Frederieke Pijbes, huisarts in Nieuw-West.

PlusAchtergrond

Bij de huisarts in Nieuw-West heeft de coronacrisis een ander gezicht dan in Zuid

Frederieke Pijbes, huisarts in Nieuw-West.Beeld Desiré van den Berg

In een huisartsenpraktijk in Nieuw-West heeft de coronacrisis een heel ander gezicht dan bij de dokter in Zuid. De beroepsgroep ziet hoe kwetsbaren het hardst worden geraakt, en de kloof in Amsterdam groeit.

Over twintig jaar, als de coronacrisis een verhaal uit de oude doos is, kan Frederieke ­Pijbes (52), huisarts in Nieuw-West, zich waarschijnlijk nog wel die ene alleenstaande moeder herinneren. Ze kwam met hoofdpijn naar het spreekuur. Pijbes vroeg door, want huisartsen hebben hun voelsprieten deze ­dagen op scherp staan als het om mogelijke stressklachten gaat. “Ze bleek een moeder te zijn van vijf kinderen in een tweekamerwoning. In de winter, zonder school. Hartverscheurend. En dan komt zij bij mij met hoofdpijn en klachten. Dat is normaal al ingewikkeld. Maar nu... Wat moet ik zeggen? En wat heb ik te bieden? Normaal zeg je dan: zorg dat de kinderen wat te doen hebben. Maar hoe moet ze dat in een lockdown organiseren?”

Dat de scholen al een tijdje open zijn voor kwetsbare kinderen, en binnenkort voor alle ­basisschoolkinderen, is voor Pijbes een grote opluchting. Maar dan nog is er zo veel waarbij ze machteloos staat.

Neem die ene dierbare patiënt, een man die thuis voor zijn vrouw met dementie zorgt. “Hij redde het nét met de dagopvang, de hulp van thuiszorg en de kinderen.” Maar toen kwam corona. De dagopvang ging deels dicht, de thuiszorg kon minder vaak komen en de kinderen bleven vaker weg, omdat ze geen corona wilden brengen. “Die eenzaamheid in ellende. Dat zie je vaak. Waardoor je als dokter heel gefrustreerd raakt. Normaal zeg je: dan regel ik meer thuiszorg of ik bel een vrijwilliger. Of: gaat u maar naar dat clubje of naar die praatgroep. Maar dat is er allemaal niet meer. Mensen worden op zichzelf teruggeworpen.”

Zo kan ze nog even doorgaan: de zorgen die ze heeft over de depressieve moeder met een huilbaby, de patiënten die net psychisch waren ­opgekrabbeld en weer keihard terugvallen, de lange wachttijd voor de GGZ. Maar ook zoiets banaals als waar haalt een oudere dame, die niet handig is met webshops, nu haar pantykousjes vandaan? Nergens. “Ouderen die uit angst voor het virus nu zo geïsoleerd leven dat alle franje van het leven weg is. Ze zeggen: ‘Van mij hoeft het niet meer’.”

In huisartsenpraktijk Meijman & Pijbes, ­tussen de portiekflats van Osdorp, komt het ­allemaal ter tafel. Schoorvoetend vaak, want er is schaamte. “We spelen allemaal mooi weer naar buiten, maar in sommige culturen is dat sterker: dat je alles doet om de vuile was binnen te houden. Corona hoort bij de vuile was.”

De praktijk is in die zin een thermometer voor de buurt. Vroeg of laat wandelen de maatschappelijke problemen binnen op het spreekuur. Laatst was er een digitale bijeenkomst met huisartsen uit de stad. Daar werd duidelijk dat huisartsen uit verschillende delen van de stad de coronacrisis anders krijgen opgediend. Waar een huisarts in een achterstandswijk moeilijk kan beeldbellen vanwege gebrek aan wifi of computers bij de patiënten, bestaat het werk van een huisarts uit het centrum voor de helft uit het beantwoorden van e-consulten.

“Als je in een slecht huwelijk gevangen zit, is het ook prettig om even naar de dokter te gaan,” zegt Pijbes. “Maar als je een flitsende baan op de Zuidas hebt, is het handig als je tussen twee meetings door via de mail je pukkeltje aan de huisarts kan laten zien.”

Exponentieel kwetsbaar

Pijbes krijgt hooguit twee e-consulten per dag. “In onze buurt kunnen veel mensen hun medische vraag niet goed opschrijven.” Hoewel ze veel problemen hoort, vreest ze dat er nog veel verborgen blijven achter de gesloten deuren en gordijnen. “Mensen wonen hier kleiner, hebben minder te besteden, zijn vaker laaggeletterd, wonen vaak met veel mensen bij elkaar. Mensen hebben in deze buurt meer chronische ziektes zoals overgewicht, suikerziekte en longpro­blemen. Ze zijn dus in veel opzichten bijna exponentieel kwetsbaar. Opgeteld dragen al die kwetsbaarheden in zo’n wijk ook nog bij aan het krijgen van corona en de ernst van covid.”

Het verhaal van Pijbes is in lijn met de con­clusie uit het rapport ‘Verder kijken dan corona’, over de toekomst van onze gezondheid van het RIVM, dat in november stelde dat het virus als een vliegwiel werkt voor de al veel langer bestaande gezondheidsverschillen. Voor corona hadden hoogopgeleiden in Nederland al veertien gezonde levensjaren meer dan laagopgeleiden. Als er geen koerswijziging komt, worden die verschillen de komende jaren alleen maar groter, stelt het RIVM in het rapport.

Uit de online bijeenkomsten met Amsterdamse huisartsen rees ook het beeld dat praktijken in achterstandswijken meer ernstig zieke covidpatiënten zien. Onder de 5900 patiënten van de praktijk van Meijman en Pijbes zijn 4 mensen aan Covid-19 overleden, 25 patiënten zijn in het ziekenhuis opgenomen, van wie 10 op de ic. “Ik heb er geen onderzoek naar gedaan, maar ik hoor wel van collega’s uit Centrum en Zuid dat geen van hun patiënten op de ic is opgenomen.”

Dat er grote verschillen zijn, daar kijkt Jochen Mierau, hoogleraar economie van de Volks­gezondheid bij de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk­directeur van de Aletta ­Jacobs School of Public Health, niet van op. Hij verwijst naar internationale studies waar dat ook uit blijkt. “De kans op overlijden van iemand die in Engeland in een achterstandswijk woont, is twee keer zo groot als van iemand die in een welvarende buurt woont. Dat kan niet alleen aan de leefstijl liggen.”

Lager opgeleiden of mensen met een lager inkomen worden niet alleen zieker van het virus, omdat ze vaker chronische ziektes hebben, ze lopen ook meer risico om besmet te raken. In kleine woningen kunnen gezinsleden immers moeilijker afstand houden. Veel hoogopge­leiden zijn ook nog in de luxepositie hun werk thuis achter hun laptop te kunnen doen. Dat geldt niet voor pakweg een caissière of een taxichauffeur. “Social distancing is een luxegoed.”

De coronacrisis zet volgens Mierau een vergrootglas op ongelijkheid. “Je ziet dat kwetsbare mensen nu harder geraakt worden door het ­virus en de maatregelen en straks door de economische klap die ons te wachten staat.”

Pijbes maakt zich ook grote zorgen. “Het leed aan de achterkant houdt mij erg bezig. De schade ten gevolge van de maatregelen krijgt nu wel meer aandacht, maar het is naar mijn smaak nog altijd dramatisch onderbelicht.”

Ze ziet dat de kwetsbare groep ‘een driedubbele klap krijgt’. “Dan denk ik aan de kinderen die maandenlang zogenaamd thuisonderwijs kregen. Daar gaan we de komende jaren de problemen van zien. Dan denk ik aan ook aan het gezin dat in de schulden raakt, omdat moeder die kapster is, geen compensatie krijgt omdat haar man 1600 euro verdient. Ik denk aan de mensen die nog lange tijd klachten overhouden van covid, omdat ze mede door hun zwakke gezondheid heel erg ziek zijn geworden van het virus.”

Ze vreest de economische crisis en de bezui­nigingen die ongetwijfeld zullen komen. “Welzijnswerk is heel belangrijk in deze wijk. Maar ook schuldsanering en buurtcentra. Ik maak me grote zorgen dat die van het toneel verdwijnen als we moeten gaan bezuinigen. Als dat gebeurt, zijn onze patiënten nog meer de dupe van deze hele crisis.”

Patty Grannetia is antroposofisch huisarts in Oud-Zuid. Beeld Desiré van den Berg
Patty Grannetia is antroposofisch huisarts in Oud-Zuid.Beeld Desiré van den Berg

Huisarts Patty Grannetia (61), Johannes Verhulststraat, Oud-Zuid.

Huisarts Patty Grannetia (61) zit aan de chique Johannes Verhulststraat in Zuid. Een straat waar, als je bij de statige panden naar binnen tuurt, de visgraatvloeren en zwarte, metalen portalen elkaar opvolgen. Genoeg ruimte voor thuisonderwijs en ongetwijfeld genoeg iPads en laptops voor hetzelfde doel. En hoogopgeleide ouders om te helpen, en anders wel een oppas.

Ze realiseert zich dat haar collega’s in achterstandswijken ‘een heel ander verhaal hebben’. Waarmee ze de problemen in Zuid niet wil bagatelliseren. “Ik heb veel patiënten die in de kunst en cultuur werken. Veel zzp’ers ook. Ondernemers die het water aan de lippen staat. Telkens hoor ik weer: dit moet niet te lang duren.”

Elk consult bij antroposofisch huisarts Grannetia begint dan ook met de vraag: “Red jij het een beetje in coronatijd?” De een wel. Die doodt de tijd met Netflix of een goed boek. De ­ander – en dat lijken er de laatste tijd steeds meer – redt het niet. Niet zelden volgt dan een stressgerelateerde klacht. Opvallend genoeg komen er, in deze stressvolle tijd, weinig patiënten bij haar met depressieve gevoelens. “Dat valt me echt mee.”

Al weet ze natuurlijk niet wat ze niet ziet. Dat baart haar zorgen. “Tijdens de eerste golf was het griezelig rustig in de praktijk. Ik dacht: ‘Hállo, gaat het wel? Later bleek dat een paar ­patiënten met kwaadaardigheden te lang hebben gewacht met een afspraak. Nu is de boodschap: kom in vredesnaam. Trek aan de bel als er wat is.”

Geen peil op te trekken

Grannetia heeft een gemêleerd patiëntenbestand – ‘van advocaat tot timmerman’ – maar wat ze met elkaar gemeen hebben, is dat ze voor een ­antroposofische en daarmee gezonde leefstijl hebben gekozen. “Wie gezond leeft, loopt minder risico om ernstig ziek te worden van Covid-19. Van mijn patiënten zijn twee 95-plussers overleden aan de gevolgen van het virus. Hoe treurig ook, op die leeftijd kun je dat verwachten. Maar ik heb ook patiënten van tachtigplus die er doorheen zijn gekomen, een met flinke diabetes die het gewoon heeft gered en vele zestigers die het als een vette griep doorlopen. Maar ook iemand van wie ik niet zou verwachten dat het hem hard zou treffen, maar hij ligt al een maand op de ic. Soms is er geen peil op te trekken. Maar in zijn algemeenheid geloof ik dat leefstijl ongelooflijk veel uitmaakt.”

Het irriteert haar dan ook dat het ­advies tot een gezondere leefstijl zo weinig ruimte krijgt in de perscon­ferenties. “Daar valt zó veel winst te boeken.”

Addy van der Woude houdt praktijk in Zuidoost. Beeld Desiré van den Berg
Addy van der Woude houdt praktijk in Zuidoost.Beeld Desiré van den Berg

Huisarts Addy van der Woude (37), Ganzenhoef, Zuidoost.

Probeer je eens voor te stellen dat je in Frankrijk zit, het Frans niet machtig bent en niet weet waar je naartoe moet als je ziek bent? “Dan sta je ­hartstikke achter,” zegt Addy van der Woude (37) van Huisartsen Ganzenhoef in Zuidoost, die probeert te schetsen hoe een deel van haar ­patiënten in deze gezondheidscrisis ronddoolt. Tel daarbij op dat je laaggeletterd bent, niet weet hoe je lichaam werkt en je niet goed medisch je verhaal kan doen. Dan ben je heel snel verdwaald.

En dan zijn er nog de talloze zorgen, financiële en mentale. Ziehier de cocktail aan problemen die zich elke dag weer in haar spreekkamer presenteert. Uitwassen die zich vertalen naar vele persoonlijke drama’s. “Dan denk ik aan de huilende moeder die zich geen raad meer weet met haar ­zeven kinderen die niet naar school mogen. Dan denk ik ook aan de vrouw die, omdat ze hele dag moet thuiswerken, niet weg kan bij haar drinkende man.”

Ze ziet in haar spreekkamer veel ‘moedeloosheid’. “Dan zeggen ze: ‘Ze kunnen toch niks voor me doen’.”

Van der Woude krijgt geregeld ­patiënten met een hoofdpijn, pijn in de nek en de schouders of buikpijn, waar, na doorvragen toch veel financiële zorgen, huiselijk geweld of ­ander emotioneel leed achter blijkt te zitten. Wie hulp nodig heeft, kan vervolgens naar een van de praktijkondersteuners. Zij hebben zich in korte tijd onmisbaar gemaakt.

Dan is Van der Woude even stil, en zegt ze: “Niet iedereen in de Bijlmer is zielig en arm hoor.” Ze vindt het een prachtige wijk. Met veel gemeenschapszin. “Ik ben trots op onze buurt. Toen in het hele land rellen ­waren, gingen de ouders hier de straat op om die te voorkomen: ‘Niet in onze mooie wijk’.”

Ze werkt zich drie slagen in de rondte – ‘ik heb me ingesteld op een marathon’ – maar, zegt ze: de crisis heeft haar vak rijker gemaakt. “Het is onze specialisatie om verbanden te leggen. Dat is nu juist zo belangrijk. Ik voel me nog nuttiger in mijn rol.”

Hoe zorg je er bijvoorbeeld voor dat mensen zich bij klachten laten testen? Dat is in Centrum en Zuid al moeilijk, maar in deze wijk kan de ­uitslag voor iemand ronduit desastreus zijn. “Iemand die al voor een woekerprijs in een kamer van twee bij twee zit, is bang dat de huurbaas hem eruit gooit als hij corona heeft. Dát zijn de verhalen die ik hoor.”

Geen opgeheven vingertje

Wat zeg je dan als huisarts? Voorkom het opgeheven vingertje, zegt Van der Woude. “Ik zeg dan wel: Het is belangrijk om je te laten testen. Maar dan zeggen ze: als ik corona heb, betaal jij dan mijn huur als ik niet mag werken? Zorg jij dan dat mijn familie me niet met de nek aankijkt?”

Van der Woude werkt mee aan een campagne van de GGD om de Ghanese gemeenschap te informeren over de coronamaatregelen. Ook lokale ­radiozenders en sleutelfiguren in de kerken helpen de boodschap over te brengen.

Hopelijk haalt dat ook iets van de schaamte weg, want die is nog altijd groot, ziet Van der Woude in haar praktijk. “Corona is besmettelijk en mensen zijn bang dat andere mensen hen gaan buitensluiten.”

Wat ook niet helpt, is desinformatie. De maatregelen zijn voor een goedgeïnformeerde burger al moeilijk te volgen, maar voor mensen die de taal niet machtig zijn, is het een dikke mist. Van der Woude: “Laatst vertelde iemand dat het virus met een wattenstaafje binnen wordt gebracht.” De ­reflex is om te zeggen: wat een onzin. “Maar dat heeft geen zin. Wees nieuwsgierig. En probeer te achter­halen: waar komt dit vandaan en hoe kan ik meebewegen? Dat is maatwerk. Luister goed en probeer op die manier dicht bij je patiënt te komen. Opge­heven vingertjes brengen ons nu nergens.”

Huisarts Lucas Viruly zit aan de Kalkmarkt. Beeld Desiré van den Berg
Huisarts Lucas Viruly zit aan de Kalkmarkt.Beeld Desiré van den Berg

Huisarts Lucas Viruly (63), Kalkmarkt, Centrum

Een praktijk van ‘hoeren en hoogleraren’, zegt Lucas Viruly (63) van Huisartsenpraktijk Kalkmarkt in Centrum weleens gekscherend. In een mooi, oud grachtenpand ziet Viruly verschillende horecafamilies, inderdaad een paar sekswerkers, maar ook artiesten, matrozen, musici en andere creatievelingen. “Ook veel mensen die nu moeten sappelen.”

Hoe hij dat weet? “Als een patiënt met maagklachten komt, vraag ik: ‘Waar heb je buikpijn van?’ Dat blijkt dan de spijker op zijn kop. Ze kunnen de hypotheek niet meer betalen en dan blijkt de maagpijn ineens met de girorekening te maken te hebben.”

Viruly ziet veel stress bij ouders die in een kleine woning moeten les­geven én thuiswerken. “Ook hebben we best veel oudere patiënten die zich angstvallig aan de regels houden en daardoor geïsoleerd leven.” Hij heeft een praktijkondersteuner GGZ, een psycholoog, maar ‘die loopt helemaal over’. Zo’n vijftien patiënten staan in de wacht. “Dus als er een patiënt komt die zegt: ik hoor dat jullie een psycholoog hebben, krijg ik een hartzinkgevoel. Dan probeer ik eerst mijn innerlijke amateurpsycholoog in stelling te brengen, maar dat is ook niet ideaal.”

Drie van zijn patiënten – allen zes­tigers met makken als long- of suikerziekte – zijn op de ic terechtgekomen, een van hen heeft het niet gehaald. Vele honderden zijn getroffen door de maatregelen tegen corona. “Ik denk aan een zangeres die niet meer kan optreden. Maar ik denk ook aan een student die het van vmbo naar havo naar vwo schopte en nu thuis zit met al zijn ambitie. Dat joch wil dolgraag verder, maar kan geen kant op. Dat levert veel stress op. Heel triest.”

Foto’s van zwerende nagels

Hij leest ook de berichten in de krant over gemiste kankerdiagnoses, maar hij heeft daar in zijn praktijk nog geen signalen van. Hoe dat kan? Hij denkt dat een groot deel van zijn populatie handig is met digitale consulten. “De foto’s van aambeien en zwerende teennagels rollen hier de hele dag binnen.” Als er een foto van een verdachte vlek binnenkomt, wordt de patiënt op de praktijk uitgenodigd en zo nodig doorverwezen. Dat werkt voor zijn gevoel goed.

Wel denkt Viruly dat de huisarts het ziekenhuis nog meer werk uit handen kan nemen. “Veel controles bij bijvoorbeeld de oncoloog gebeuren nu op afstand. Dan wordt er wel bloed geprikt, maar op afstand kun je niet even aan een buik voelen. Dan denk ik: laat ons dat dan maar doen.”

In de coronacrisis moet de huisarts ook iets scherper selecteren. Last van de heup, dan ga je eerst nog even naar de fysiotherapeut. “Dat houdt het in de ziekenhuizen toch beter behapbaar.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden