Nieuws

Amsterdamse scholieren maken inhaalslag, maar verschillen tussen scholen blijven groot

Het overgrote deel van de Amsterdamse basisschoolleerlingen heeft de door de eerste lockdown opgelopen leervertraging ingehaald. Wel zijn er nog steeds grote leergroeiverschillen tussen scholen.

Leerlingen op basisschool De Krijtmolen in Molenwijk.  Beeld Nosh Neneh
Leerlingen op basisschool De Krijtmolen in Molenwijk.Beeld Nosh Neneh

Dat maakt de gemeente bekend in een rapport uitgevoerd door de afdeling Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS), in opdracht van Amsterdamse schoolbesturen.

Na de eerste schoolsluiting van half maart tot half mei 2020 was er bij het merendeel van de leerlingen minder leergroei dan in een normaal schooljaar. Dat gold vooral voor kwetsbare leerlingen en scholen met een leerlingenpopulatie die veel risico hebben op onderwijsachterstanden. Het risico daarop wordt berekend op basis van sociaal-economische gegevens van de ouders, zoals inkomen, opleidingsniveau en schulden.

Nu, een jaar later, blijkt dat een groot deel van de leerlingen een leergroei laat zien die vergelijkbaar is met jaren voor corona. Volgens Onderwijswethouder Marjolein Moorman komt dat onder meer doordat de scholen tijdens de tweede lockdown beter voorbereid waren op online onderwijs.

Zorgelijke verschillen

Toch blijven de verschillen tussen scholen groot: sommige laten gemiddeld een twee keer zo grote leergroei zien als andere scholen met een vergelijkbare leerlingenpopulatie. Ook is de leergroei gemiddeld rond de 10 procent minder op scholen met een groter aandeel in leerlingen met een risico op onderwijsachterstanden. Daar hebben de onderzoekers geen specifieke verklaringen voor, maar zorgelijk is het wel, vindt de wethouder.

“Dit is heel goed nieuws, maar de verschillen blijven te groot en dat laat zien dat structurele investeringen nodig zijn om het onderwijs te versterken,” laat Moorman weten. “Ik maak me grote zorgen om de verschillen in kwaliteit van onderwijs. Dat moet niet afhankelijk zijn van de school waar je naartoe gaat.”

De wethouder vreest ook dat de bredere sociaal-emotionele ontwikkeling van veel leerlingen door het digitale onderwijs te beperkt aan bod is gekomen. Daar zal de komende tijd meer aandacht naar uit moeten gaan, schrijft ze in een brief aan de gemeenteraad.

Bij het onderzoek werd gebruik gemaakt van de gegevens van 167 Amsterdamse basisscholen. De Cito-scores van leerlingen voor rekenen en begrijpend lezen in coronatijd werden vergeleken met de scores in de twee schooljaren voorafgaand aan corona. Omdat 18 procent van de leerlingen geen Cito-toets maakten in het coronajaar, kon de groei voor deze groep niet berekend worden.

In die groep zijn leerlingen met een lage Cito-score in het jaar voor corona oververtegenwoordigd. De redenen waarom ze nu niet zijn getoetst, zijn in het onderzoek niet meegenomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden