bij de vervoersorganisaties zelf’.

Beide organisaties dringen erop aan dat mensen die hinder ondervinden dat melden. Het GVB: “Het laatste wat we willen is dat de groep die kwetsbaar is nog kwetsbaarder wordt.”

Uit onderzoek van TNO blijkt dat kuchschermen, goede ventilatie en regelmatige schoonmaak de kans op blootstelling aan het coronavirus verkleinen. De brancheorganisatie gaat daarom 6000 kuchschermen bestellen. Reizigers kunnen dan als vanouds weer voorin instappen. Als het goed is, is dat binnen drie maanden weer mogelijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden