PlusInterview

Bewonder onze nationale vogel de grutto voordat hij – voorgoed – is gevlogen

Ruben Smit kan niet wachten. Zijn film gaat pas op 7 juli in première, maar hij moet nú vertellen wat hij bij het maken ervan heeft geleerd over de grutto. Voor het te laat is.

Hans Nijenhuis
null Beeld Ruben Smit
Beeld Ruben Smit

Die film, die zal in de bioscoop heus wel even draaien. Daarna komt hij op tv. En later volgt dan nog een driedelige serie. Maar de hoofdpersoon van die film met eigen ogen aanschouwen, dat kan nú. Want de komende twee maanden is het broedseizoen. Daarna vliegt hij weer weg. En er komen er elk jaar minder terug. Dus of de grutto over een paar jaar ook live te bewonderen valt?

Maar voor we verder gaan over die grutto eerst iets over Ruben Smit. Hij promoveerde aan de Universiteit Wageningen, werd universitair docent, natuurfilmer en oogstte in 2013 alom lof voor De Nieuwe Wildernis, een film met adembenemende beelden vanuit de Oostvaardersplassen. In 2018 volgde WAD, over de wadden. Sindsdien werkt hij met een heel team aan Grutto! De reis van onze nationale vogel.

De nationale vogel, dat is-ie sinds 2015, toen hij bij een verkiezing werd verkozen boven de merel en de huismus. Van alle grutto’s broedt 85 procent in Nederland. Ons typische polderlandschap leent zich bij uitstek voor de grutto, schreef de Vogelbescherming destijds.

null Beeld Ruben Smit
Beeld Ruben Smit

Feiten

Ons typische polderlandschap. Dan denk je aan het rijke boerenleven en zie je hooilanden met boterbloemen, koeien in het gras, een sloot. En grutto’s. Sierlijke steltlopers met die lange snavel, ze maken ook zo’n prachtig herkenbaar geluid. Smit pakt de laptop erbij om alvast wat opnamen te laten zien: je kunt niet anders dan genieten van dit wonderbaarlijke leven.

Dan deelt hij ook wat feiten die bij de aftiteling in beeld zullen komen:

- Sinds 1950 zijn zes op de zeven landbouwbedrijven uit Nederland verdwenen. De overblijvers zijn zes keer zo groot geworden.
- Het overgrote deel van het Nederlandse boerenland is tegenwoordig ongeschikt voor weidevogels door het intensieve agrarisch beheer.
- De kans dat een nest met eieren uitkomt, schommelt tussen 30 en 60 procent.
- Is een ei uitgekomen, dan is de kans dat dat kuiken ook uitvliegt slechts een procent of 10.
- Grutto’s die hun nest of jongen kwijtraken, vertrekken steeds vroeger naar Afrika. Daar komen ze tegenwoordig precies in de zaaitijd van de rijstboeren aan.

Smit scrolt naar zijn beelden uit Senegal. Wat krijgen we nou? Onze nationale vogel is daar een rover. We zien een boerin die haar best doet rijst te planten om haar acht kinderen te eten te geven. Maar zodra zij na gedane arbeid huiswaarts keert, komen de grutto’s tevoorschijn. Ze duiken als sprinkhanen op haar zaad. Als jongens met katapulten de vogels proberen te verjagen, denk je toch even aan die 70 miljoen euro die onze overheid tot 2027 steekt in de bescherming van de grutto en andere weidevogels.

null Beeld Ruben Smit
Beeld Ruben Smit

“Wij noemen het onze nationale vogel, maar het is net zo goed een Afrikaanse vogel,” zegt Ruben Smit. Alleen, vroeger kwamen de grutto’s daar pas in augustus, als het zaad allang was ontkiemd. Vroeger waren de mangrovebossen, waar zij zich voeden, ook nog niet zo aangetast door klimaatverandering. “Er is niet een mensenwereld en een dierenwereld, er is maar één wereld,” zegt Smit.

Boeren

Maar zoals hij in De Nieuwe Wildernis de vos niet beschuldigde van het eten van de gans - hij liet het wel tot in detail zien - wil de natuurfilmer in Grutto! de boeren niet beschuldigen van het verdrijven van de grutto. “Boeren zitten klem tussen consumenten die de laagste prijs willen betalen en supermarkten die de hoogste marges willen halen.” Smit vertelt hoe er steeds vroeger wordt begonnen met maaien - dan is over een heel seizoen de opbrengst groter. De grutto’s zitten nog op hun nestje in de wei. Stel dat ze de messen van de machines overleven, dan komen de kuikens tot de ontdekking dat ook de bloemen zijn weggemaaid. En daarop hadden de insecten moeten afkomen die zij eten.

En dan is er de overbemesting, die de grond uiteindelijk armer maakt. Een grutto eet wel vijf verschillende soorten wormen, op de meeste weidegronden zijn er slechts twee over. “Loop even mee,” zegt Smit. “Kijk, daar achter in de tuin hebben we een waterput. Tot vijf jaar geleden kwam hier natuurzuiver water vanaf de Veluwe naar boven. Nu stinkt het naar zwavel en naar methaan.” Kortom, dat mooie boerenland wat we ons herinneren, het wordt steeds meer ‘grasfalt’. “Daarom zie je ook zoveel ganzen, die gedijen op gras. Koeien met vleugels zijn het.”

null Beeld Ruben Smit
Beeld Ruben Smit

Oergrutto

Is het erg, dat de weidevogel verdwijnt? Zijn aanwezigheid zegt iets over de kwaliteit van de bodem, maar het is wel zo eerlijk om erbij te zeggen dat de grutto niet altijd een weidevogel was. Hij is een weidevogel gewórden. Hij leefde oorspronkelijk in veenmoerassen. De filmploeg is naar Estland geweest om de oergrutto in die omstandigheden vast te leggen. “We hebben precies één paartje gevonden.”

Want in die oorspronkelijke omstandigheden heeft een paartje ruim 1000 hectare nodig om te leven, in de sappige Hollandse weiden slechts 1 hectare. Dus toen de Hollanders moerassen drooglegden, werd voor de grutto geen nieuwe wildernis maar een nieuwe heerlijkheid geschapen. “De grutto heeft dankzij de Nederlanders kunnen opbloeien,” zegt Smit. “En door de Nederlanders wordt hij ook weer verdreven.” Tenzij we iets doen. Hij toont in zijn film dan ook twee boeren die dat proberen. Dát is wat de overheid steunt met subsidies.

Weidegrond

Maar, en dat is het goede nieuws, verdreven worden is iets anders dan uitsterven. Zoals de filmploeg in Estland het verleden van de grutto heeft gezien, heeft ze in IJsland de toekomst kunnen vastleggen. Ook daar verandert het klimaat, met als gevolg dat het er steeds vroeger lente wordt. Het oude moerasland tegen de vulkanen aan is vruchtbaar en kan worden drooggelegd: weidegrond! “Precies zoals bij ons aan het eind van de middeleeuwen gebeurde,” zegt Smit. Zijn in Nederland van de 120.000 paren in 1960 nu minder dan 30.000 over, in IJsland is in dezelfde periode het aantal paren van 5000 gestegen naar 50.000.

Het zou dus kunnen dat over een aantal jaar de grutto de nationale vogel is van IJsland. En de grauwe gans die van ons.

De film ‘Grutto! De reis van onze nationale vogel’ gaat op 7 juli in première in Ede en volgt daarna in vele bioscopen en theaters in het land.

Zoek de grutto in Waterland of ten zuiden van de stad

Waar rond Amsterdam kun je het beste grutto’s spotten? “Dan hoef je helemaal niet ver weg,” zegt Arjan Dwarshuis, wereldrecordhouder vogelspotten en auteur van het boek Zomergasten, doortrekkers en overwinteraars. “Een van de allerbelangrijkste bolwerken van de grutto is Waterland, en dan met name op Marken. Daar is echt een superhoge dichtheid.”

Grutto’s hebben kruidenrijke graslanden nodig met een hoog grondwaterpeil, zodat er veel voedsel in de toplaag zit, zoals wurmpjes en insecten. Dat is op Marken het geval. Door het hoge grondwaterpeil groeit het gras niet zo snel. “Een boer trekt zijn trekker natuurlijk liever niet over kletsnatte grond, dus er wordt ook later in het seizoen gemaaid, als de jongen al volwassen zijn. Op Marken, wat een weidevogelreservaat is, zijn die voorwaarden allemaal aanwezig.”

Een andere hotspot, ten zuiden van Amsterdam, zijn De Ronde Hoep en de Bovenkerkerpolder. “Want daar zitten heel veel welwillende boeren. Er wordt nog weleens met een beschuldigende vinger naar de boer gewezen, maar het is de schuld van een systeem dat wij als maatschappij hebben gecreëerd: zoveel mogelijk produceren voor een zo laag mogelijke prijs. In de Bovenkerkerpolder wordt geprobeerd om op kleinschalige manier het land te beheren, met een eerlijke prijs voor de boeren voor hun producten, waar de consument iets meer voor moet betalen. Die producten zijn niet alleen beter voor de weidevogels, ze smaken ook beter.”

In Oostzaan zijn ook zeker grutto’s te spotten, maar de meeste grutto’s zitten toch echt op Marken en in De Ronde Hoep. Het meest geschikte tijdstip is, zoals met bijna alle vogels, vlak na zonsopgang. “’s Ochtends vroeg, met het eerste licht, is altijd het beste. Dan zijn ze aan het baltsen, hoor je de prachtige geluiden die ze maken en kun je het beste genieten van ze. Het is sowieso een aanrader om met het eerste licht naar buiten te gaan.”

Hans van der Beek

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden