PlusTen Slotte

Anke Kuijpers 1950-2020 Een gekoesterd muzikaal fenomeen

Iedereen verklaarde haar voor gek, maar Anke Kuijpers zag meer dan veertig jaar geleden een markt in oude bladmuziek en begon op haar 27ste Opus 391. Zolang het kon, zou ze doorgaan met haar muziekmagazijn.

Anke Kuijpers.Beeld Carly Wollaert

Ze was pas net 70, maar niet bepaald gezond, zeker niet. Dat zei Anke Kuijpers begin dit jaar in de podcast Zonderlinge Zaakjes. Maar zolang ze door kon gaan met haar muziekmagazijn Opus 391 in de Govert Flinckstraat, ging ze door. Dat was de laatste maanden alleen nog online, ze ontving geen klanten meer en ook telefonisch contact was niet meer mogelijk.

Kuijpers overleed vorige week donderdag en het is nog maar de vraag of haar winkel, met meer dan 40.000 stuks bladmuziek en de laatste in zijn soort in Amsterdam, kan blijven voortbestaan. Ze was ‘in gesprek’, zei ze er zelf over, want ze zou het heel erg vinden als Opus 391 zou verdwijnen. “Het is toch een beetje m’n kindje.”

Een zonderling zaakje was het zeker – helemaal in de wetenschap dat Kuijpers, die vanaf haar zesde ‘toeterde’, zelf altijd muziek uit het hoofd speelde. Kornet, was haar instrument. Ze kwam uit een Leger des Heilsfamilie, vertelde ze drie jaar geleden in een interview met Het Parool. “Dan leer je snel meeblazen.”

Niet muf

Ze woonde boven haar winkel, drie kamers volgepakt met bladmuziek, in wat ooit een rijwielstalling was. Ogenschijnlijk een muffe opslag van oud papier, maar in feite was Opus 391 een enorme digitaal toegankelijke muziekbibliotheek: twee stiefzoontjes hadden haar achter de computer gezet. Ze ontving via haar eenvoudige maar functionele website bestellingen van over de hele wereld.

Kuijpers studeerde muziekwetenschap en begon haar nering in 1977, op het idee gebracht toen ze op een veiling was waar oude dozen bladmuziek voor bijna niets onder de hamer gingen. Vanaf het begin liep haar zaak goed, alleen tijdens de crisis in de jaren tachtig moest ze erbij werken als muziekdocent. “Nieuwe bladmuziek is altijd heel erg duur. Maar als je die dozen met oude bladmuziek uitzoekt en netjes sorteert is er echt een markt voor.” Want ja, er zat wel degelijk systeem in die papierstapels.

Naast de winkel stond ze ook 25 jaar op de Albert Cuypmarkt om de hoek, met bladmuziek en langspeelplaten en later cd’s. Met het ‘salonorkestje’ dat ze met een paar vrienden had opgericht – het Orkest Max Tak, genoemd naar de beroemde musicus, componist en journalist – begeleidde ze zwijgende films, speelde ze op diners dansants en ging op theatertournee.

Ze heeft wel relaties gehad, vertelde ze, maar ‘die waren niet altijd blij met haar levensstijl van spelen en muziek’. Dus bleef ze alleen met haar katten. Ze was locaal actief en in de buurtkrant Bulletin De Pijp had ze zelfs haar eigen rubriek ‘Ankies Muziekie’, waarin ze haar muzikale anekdotes kwijt kon. Daarvan had ze er veel, uit het leven gegrepen van de markante vrouw die ze was en die in De Pijp als fenomeen werd gekoesterd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden