Amsterdam Bewaar

College erkent problemen naoorlogse wandkunst

Het Ziekenhuisbezoek van Lex Horn, herplaatst in het AMC
Het Ziekenhuisbezoek van Lex Horn, herplaatst in het AMC © Het Parool

Het college van burgemeester en wethouders onderkent de waarde van monumentale wandkunst uit de naoorlogse periode, maar heeft niet de financiële middelen om de voorgestelde maatregelen van SP, PvdA en D66 uit te voeren.

Dat blijkt uit de brief van het college van Amsterdam aan de gemeenteraad waarin uitgebreid wordt gereageerd op het raadsinitiatief om alle kunstwerken op te sporen en te behouden. De drie partijen trokken aan de bel, omdat kunst uit de tijd van de wederopbouw van Nederland (1945-1960) stap voor stap in stortbakken dreigt te belanden.

Glasramen en sculpturen
De nieuwe gebouwen die in deze groeiperiode van de stad uit de grond schoten, werden door eigentijdse kunstenaars voorzien van mozaïeken, glasramen en sculpturen.

Veel van deze kunstwerken zijn in niet-monumentale gebouwen aangebracht en daardoor niet gedocumenteerd. Van de kunstwerken in monumenten bestaat wel een volledig beeld. Om een beeld van alle kunstwerken uit de naoorlogse periode te krijgen, is een grondige inventarisatie nodig. Het college erkent dat deze inventarisatie nodig is, maar de financiële middelen zijn niet voorhanden.

Werken verdwijnen
Een groot gedeelte van deze niet-monumentale panden zijn aan vervanging toe, of worden gesloopt. Omdat niemand in Amsterdam exact weet wat er in de stad nog aan naoorlogse kunst is, dreigt het gevaar dat de werken verdwijnen.

Het college staat erop dat de kunst zoveel mogelijk behouden wordt ter plaatse. Het uitnemen, herplaatsen of opslaan van kunstwerken is slecht voor de fysieke conditie en bovendien kostbaar. Met andere partijen, zoals de commissie Welstand en Monumenten en vastgoedspecialisten, moet getracht worden het erfgoed zo goed mogelijk te beschermen. Eventueel aanwezige kunst moet in een vroeg stadium worden aangekaart zodat het behouden kan blijven.