Bubbels in Westerdok moeten afvalstroom naar IJ en zee tegengaan

De fuik bij het Westerdoks­plein, waar het afval door de belletjes naartoe wordt gedreven. Beeld Jakob Van Vliet

Een onderwaterscherm van luchtbellen in het Westerdok moet voorkomen dat plastic en andere rommel in zee komt. Werkt het?

Het is de vangst van één dag: blikjes, piepschuim, een pak vla, een pen, een paar plankjes en een heleboel kleiner grut. Allemaal rommel die door een onderwaterscherm van lucht­bellen in het Westerdok in een soort fuik is gedreven. Vandaag is het systeem officieel in gebruik genomen door waterschap Amstel, Gooi en Vecht en de gemeente.

Het is een vinding van The Great Bubble ­Barrier, een Amsterdamse start-up, alweer een jaar of vier geleden begonnen door Saskia Studer, Anne Marieke Eveleens en Francis Zoet. Op de bodem van het Westerdok ligt hun eerste systeem dat de testfase voorbij is. Hier, schuin aan de overkant van het IJ, kwamen ze op het idee, uit ergernis over de rommel die aanspoelde op de kade bij Overhoeks.

‘Alle hens aan dek’

Zie het als een tuinslang met gaatjes erin, maar dan 60 meter lang. Plastic dat door de stroming vanuit de Korte Prinsengracht richting het IJ stroomt, loopt net voor de Westerdoksdijk stuk op de luchtbelletjes die opkringelen vanaf de bodem. Vanaf de wal zijn de bellen duidelijk te zien. Vissen en de scheepvaart hebben nergens last van. De afstelling luistert nauw en is afhankelijk van de bodem, de diepte en de stroom­snelheid. Gisteren was de start-up nog bezig met een laatste test, met mandarijnen. Bijna allemaal eindigden ze in het opvangsysteem.

Dat geldt voor 86 procent van het drijfvuil, blijkt uit tests bij Kampen en Wervershoof. De Amsterdamse grachten zijn echter een lastig geval, legt Zoet uit. De stroming gaat niet permanent dezelfde kant op. De komende drie jaar wordt het systeem voortdurend gemonitord.

Dan nog moet blijken hoeveel effect het bellenscherm hier sorteert. De grachtengordel komt op nog zes plekken uit op het IJ. Hooguit zo’n 15 procent van het water passeert deze plek. Het lijkt logischer een bellenscherm in het Noordzeekanaal te leggen, maar dat is te simpel gedacht, zegt Zoet. “Het Noordzeekanaal is minstens 13 meter diep en er is in Europa geen laboratorium om met zo diep water te testen.”

Zoet geeft meteen toe dat de aanwas van de plasticsoep vanuit Amsterdam en het IJ in het niet valt bij rivieren in Azië. Boyan Slat, de Delftse initiatiefnemer om de plasticsoep in de Grote Oceaan op te ruimen, kwam onlangs met het plan daar de plastictoestroom te stoppen met de Interceptor, een soort varende robotstofzuiger. Zoet denkt de plasticvervuiling zo groot is dat er ruimte is voor meerdere innovaties. “Het is alle hens aan dek.”

Intussen bereidt ook The Great Bubble Barrier zich voor om het groter aan te pakken. Volgend jaar staat een bellenscherm buiten Nederland op het programma. In 2022 willen ze naar Azië.

The Great Bubble Barrier: om het bubbelscherm te creëren wordt een buis met gaatjes op de bodem geplaatst waar lucht door wordt gepompt.

Graphic: Laura van der Bijl

Maar is Amsterdam nou de meest logische plek voor zo’n bellenscherm? Drijfvuilvissers van Waternet halen hier al elke dag 3500 kilo afval uit het water, 42.000 kilo plastic per jaar. “Dat is alleen tijdens werktijden, terwijl vooral in de zomer ’s avonds en in het weekend de meeste rommel in het water komt,” zegt Zoet. Verder vangt The Great Bubble Barrier ook plasticdeeltjes weg die schuilgaan onder de waterlijn, tot 3 millimeter klein in dit geval.

Bewustwording

“We zien onszelf niet als dé oplossing voor de plasticsoep,” zegt Zoet. Deze prominente plek in Amsterdam langs de route van veel rondvaartboten was ook wel erg aantrekkelijk omdat het bellenscherm hier het publiek attent kan maken op plasticvervuiling. “We zijn het er allemaal over eens dat de echte oplossing zit in bewustwording: we moeten minder plastic gebruiken en er verstandig mee omgaan.”

Het bellenscherm kost in dit specifieke geval 3 ton, zegt waterschaps­bestuurder Sander Mager. “Plastic is een groot probleem. Dat vinden niet alleen de waterschappen, maar ook steeds meer inwoners van Amsterdam.” Hij noemt het een pre dat ook kleine plasticdeeltjes worden tegengehouden. “Juist die zijn schadelijk voor het waterleven.”

Als dit een succes blijkt, ziet hij ook mogelijkheden voor de overige plekken waar de grachten uitkomen op het IJ. “Wat mij betreft blijft het hier niet bij.” Ook hij noemt nadrukkelijk de bewustwording als reden voor het plaatsen van het bellenscherm. “Ik wil beslist niet suggereren dat dit het plasticprobleem oplost.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden