Amsterdamse wetenschappers ontdekken insomnia-genen

Amsterdamse wetenschappers zijn een stap dichter bij de ontrafeling van de genetische aanleg voor slapeloosheid. De slechte slaper is er vooralsnog niet mee geholpen.

De onderzoekers ontdekten dat 956 genen bijdragen aan het risico op slapeloosheid. Ook legden ze gebieden en processen in de hersenen bloot die betrokken zijn bij insomnia. Het 'genpakket' voor slapeloosheid blijkt overeen te komen met het pakket voor depressie en angst.

De studie is gepubliceerd in het hoog aangeschreven Nature Genetics. Uniek aan het onderzoek is dat gegevens van 1,3 miljoen mensen zijn geanalyseerd. Dat was mogelijk door de samenwerking met biobanken, zoals de UKBiobank en 23andMe, een Amerikaanse onderneming.

Als bedrijven samenwerken met universiteiten of publiek gefinancierde onderzoeksinstellingen willen zij daar doorgaans iets voor terug. "In dit geval is dat kennis," zegt Danielle Posthuma, onderzoeker en hoogleraar statistische genetica van de Vrije Universiteit. "Er is geen financiële transactie geweest."

"Het is interessant onderzoek," zegt Hans Hamburger, neuroloog en somnoloog van het Amsterdam Slaap Centrum in Boerhaave MC en niet betrokken bij het project. "Op dit moment kunnen we er echter niets mee om slecht slapen te behandelen."

Mobiele telefoon
Tien procent van de inwoners van de westerse wereld lijdt aan slapeloosheid. Bij 1 tot 3 procent heeft de stoornis een genetische oorzaak. "De rest doet zichzelf slecht slapen aan," aldus Hamburger. "Ze kijken bijvoorbeeld te lang naar Netflix, of blijven ook in de slaapkamer met hun mobiele telefoon in de weer."

De resultaten van het slaaponderzoek vormen aanleiding voor verder onderzoek. "Dit is stap 1," aldus Posthuma. "Er moeten vervolgstappen komen." Op de Vrije Universiteit wordt bij muizen al bekeken of beïnvloeding van de zogenaamde 'medium spiny'-neuronen het slaapgedrag van de dieren kan wijzigen. Op die wijze kunnen de bevindingen in de toekomst mogelijk helpen bij de behandeling van insomnia.

1-3%

Het percentage dat lijdt aan slapeloosheid die wordt veroorzaakt door genetische aanleg. Zij reageren nauwelijks op een behandeling

Gevaren slapeloosheid

Onoplettendheid, agressie in het verkeer en slecht funtioneren op je werk. Het zijn enkele symptomen van een slechte nachtrust. Slecht slapen kan echter ook invloed hebben op de ontwikkeling van ziektes. Zo zijn er onderzoeken die te korte nachtrust linken aan de ziekte van Alzheimer, kanker en diabetes.

Als het lichaam te weinig rust krijgt, verandert dat biologische processen met een grotere kans op ziekten tot gevolg. Overigens heeft niet iedereen die slecht slaapt ook een stoornis. Mensen slapen vaak meer uren dan ze denken. Er is pas sprake van een slaapstoornis als het leidt tot slechter functioneren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.